In deze les zitten 18 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.
Onderdelen in deze les
Oefentoets
Slide 1 - Tekstslide
Vertaal het woord in hoofdletters. Gebruik: aardig - blaffen - geldig - gevaarlijk - held - metro - nerveus I am NERVOUS when I have a test.
Slide 2 - Open vraag
Vertaal het woord in hoofdletters. Gebruik: aardig - blaffen - geldig - gevaarlijk - held - metro - nerveus Never walk on thin ice, that’s very DANGEROUS.
Slide 3 - Open vraag
Vertaal het woord in hoofdletters. Gebruik: aardig - blaffen - geldig - gevaarlijk - held - metro - nerveus We FLY to Brussels this evening.
Slide 4 - Open vraag
Vul de juiste Engelse woorden in. Gebruik: always - animal - glasses - tall - train - wear My granddad needs ____ to read the paper.
Slide 5 - Open vraag
Vul de juiste Engelse woorden in. Gebruik: always - animal - glasses - tall - train - wear We take the ____ from London to Liverpool.
Slide 6 - Open vraag
Vul de juiste Engelse woorden in. Gebruik: always - animal - glasses - tall - train - wear My favourite ____ is an otter.