Klas 2 week 13 les 2

Bienvenu(e)s!

Lesdoelen (buts)

Je gaat nieuwe Franse woorden leren die te maken hebben met winkels en afspraken maken
Wat ga je doen?
Ga naar Naslag Arrêt Chapitre 6
Schrijf in jouw vocabulaireschrift/map 
met een vouw in het midden
links: Frans rechts: Nederlands
Beluister de uitspraak
de woorden/zinnen van voca E op
Klaar? Bedek de Nederlandse vertaling en kijk welke zinnen je al kent. Werk met * en potlood
1 / 20
volgende
Slide 1: Tekstslide
FransMiddelbare schoolhavoLeerjaar 1

In deze les zitten 20 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Bienvenu(e)s!

Lesdoelen (buts)

Je gaat nieuwe Franse woorden leren die te maken hebben met winkels en afspraken maken
Wat ga je doen?
Ga naar Naslag Arrêt Chapitre 6
Schrijf in jouw vocabulaireschrift/map 
met een vouw in het midden
links: Frans rechts: Nederlands
Beluister de uitspraak
de woorden/zinnen van voca E op
Klaar? Bedek de Nederlandse vertaling en kijk welke zinnen je al kent. Werk met * en potlood

Slide 1 - Tekstslide

Lesdoelen/buts
Aan het eind van de les:

- Weet ik hoe ik het vraagwoord quel in het Frans moet gebruiken




Volg de LessonUp in eigen tempo

Slide 2 - Tekstslide

Qu' est-ce qu'on va faire?
Je gaat kijken naar een instructiefilmpje over het vraagwoord
quel

Na het kijken, ga je dit toepassen.


Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Link

Le sport
Welke sport? =
A
Quels sports?
B
Quelle sport?
C
Quel sport?
D
Quelles sport?

Slide 5 - Quizvraag

Les matières (v)
Welke vakken? =

A
Quel matières?
B
Quelles matières?
C
Quels matières?
D
Quelle matière?

Slide 6 - Quizvraag

La classe
Welke klas? =
A
Quel classe?
B
Quels classe?
C
Quelles classe?
D
Quelle classe?

Slide 7 - Quizvraag

de stad = la ville
Hoe zeg je in het Frans: Welke stad?

Slide 8 - Open vraag

de plattegrond = le plan
Hoe zeg je in het Frans: Welke plattegrond?

Slide 9 - Open vraag

de bakker = la boulangerie
Hoe zeg je in het Frans: Welke bakker?

Slide 10 - Open vraag

de supermarkt = le supermarché
Hoe zeg je in het Frans: Welke supermarkten?

Slide 11 - Open vraag

de slagerij = la boucherie
Hoe zeg je in het Frans: Welke slagerijen?

Slide 12 - Open vraag

Maak de juiste combinatie
Quel est                                             les numéros de téléphone?
Quelle est                                         les questions?
Quels sont                                       le numéro de téléphone?
Quelles sont                                    la question?

Slide 13 - Tekstslide

Les réponses
Quel est  le numéro de téléphone? = Wat is het tel.nr.?
Quelle est la question? = Wat is de vraag?
Quels sont les numéros de téléphone? = Wat zijn de tel.nrs.?
Quelles sont les questions? = Wat zijn de vragen?

Slide 14 - Tekstslide


............... est ton jean préféré?

A
Quels
B
Quelles
C
Quel
D
Quelle

Slide 15 - Quizvraag

......... sont tes matières préférées?
A
Quel
B
Quelle
C
Quels
D
Quelles

Slide 16 - Quizvraag

........est le pays le plus peuplé du monde?
A
Quels
B
Quelle
C
Quel
D
Quelles

Slide 17 - Quizvraag

Klaar? Ga zelfstandig aan de slag met de weektaak
Maken van de oefeningen en/of leren van de vocabulaire
In stilte werken zolang de timer loopt.

Slide 18 - Tekstslide

Ken ik het werkwoord être

Slide 19 - Tekstslide

à la prochaine!
;

                              
                              les déchets dans la poubelle
                              

                              restez à ta place jusqu'à 59/29
Samen zorgen we voor een fijne werkplek in het lokaal!

Slide 20 - Tekstslide