Geloven (23-24)

Geloof en identiteit
1 / 36
volgende
Slide 1: Tekstslide
BurgerschapMBOStudiejaar 4

In deze les zitten 36 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 4 videos.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Geloof en identiteit

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 2 - Video

Deze slide heeft geen instructies

OPDRACHT: JOUW EIGEN LABEL
  1. Schrijf een woord op dat beschrijft hoe jij denkt dat anderen jou 'onterecht' zien. Dus wat denken ze over jou wat niet klopt.
  2. Laat dit aan je medestudenten zien
  3. Zet een streep door dit woord en schrijf een woord op dat beschrijft hoe jij jezelf ziet.

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Identiteit is een zoektocht
De keuzes die je maakt lijken autonoom te zijn maar je omgeving speelt een grote rol

Jouw keuzes worden vaak beïnvloedt door 
je opvoeding, geloof, cultuur, vrienden, relaties en de maatschappij

Slide 4 - Tekstslide

Uitleg:

Identiteit is een woord dat we vaak horen, maar wat betekent het nu echt? In feite is identiteit wie jij bent – jouw persoonlijkheid, overtuigingen, gewoonten, en de manier waarop je naar de wereld kijkt. Maar hier zit een spanningsveld in: is jouw identiteit iets wat je zelf kiest, of wordt het grotendeels gevormd door je omgeving?

De ontwikkelingspsycholoog Erik Erikson beschreef identiteit als een zoektocht. Vooral in je tienerjaren en jongvolwassenheid ben je bezig met ontdekken wie je bent. Wat vind jij belangrijk? Wat past bij jou? En waarin wil je je onderscheiden van anderen? Dit proces noemde hij identiteitsontwikkeling. Het gaat erom dat je zelf keuzes maakt en ontdekt wie je wilt zijn. (passend in de pubertijd)

Maar tegelijkertijd word je al vanaf je geboorte beïnvloed door allerlei factoren om je heen. Volgens ontwikkelingspsycholoog Harke Bosma (GIDS) ontstaat identiteit juist in interactie met anderen. Je opvoeding, cultuur, religie, vrienden, en de maatschappij waarin je leeft, spelen een grote rol. Denk maar eens na:

Spreek jij een bepaalde taal of dialect? Dat heb je niet zelf gekozen, dat is je meegegeven.
Hoe vier je feestdagen, of vier je ze überhaupt? Dat is grotendeels bepaald door hoe je bent opgevoed.
Wat vind je normaal of vreemd in hoe mensen zich kleden, eten of gedragen? Dat hangt vaak samen met de cultuur waarin je opgroeit.
Soms denken we dat we helemaal zelf bepalen wie we zijn en welke keuzes we maken. Maar als je er goed over nadenkt, besef je dat veel van wat jij denkt, doet en gelooft voortkomt uit dingen die je van huis uit hebt meegekregen. En dat is niet per se slecht. Het kan juist fijn zijn om houvast te hebben aan tradities, normen of waarden die anderen je hebben meegegeven. Maar het is ook interessant om jezelf af en toe de vraag te stellen:

👉 Doe ik dit omdat ik het écht zelf wil? Of omdat het zo hoort in mijn omgeving?

Dat besef helpt je bewuster na te denken over wie je bent en welke keuzes je maakt. En misschien is het niet erg als je keuzes niet altijd volledig autonoom zijn. Soms is het fijn om onderdeel te zijn van iets groters – een familie, een cultuur, een geloof of een groep.

Jouw identiteit is dus een combinatie van zelf ontdekken en wat je meekrijgt. De vraag is: hoeveel van jouw identiteit kies jij zelf, en hoeveel is voorgeleefd?

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Kai Verbij
'Ik ben een mix van twee culturen. Dat heeft iets unieks. Ik spreek nog een andere taal, ik ben in mijn leven vaak in Japan geweest, allemaal mooie gevolgen van mijn afkomst. Maar ik word ook vaak in een hokje gedrukt. Dat is jammer, je wilt niet dat je identiteit bepaald is door waar je vandaan komt. Ik wil gewoon Kai zijn. Niet behandeld worden als Nederlander, of als Japanner, maar gewoon als Kai.” 

