Veelgemaakte fouten in schrijfopdracht

mavo 4
De laatste loodjes!
1 / 33
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolmavoLeerjaar 4

In deze les zitten 33 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

mavo 4
De laatste loodjes!

Slide 1 - Tekstslide

Veelgemaakte fouten 

Slide 2 - Tekstslide

Welke zin is correct Nederlands?
A
In de les Nederlands hebben we gesproken over...
B
In de Nederlands les hebben we gesproken over...
C
In de Nederlandsles hebben we gesproken over ...
D
In de Nederlandse les hebben we gesproken over...

Slide 3 - Quizvraag

Verbeter deze zin (2 fouten):
'Ik wil uw vragen als u het leuk vindt om een interview te geven.'

Slide 4 - Open vraag

Wat is de fout in deze zin? Noteer alleen het verkeerd gespelde woord correct.
'Gister zag ik uw advertentie.'

Slide 5 - Open vraag

Wat is goed?

A
Ik heb u column gelezen en wil uw uitnodigen.
B
Ik heb uw column gelezen en wil uw uitnodigen.
C
Ik heb u column gelezen en wil u uitnodigen.
D
Ik heb uw column gelezen en wil u uitnodigen.

Slide 6 - Quizvraag

Wat is de fout? Verbeter de zin.
'Daarom dat ik u vraag of u mee wilt werken.'

Slide 7 - Open vraag

Wat is de fout? Verbeter de zin.
'De aanleiding is omdat we een opdracht.....'

Slide 8 - Open vraag

Wat is goed?
A
Mijn moeder heeft me opgegeven.
B
Me moeder heeft me opgegeven.
C
Mijn moeder heeft mijn opgegeven.
D
Me moeder heeft mij opgegeven.

Slide 9 - Quizvraag

Wat is de fout? Verbeter de zin.
'Ik hou van sporten, eten, en lezen.'

Slide 10 - Open vraag

Wat is goed?
A
Liemerscollege
B
Liemers college
C
Liemers College
D
liemerscollege

Slide 11 - Quizvraag

Verbeter deze zin:
'Ik ben Iris de Groot ben 15 jaar ik zit op het Amstelveencollege' (4 fouten!)

Slide 12 - Open vraag

Wat is fout?
A
Liemerscollege
B
Liemers college
C
Liemers College
D
liemerscollege

Slide 13 - Quizvraag

Wat is goed?
A
Profielwerkstuk
B
Profiel werkstuk

Slide 14 - Quizvraag

Wat is goed?
A
mavo / vmbo
B
Mavo / Vmbo
C
MAVO / VMBO
D
Mavo / VMBO

Slide 15 - Quizvraag

Wat is correct?
A
Ook al ben ik het niet met u eens, ik begrijp u wel.
B
Ookal ben ik het niet met u eens, ik begrijp u wel.

Slide 16 - Quizvraag

Is deze zin correct?
'Ik hoop op een snelle reactie terug.'
A
Nee
B
Ja

Slide 17 - Quizvraag

Moet er een titel boven je geschreven artikel staan?
A
Nee
B
Ja

Slide 18 - Quizvraag

Wat is niet correct?
A
Na aanleiding van uw brief wil ik u vragen of...
B
Naar aanleiding van uw brief wil ik u vragen of...
C
N.a.v. uw brief wil ik u vragen of...
D
Nav uw brief wil ik u vragen of...

Slide 19 - Quizvraag

Onder een artikel zet je altijd
A
Bedankt
B
Groetjes
C
Je eigen naam (en klas)
D
Slotformule

Slide 20 - Quizvraag

Met welk woord begint de aanheft van een zakelijke e-mail?
A
Hoi
B
Geachte
C
Hallo
D
Goedemorgen

Slide 21 - Quizvraag

Je schrijft een zakelijke e-mail aan Lars Hoogmoed. Welke aanhef gebruik je?
A
Geachte Lars Hoogmoed
B
Geachte de heer Hoogmoed
C
Geachte heer Hoogmoed
D
Geachte Heer Hoogmoed

Slide 22 - Quizvraag

Hoe sluit je een zakelijke e-mail of brief af?
A
Groetjes,
B
Met vriendelijke groet,
C
Tot ziens,
D
mvg, of m.v.g.

Slide 23 - Quizvraag

Wat is verkeerd aan deze zinnen? Verbeter de drie verkeerde woorden.
'Onze vraag was of u wilde meewerken'
'Wij hadden een vraag voor u'

Slide 24 - Open vraag

Wat is correct?
A
Na aanleiding van uw brief wil ik u vragen of...
B
Naar aanleiding van uw brief wil ik u vragen of...
C
N.a.v. uw brief wil ik u vragen of...
D
Nav uw brief wil ik u vragen of...

Slide 25 - Quizvraag

Wat is hier verkeerd aan?
'Ik heb nog 2 vragen, vraag 1 is of het mogelijk is...... Vraag 2: weet u misschien of.......'

Slide 26 - Open vraag

Wat is de fout? Noteer het verkeerd gespelde woord correct.
'Iedereen moet doen wat hij zelf wilt.'

Slide 27 - Open vraag

Ik ben het daar niet mee eens want, iedereen moet doen wat hij of zij leuk vindt.
A
De komma staat hier goed.
B
De komma staat hier verkeerd (moet NA 'doen')
C
De komma moet hier helemaal weg
D
De komma staat verkeerd (moet VOOR' want')

Slide 28 - Quizvraag

Waar zet je de aanleiding voor het schrijven van het artikel?
A
In het middenstuk
B
In de titel
C
In de inleiding
D
In de tweede alinea

Slide 29 - Quizvraag

Verbeter de fouten. Het zijn er zes!!
'Mischien vind u me te nieuwschierig, maar bent U jarig in Maart.

Slide 30 - Open vraag

Wat schrijf je zoal in het slot van een artikel?
A
Een opsomming
B
Nieuwe prikkelende informatie
C
Mening en argumenten herhalen
D
Samenvatting en conclusie

Slide 31 - Quizvraag

Waarom moet je je naam onder het artikel schrijven? (2 antwoorden zijn goed)
A
Het is een nieuwsbericht
B
Het is een persoonlijke tekst
C
Het is een e-mail
D
Zodat de lezer weet wie het geschreven heeft

Slide 32 - Quizvraag

Welke taalfout ga jij nooit meer maken?

Slide 33 - Open vraag