Aanhalingstekens 2

Aanhalingstekens 2
1 / 19
volgende
Slide 1: Tekstslide
TaalSpeciaal OnderwijsLeerroute 6

In deze les zitten 19 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Aanhalingstekens 2

Slide 1 - Tekstslide

Hoe zat het ook alweer?
Aanhalingstekens gebruik je als je iets schrijft wat iemand letterlijk zegt, een citaat.

Slide 2 - Tekstslide

Waar moest je op letten?
1. :
2."
3. Hoofdletter
4. Leesteken ( ! ? .)
5. " 

Slide 3 - Tekstslide

Hoe schrijf je deze zin goed?
de juf zei gaan jullie straks mee naar buiten


Slide 4 - Tekstslide

De juf zei: "Gaan jullie straks mee naar buiten?"

Slide 5 - Tekstslide

Nog een paar om te oefenen

Slide 6 - Tekstslide

de meester vroeg wie heeft het antwoord opgeschreven

Slide 7 - Open vraag

de jongen zei ik heb 5 euro gevonden

Slide 8 - Open vraag

de vrouw zei het is lekker weer vandaag

Slide 9 - Open vraag

Aanhalingstekens 2
Je kunt aanhalingstekens ook nog anders gebruiken.
Als je iets zegt terwijl je het helemaal niet meent, of juist het tegenovergestelde bedoelt. 

Slide 10 - Tekstslide

Voorbeeld
Als het heel vies weer is en je zegt
Wat is het "lekker" weer zeg. 

Dat noem je sarcastisch.

Slide 11 - Tekstslide

Zet nu in de volgende zinnen het juiste woord tussen aanhalingstekens

Slide 12 - Tekstslide

Wat een leuke grap.

Slide 13 - Open vraag

Wat een lekker eten.

Slide 14 - Open vraag

Wat een mooi kunstwerk.

Slide 15 - Open vraag

Jij hebt echt heel hard gewerkt.

Slide 16 - Open vraag

Wat een mooi uitzicht.

Slide 17 - Open vraag

Wat zeg je dat toch weer aardig.

Slide 18 - Open vraag

En klaar!

Slide 19 - Tekstslide