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Kleine opdracht
Individueel:
  • Welke drie dingen maken jou tot wie je bent?
  • Welke van deze dingen heb je zelf gekozen en welke zijn je meegegeven?

Is er ook iets waar je over twijfelt of je het hebt gekozen of hebt meegekregen?

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Discussie

"Opgroeien zonder religie is net zo sturend als opgroeien met religie."

Slide 8 - Tekstslide

Hoe voelde het om te kiezen? Dacht je er al zo over of kwam je in twijfel?
Iedereen gelooft (in iets)
Eens
Oneens

Slide 9 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

JA, iedereen gelooft (in iets)
Iedereen is OVERTUIGD van iets dat (er) nu nog niet is
Iedereen VERWACHT iets zonder het zeker te weten

Kunnen geloven onderscheidt ons van dieren
Aan geloven hoeft geen RELIGIE te pas te komen




Slide 10 - Tekstslide

In deze slide kan je ingaan op het idee dat iedereen gelooft. Dit is vaak onbewust. 

Iedereen in de klas gelooft dat ze morgen (of maandag) weer op school zullen zijn, omdat dit de routine is geweest van de afgelopen weken. Kan je dat zeker weten, gezien morgen nog niet daar is? Nee. We verwachten het, geloven het. Zo heb je nog veel meer voorbeelden. 

Wie gelooft er dat hij/zij de opleiding gaat halen/gaat trouwen/ooit kinderen krijgt/etc?

Dus ja, iedereen gelooft. 


Geloven dat er meer is na dit leven is een religieuze gedachte





Maar waarom?

Slide 11 - Tekstslide

Waarom? Omdat het leven na de dood geen empirisch/wetenschappelijk bewijs heeft. 

Dit wil overigens niet zeggen dat het daarom niet kan bestaan, het is simpelweg niet aan te tonen a.d.h.v. wetenschappelijke methodes. 
Noem dingen volgens jou met RELIGIE te maken hebben

Slide 12 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

5

Slide 14 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Waar pas jij het beste bij?
Bij de THEISTEN
Bij de ATHEISTEN
Bij de AGNOSTEN

Slide 16 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

00:18
Dat symbool is je vast bekend MAAR...
Staat dit symbool voor?
A
Tegenovergestelden
B
Licht en Donker
C
Mannelijk en vrouwelijk
D
Goed en kwaad

Slide 17 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

00:29
De ster die hier is afgebeeld heet ook wel...
A
De Jodenster
B
Een pentagram
C
De Davidsster
D
Israël

Slide 18 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

00:41
Dit is het symbool van het
A
Boeddhisme
B
Hindoeisme
C
Verschillende Oosterse religies
D
Verschillende Midden-oosterse religies

Slide 19 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

00:53
Het kruis dat je hier ziet was zo'n 2000 jaar geleden...
A
Een symbool voor de dood
B
Een methode om iemand te martelen
C
Het symbool van Jezus
D
Een symbool voor de kerk

Slide 20 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

01:05
De maan in dit symbool noemen we ook wel...
A
De nieuwe maan
B
Een halve maan
C
Een wassende maan
D
De Turkse maan

Slide 21 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Terugblik
Geloven (of niet geloven) als onderdeel van je identiteit
Iedereen geloof in iets
Theïst, atheïst, agnost
Invloed ouders en omgeving
Religieuze symbolen

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Deze les
Godsdienstvrijheid
Vroeger en nu
Religie en levensvragen
Zingeving

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Even herhalen? Na dit leven...
Gaat het licht uit and that's it
Komen we terug op aarde in een nieuw leven
Wacht ons een hemel of een hel
Gaan we naar een betere plek
Iets anders

Slide 25 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

In Nederland is er sprake van religieuze vrijheid/Godsdienstvrijheid.
Wat houdt dat volgens jou in?

