6.3 Internationale handel (MPU)

De economie van de Republiek

Memo 6.3: Internationale handel
1 / 20
volgende
Slide 1: Tekstslide
GeschiedenisMiddelbare schoolvmbo lwoo, vwoLeerjaar 4

In deze les zitten 20 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

De economie van de Republiek

Memo 6.3: Internationale handel

Slide 1 - Tekstslide

Lesdoelen
Aan het einde van de les kun je:
  • uitleggen wat de moedernegotie inhoudt;
  • oorzaken van de economische bloei van de Gouden Eeuw toelichten;

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Tekstslide

Opdracht: maak minimaal twee combinaties van vier begrippen. Je moet de combinaties kunnen uitleggen.

Slide 4 - Open vraag

Lees Memo blz. 169 'Handel en immigratie'.
Is er volgens Memo een verband tussen handel en immigratie? Kies het best antwoord.
A
Nee, want immigranten pikken de banen van de bevolking in.
B
Ja, want voor goed handel heb je immigranten nodig.
C
Nee, want na 1585 was het in Holland verboden voor buitenlanders.
D
Ja, want Antwerpenaren gaven een impuls aan de handelseconomie.

Slide 5 - Quizvraag

Opdracht: lees Memo blz. 169 'Oorzaken van economische bloei'. Schrijf de oorzaken, die jij vindt voor deze bloei, op.

Slide 6 - Open vraag

Vier oorzaken (volgens het boek)
  • Val van Antwerpen
  • Groei van de handel
  • Nieuwe uitvindingen (bijv. Nieuwe schepen en zaagmolens)
  • Specialisatie van arbeid 

Slide 7 - Tekstslide

Oorzaken economische bloei Republiek 17e eeuw:
  1. (Val van Antwerpen)
  2. graan en houthandel
  3. technische uitvindingen
  4. hoge specialisatiegraad

Slide 8 - Tekstslide

graan en houthandel
  • hout -> schepen
  • graan -> brood
  • zout -> haring
  • moedernegotie
  • Handelskapitalisme = Economisch systeem waarbij de kooplui dankzij hun kapitaal het productieproces controleren, grote winsten maken in de internationale handel en hun kapitaal verder vergroten.

Slide 9 - Tekstslide

Gezamenlijk artikel lezen

Slide 10 - Tekstslide

De moedernegotie

Slide 11 - Tekstslide

Fluitschip uit Holland
Meer dan de helft van de schepen die door de Sont voeren kwamen uit Holland (de Republiek). De Hollanders gebruikten een fluitschip: een schip met een brede buik (groot ruim) dat als met een paar bemanningsleden gevaren kon worden.
Kronborg
Kasteel Kronborg ligt in Denemarken. Vanuit dit kasteel werd in naam van de Deense koning tol geheven voor de Sontdoorvaart naar de Oostzee.
Sont
De Sont is de zeestraat tussen Denemarken en Zweden. Het land dat beide overs van de Sont in bezit heeft beheerst de toegang tot de Oostzee (en tot de graanvoorraden). 
Helsingborg (S)
De stad Helsingborg aan de Sont ligt in Zweden. Vanuit deze stad kun je Denemarken en kasteel Kronborg zien.

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Video

Wat betekent 'moedernegotie'?
Kies het beste antwoord.
A
De basishandel van de Republiek in graan.
B
De handel op het Oostzeegebied.
C
De handel in hout en haring.
D
De handel met Indonesië (Oost-Indië).

Slide 15 - Quizvraag

Leg uit hoe de moedernegatie bijdroeg aan het economische succes van de Republiek.

Slide 16 - Open vraag

Slide 17 - Tekstslide

Gebruik bron 9.
Stel: je gebruikt deze tabel om meer te weten te komen over de handel van de Republiek met het
Oostzeegebied. Je weet dat de meeste schepen uit Amsterdam komen. Met deze gegevens trek je
de volgende conclusie:
Uit de producten die naar het Oostzeegebied uitgevoerd worden, blijkt de stapelmarktfunctie van
Amsterdam.
2p 18 Ondersteun deze conclusie met een gegeven uit de tabel.

Slide 18 - Open vraag

Oorzaak: technische uitvindingen
  • fluitschip = vrachtschip
  • haringbuis = vissersboot
  • houtzaagmolen
  • windmolens

Slide 19 - Tekstslide

hoge specialisatiegraad
  • Moedernegotie
  • 20% werkzaam in landbouw
  • Hollands veenlandschap
  • handel, visserij, textiel, scheepsbouw, bierbrouwerij

Slide 20 - Tekstslide