H4 - §4.4 Vermogen en energie

Welkom in de les
Vandaag:
  • terugblik
  • leerdoelen 4.4
  • uitleg 4.4
  • maken opgaven uit het boek 
  • afsluiting les

 


§4.4 Vermogen en energie
1 / 44
volgende
Slide 1: Tekstslide
NatuurkundeMiddelbare schoolmavoLeerjaar 2

In deze les zitten 44 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Welkom in de les
Vandaag:
  • terugblik
  • leerdoelen 4.4
  • uitleg 4.4
  • maken opgaven uit het boek 
  • afsluiting les

 


§4.4 Vermogen en energie

Slide 1 - Tekstslide

Ga naar www.vospiegel.nl
Inlogcode: UCH-FYZ-JNY

Slide 2 - Tekstslide

Terugblik

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Tekstslide

Leerdoelen §4.4

  • Je kunt uitleggen wat vermogen is.
  • Je kunt het vermogen van een apparaat berekenen.
  • Je kunt uitleggen waarom een apparaat met een groter vermogen
  •  meer elektrische energie verbruikt..
  • Je kunt het energieverbruik van een apparaat berekenen

Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Video

Spanningsbronnen
Bedenk welke apparaten in huis
je wel en niet kunt laten werken
met deze hometrainers?

Slide 7 - Tekstslide

Energiegebruik van elektrische apparaten
De hoeveelheid energie die een apparaat per seconde gebruikt, noem je het vermogen van dat apparaat. 
De eenheid van vermogen is watt (W).

Slide 8 - Tekstslide

Energiegebruik van elektrische apparaten
Op het typeplaatje van een apparaat staat het vermogen vermeld van het apparaat.

Slide 9 - Tekstslide

Energiegebruik van elektrische apparaten

Een apparaat met meer vermogen (meer Watt) is sterker dan een apparaat met minder vermogen.

Slide 10 - Tekstslide

Energiegebruik van elektrische apparaten
De hoeveelheid energie die een apparaat per seconde gebruikt, noem je het vermogen van dat apparaat. 
De eenheid van vermogen is watt (W).


                          watt                                   kilo watt
: 1000
x 1000

Slide 11 - Tekstslide

Vermogen berekenen
Op het typeplaatje van een apparaat staat het vermogen vermeld van het apparaat.

Slide 12 - Tekstslide

Vermogen berekenen
Het vermogen hangt af van de spanning en de stroomsterkte.


Grootheid
Symbool
Eenheid
Afkorting
Vermogen
P
watt
W
Spanning
U
volt
V
Stroomsterkte
I
ampère
A
Neem over 

Slide 13 - Tekstslide

Vermogen berekenen
formule in woorden:
vermogen = spanning × stroomsterkte
In symbolen:
P = U × I

Hierin is:
P het vermogen in watt (W)
U de spanning in volt (V)
I de stroomsterkte in ampère (A)
Neem over 

Slide 14 - Tekstslide

Voorbeeld


Lars stelt de spanningsbron in op 6,0 V. Door de schakeling loopt dan een stroom van 20 mA.
 Hoe groot is het vermogen dat de spanningsbron levert?

Slide 15 - Tekstslide

Schrijf mee

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Tekstslide

F |      P = U x I

Slide 18 - Tekstslide

F |      P = U x I
O |    20 mA = 0,02 A

Slide 19 - Tekstslide

F |      P = U x I
O |    20 mA = 0,02 A
B |     P = 6 x 0,02

Slide 20 - Tekstslide

F |      P = U x I
O |    20 mA = 0,02 A
B |     P = 6 x 0,02
A+E | P = 0,12 W

Slide 21 - Tekstslide

Probeer nu zelf
Boek Blz. 170  

Slide 22 - Tekstslide

Probeer nu zelf
Boek Blz. 170  
F     | P = U x I
O    | -
B     | P = 230 x 4,0
A+E | P = 920 W

Slide 23 - Tekstslide

Energiegebruik berekenen


Waar hangt het Energiegebruik van een apparaat van af?

Slide 24 - Tekstslide

Energiegebruik berekenen
Wat kost meer Energie? 12 minuten stofzuigen of 4 uur tv kijken?

Slide 25 - Tekstslide

Energiegebruik berekenen
Het Energiegebruik van een apparaat hangt af van het vermogen en de tijd dat het apparaat aanstaat.

energiegebruik = vermogen x tijd

Slide 26 - Tekstslide

Energiegebruik berekenen
Het Energiegebruik van een apparaat hangt af van het vermogen en de tijd dat het apparaat aanstaat.


Slide 27 - Tekstslide

Energiegebruik berekenen
Voorbeeld: Een stofzuiger heeft een vermogen van 1400 W en wordt op een dag 1,5 uur gebruikt.
Bereken hoeveel kWh de stofzuiger heeft gebruikt.

Slide 28 - Tekstslide

Energiegebruik berekenen
Gegeven: P = 1400 W = 1,4 kW,      t = 1,5 h
Gevraagd: E in kWH

Formule:  E = P x t

Berekening: E = 1,4 x 1,5 = 2,1 kWh

Antwoord: Het energiegebruik van de stofzuiger is 2,1 kWh

Slide 29 - Tekstslide

Energiekosten berekenen
De Energiekosten vind je door de energie te vermenigvuldigen met de prijs van 1 kWh.


Slide 30 - Tekstslide

Energiekosten berekenen
Wat zijn de Energiekosten van de stofzuiger uit het voorbeeld?
1 kWh = €0,25

Energiekosten = energie x prijs van één kWh

Energiekosten = 2,1 x €0,25 = €0,53

Slide 31 - Tekstslide

Even oefenen!
De lampen van het ADO stadion hebben een vermogen van 112 kW en staan gedurende 2,5 uur aan.
Bereken de Energiekosten.
1kWh = €0,25

Slide 32 - Tekstslide

Even oefenen!
Gegeven: P = 112 kW,      t = 2,5 h
Gevraagd: Energiekosten in €
Formule:  E = P x t
Berekening: E = 112 x 2,5 = 280 kWh

Energiekosten = E x prijs van één kWh
Energiekosten = 280 x €0,25 = €70,00
Antwoord: De energiekosten van de verlichting is €70,00

Slide 33 - Tekstslide

Spanningsbronnen
Bedenk welke apparaten in huis
je wel en niet kunt laten werken
met deze hometrainers?

Slide 34 - Tekstslide

Slide 35 - Video

Hoeveel kW is 430 W?
A
0,43
B
4,3
C
43000
D
430000

Slide 36 - Quizvraag

Om de Energie te berekenen moet je
het vermogen P in ..... zetten?
A
W
B
kW
C
kWh
D
h

Slide 37 - Quizvraag

Het symbool voor de eenheid van Energie
A
P
B
E
C
W
D
kWh

Slide 38 - Quizvraag

Het symbool voor de grootheid Energie
A
P
B
E
C
W
D
kWh

Slide 39 - Quizvraag

Een gloeilamp heeft een vermogen van 60 W. De lamp brandt 10 uur.

Wat is het energieverbruik?
A
600 kWh
B
6 kWh
C
0,6 kWh
D
0,06 kWh

Slide 40 - Quizvraag

Aan de slag!

  • Lezen §4.4 uit je boek (vanaf blz. 165)

  • Maken 1 t/m 12 (vanaf blz. 169)

Klaar?
  • Lees PLUS op blz 168 en maak de bijbehorende vraag op blz 174.



timer
15:00

Slide 41 - Tekstslide

Huiswerk


  • Maken §4.4 : 1 t/m 12 (vanaf blz. 169)





Slide 42 - Tekstslide

Je kunt nu .....
  • uitleggen wat vermogen is.
  • het vermogen van een apparaat berekenen.
  • uitleggen waarom een apparaat met een groter vermogen meer elektrische energie verbruikt..
  • het energieverbruik van een apparaat berekenen

Slide 43 - Tekstslide

Ja, dat kan ik!
😒🙁😐🙂😃

Slide 44 - Poll