Slide 26 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat doet religie?
Religie probeert antwoorden te geven op grote levensvragen:

  • Waar komt alles, het leven, vandaan?
  • Waarom ben ik hier, wat is het doel van mijn leven?
  • Hoe hoor ik te leven, wat is goed en slecht?
  • Wat komt er na de dood?

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Vroeger 
Vroeger bepaalde je geloof je hele leven: school, werk, krant, omroep (katholiek, protestants, socialistisch, liberaal).
Gemeenschappen boden duidelijke antwoorden op levensvragen. 
 









Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Nu
Hedendaagse Zingeving
Minder vaste zuilen, meer persoonlijke keuzes.
Mensen halen zingeving uit spiritualiteit, mindfulness, zelfontwikkeling, sociale media, online communities, influencers, of zelfs sport en fandoms.

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

In twee- of drietallen
Waar haal jij je zingeving uit?

Op welke manier heeft dit invloed op:

  • Dagelijkse keuzes (voeding, kleding, feestdagen, ethiek)
  • Gemeenschap & identiteit (verbondenheid, normen & waarden)
  • Rituelen & symbolen (bidden, mediteren, kledingvoorschriften)
    Heb je gebruiken of rituelen waar je normaal niet zo bewust bij stilstaat?

Slide 30 - Tekstslide

Laat een aantal mensen de antwoorden teruggeven in de klas 

Slide 31 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Past het Vliegende Spaghettimonster volgens jou onder religie? Waarom wel/niet?

Slide 32 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Stelling
Bijgeloof is ook geloof

Onderbouw met argumenten


Slide 33 - Tekstslide

Wikipedia:
Bijgeloof, volksgeloof of alternatieve religiositeit is geloof in het bovennatuurlijke, afwijkend van of niet gebaseerd op de gevestigde, 'officiële' geloofsovertuiging. De term 'bijgeloof' is in het verleden vaak gebruikt om een dominante godsdienst te legitimeren en wordt thans in de (godsdienst)wetenschap niet meer gehanteerd. Strikt genomen is een onderscheid tussen geloof en bijgeloof niet te maken.

Onder bijgeloof of volksgeloof wordt doorgaans verstaan dat iets veroorzaakt zou kunnen worden door bovennatuurlijke krachten of machten. Door bepaalde handelingen uit te voeren zou men deze krachten kunnen neutraliseren, oproepen of bijsturen. Meestal heeft het betrekking op het verwerven van geluk en het afweren van ongeluk. Het heeft vaak betrekking op voorwerpen en symbolen.
Vooral veel ongeluk: 

Spiegel: 7 jaar ongeluk

Zwarte Kat: Ongeluk (hoewel het in Engeland een teken van geluk is)

Onder een lader lopen: Brengt ongeluk. 

Twee eksters zien brengt geluk. Eentje zien brengt ongeluk. Als een Engelse boer een ekster ziet dan spuugt hij in zijn hand op onheil af te weren. Als hij er drie ziet moet ‘ie drie keer spugen, als hij er vijf ziet, vijf keer. Bij het zien van zeven eksters is de ellende niet te overzien. Op het Engelse platteland wordt denk ik heel wat af gespuugd.
1

Slide 34 - Video

Deze slide heeft geen instructies

00:18
"Bijgeloof-dingetjes die jij van je ouders hebt meegekregen".
Heb jij iets?

Slide 35 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Opdracht (tweetallen)
 Kies een religie, spirituele stroming of overtuiging.
Maak een korte presentatie (poster, powerpoint) met daarin:
  • De oorsprong en kernwaarden van deze religie of stroming.
  • Rituelen en gebruiken die hier bij horen.
  • Welke invloed deze overtuiging heeft op het dagelijks leven.
  • Waarom mensen zich hiertoe aangetrokken voelen.
  • Wat vindt jij van deze religie, stroming of overtuiging? 

Slide 36 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies