Rouwverwerking

Rouwverwerking
1 / 47
volgende
Slide 1: Tekstslide

In deze les zitten 47 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

Onderdelen in deze les

Rouwverwerking

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat gaan we doen vandaag?
- Check in'
- Lesdoelen
- Opdracht vorige keer

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Check in

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

leerdoelen


  • Je kunt een voorbeeld van een rouwmodel noemen en de verschillende fasen uitleggen.
  • Je kunt beschrijven wat de palliatieve en terminale fase van een zorgvrager inhouden.
  • Je kunt benoemen welke factoren invloed hebben op hoe een zorgvrager zijn stervensproces beleeft.
  • Je kunt uitleggen wat het belang is van de vier dimensies van palliatieve en palliatief-terminale zorg.
  • Je kunt benoemen welke disciplines betrokken zijn binnen de palliatieve en palliatief-terminale zorg.
  • Je kunt benoemen wat jouw rol als verzorgende is binnen de palliatieve en palliatief-terminale zorg.





Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 5 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Benoem een  verliessituaties waar jij zelf mee te maken heb gehad.
Beschrijf hoe je hiermee om bent gegaan en of je daarbij hulp hebt gehad.



Verlies gaat niet alleen om dood


Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Omschrijf kort in je eigen woorden wat rouw is?

Slide 7 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Definities van rouw
  • Rouwen is jouw proces om jezelf aan te passen aan die totaal veranderde situatie. 
  • Het totaal van gevoelens, gedachten en gedrag dat ontstaat ten gevolge van het permanent missen van iets of iemand dierbaars.
  • Een combinatie van emotionele, mentale, lichamelijke, spirituele en gedragsmatige reacties op verlies  

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Rouw reactie groepen
emotionele (verdriet, angst, agressie, opluchting, tevredenheid)
mentale (verward, gespannen, hopeloos, zelfmoordgevoelens)
lichamelijke (hoofdpijn, slaapproblemen, eet probleem)
spirituele (eenzaamheid, verlies van levenslust, angst voor eigen  dood)
gedrag (zoekgedrag, nerveus gedrag, opgewonden gedrag)

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Belangrijk bij rouw
- Rouw is geen stappenplan 
- Sommige mensen slaan fasen over
- Sommige mensen blijven lang in een fase hangen 

De 5 fasen zijn herkenbaar in elke emotionele reactie op persoonlijke trauma en verandering.

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Rouw model
Er bestaan verschillende manieren (modellen) die aangeven hoe een rouwproces verloopt. 
Deze modellen kunnen aangeven in welke fase men zit en welke zorg misschien nodig is.

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Opdracht in tweetallen
* Zoek in tweetallen op wat het rouwmodel inhoudt en leg dit op een duidelijke manier in max. 5 min uit aan de rest van de groep.
* Uitwerk tijd: 15 min
* Zodra jullie ingedeeld zijn in groepen, ontvangen jullie van de docent het gekozen rouwmodel.

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

5 fases rouwverwerking

1. Ontkenning
2. Woede
3. Onderhandelen
4. Verdriet en depressie
5. Aanvaarding

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Dr. Elisabeth Kübler-Ross (1926 – 2004) 

Slide 14 - Tekstslide

Elisabeth Kübler-Ross onderscheidde in het rouwproces 5 fasen. Ze beschouwde rouw echter niet als een lineair proces, dat iedereen stap voor stap doorloopt.
Bij iedereen verloopt het rouwproces anders. Sommige mensen slaan fasen over. Anderen blijven lang in één fase hangen of hernemen een eerdere fase. Ook verlieservaringen uit het verleden bepalen mee hoe iemand vandaag omgaat met rouw.
fasen

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

wat is de juiste volgorde van de 5 fasen van rouw volgens Kubler Ross
A
boosheid - gevecht-aanvaarding - depressie-ontkenning
B
begrip- gevecht- boosheid-ontkenning- depressie
C
ontkenning- boosheid- gevecht- aanvaarding-depressie
D
ontkenning-boosheid-gevecht- depressie- aanvaarding

Slide 16 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Stroebe en Schut duaalmodel

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

William Worden

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Modellen
Waar het bij alle modellen op neer komt is een einddoel waarbij het leven doorgaat na het verlies.

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

E learning resultaat inleveren

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

 Interventies 
  • verlies vaststellen en definiëren
  • stimulering tot uiting van gevoelens
  • begrip tonen
  • ondersteuning bij individuele coping strategieën
  • uitleg geven over de fase van rouw
  • stimulering van spirituele/ culturele/ religieuze uitingen
  • bied een luisterend oor aan

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Palliatieve zorg 

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

timer
1:00
Wat weet je al over palliatieve zorg

Slide 24 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Slide 25 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Wat is het doel van palliatieve zorg?

Slide 26 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Doel palliatieve zorg 
Een zo hoog mogelijke kwaliteit van leven te realiseren, 
door te voorkomen en verlichten van lijden. 

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Palliatieve zorg is gericht op?
A
zo lang mogelijk blijven leven
B
kwaliteit van sterven
C
kwaliteit van leven
D
voorbereiden op een operatie

Slide 28 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat kunnen verzorgende taken bij palliatieve zorg zijn?

Slide 29 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Verzorgende taken 
  • Signalerende taken 
  • Uitvoerende taken 
  • Coördinerende taken 

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

4 fasen in de palliatieve zorg
1.ziektegericht:
 de ziekte wordt behandeld zonder dat genezing mogelijk is
2;. symptoomgerichte palliatie
de focus licht op het verlichten en onder controle houden van de symptomen. de ziekte schrijdt voort, de cliënt al verzwakken en minder mobiel worden . de symptomen verergeren en in deze fase worden beslissingen genomen rondom het levenseinde.
3. palliatie in de stervensfase: hier verschuift de aandacht van kwaliteit van leven naar kwaliteit van sterven
4. de nazorg. dit wordt ook gezien als onderdeel van de palliatieve zorg. soms hebben naasten behoefte aan ondersteuning tijdens de rouwarbeid

Slide 32 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

4 dimensies palliatieve zorg
Jij gaat zorg en begeleiding bieden op alle vlakken

Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Palliatieve zorg begint als het moment van sterven dichterbij komt?
A
Juist
B
Onjuist

Slide 34 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Palliatieve zorg heeft ook betrekking op de naasten van de zorgvrager
A
Juist
B
Onjuist

Slide 35 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Kwaliteit van leven is ook afhankelijk van de normen en waarden van de zorgvrager
A
Juist
B
Onjuist

Slide 36 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Palliatieve zorg is gericht op het vergroten van de autonomie van de zorgvrager
A
Juist
B
Onjuist

Slide 37 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Als verzorgende in de terminale zorg hoor je op de hoogte te zijn van gewoontes rond sterven in de meest voorkomende religies
A
Juist
B
Onjuist

Slide 38 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

terminale zorg is gericht op
A
zo lang mogelijk blijven leven
B
kwaliteit van sterven
C
kwaliteit van leven
D
stervensbegeleiding

Slide 39 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is het verschil tussen terminale zorg en palliatieve zorg?

Slide 40 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Het verschil:
Terminale zorg is gericht op de kwaliteit van sterven.
Palliatieve zorg is gericht op de kwaliteit van leven.

Slide 41 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

waar staat palliatieve sedatie voor?
A
verhogen van bewustzijn zodat de zorgvrager zo min mogelijk lijdt
B
om kwaliteit van sterven te verbeteren
C
om kwaliteit van leven te verbeteren
D
verlagen van het bewustzijn zodat de zorgvrager zo min mogelijk lijdt

Slide 42 - Quizvraag

in de volgende dia krijg je uitleg van een arts over palliatieve sedatie
Wetten mbt sterven 
In de Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding wordt euthanasie als volgt omschreven: ‘Het op verzoek van een zorgvrager toepassen van levensbeëindiging door een arts.’ Ook hulp bij zelfdoding door een arts valt voor de wet onder euthanasie. De patiënt neemt dan zelf dodelijke medicijnen in. sinds 2002 van toepassing 
De Wet op de lijkbezorging beschrijft wat er moet gebeuren met een persoon nadat deze dood is geboren of is overleden.
De regels over orgaandonatie staan in de Wet op de orgaandonatie (WOD). Bij orgaandonatie staat iemand na zijn overlijden organen of weefsels af voor transplantatie. 




Slide 43 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Euthanasiewet
Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding trad in werking op 1 april 2002.

Euthanasie en hulp bij zelfdoding zijn strafbaar tenzij
  • Aan 6 zorgvuldigheidscriteria wordt voldaan
  • Uitgevoerd door arts
  • Gemeld aan de gemeentelijk lijkschouwer
  • Euthanasie is een handeling die is voorbehouden aan artsen. Als verzorgende heb je geen bevoegdheid om euthanasie te verlenen en ben je strafbaar als je dat wel doet.

Slide 44 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Rol als professional/ elearning?

Slide 45 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

lesdoelen behaald?

Slide 46 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 47 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies