SCIENCE KLAS 2 -H8 Geluid §8.1 & §8.3

1 / 41
volgende
Slide 1: Video
NatuurkundeMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 4

In deze les zitten 41 slides, met tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Geluid 

Geluid is de trilling van lucht

Kerncollege Science

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Kerncollege
Met dit korte college geef ik antwoord op de leerdoelen die je moet weten voor de toets. 
Je krijgt een oefentoets en een eindtoets van dit hoofdstuk
LET OP! LUISTER en LEER
= Schrijf op in je schrift

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lesdoel
Aan het einde van de les kun je...

  • Uitleggen hoe geluid ontstaat en verplaatst
  • Wat een geluidsbron is
  • Hoe geluid in je oren komt
  • Je kunt de geluidssnelheid in de lucht noemen
  • Je kunt uitleggen wat een tussenstof is
  • Je kunt een berekening maken van geluid in de lucht

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Geluid is een trilling (geluidsgolf) die zich verplaatst van een geluidsbron, via een tussenstof naar een ontvanger.

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Geluid in je oor
Geluid hoor pas als het bij je oor komt. In je oor gaat je trommelvlies trillen en dit signaal komt uiteindelijk bij je hersenen waar deze de trilling als het ware vertaald naar geluid.

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Geluid
- Geluid is een hoorbare trilling

- Bij een gitaar trilt een snaar
- Bij harde muziek voel je soms de speakers  trillen
- Geluid wordt dus veroorzaakt door trillende voorwerpen, dit noemen we dus een Geluidsbron
Schrijf op

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Beweging van geluid
De beweging van geluid noemen we ook wel de voortplanting van geluid.
Tussen de geluidsbron en de ontvanger (bijv. je oor) moet een tussenstof zijn. Wij kennen lucht en water als tussenstof
In vacuüm kan geluid zich niet verspreiden.

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 9 - Link

Deze slide heeft geen instructies

Tussenstof

De snelheid van geluid is afhankelijk van de tussenstof

In de lucht is de geluidsnelheid ongeveer 343 m/s

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Geluidssnelheid
De geluidssnelheid is niet altijd hetzelfde, het verschilt ook per tussenstof.

 

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Rekenen met geluidsnelheid.                                          
De formule van geluidsnelheid is: 
S = v x t
Afstand = Snelheid x tijd
meter = m/s x seconden



Slide 12 - Tekstslide

Leg uit hoe de snelheid van geluid in een tussenstof kan worden berekend en laat de studenten zien hoe ze de formule kunnen gebruiken om de snelheid van geluid in verschillende tussenstoffen te berekenen.
Rekenen met geluidsnelheid.                                          
De formule van snelheid is: 
V = s / t
SNELHEID = AFSTAND / TIJD
m/s = meter / seconden



Slide 13 - Tekstslide

Leg uit hoe de snelheid van geluid in een tussenstof kan worden berekend en laat de studenten zien hoe ze de formule kunnen gebruiken om de snelheid van geluid in verschillende tussenstoffen te berekenen.
Voorbeeld Berekening
Bliksemflits
Je licht in bed en het onweert. Je telt 4 seconden. Dan hoor je de knal. Hoe ver is de bliksem bij je vandaan?

S = v x t
Afstand = Snelheid x tijd
meter = m/s x seconden



Slide 14 - Tekstslide

Leg uit hoe de snelheid van geluid in een tussenstof kan worden berekend en laat de studenten zien hoe ze de formule kunnen gebruiken om de snelheid van geluid in verschillende tussenstoffen te berekenen.
Antwoord Voorbeeld Berekening
Bliksemflits
Je licht in bed en het onweert. Eerst zie je de flits . Dan tel je 
4 seconden. Dan hoor je de knal. Hoe ver is de bliksem bij je vandaan?
S = v x t
Afstand = 343 m/s x  4 sec
Afstand = 1372 meter



Slide 15 - Tekstslide

Leg uit hoe de snelheid van geluid in een tussenstof kan worden berekend en laat de studenten zien hoe ze de formule kunnen gebruiken om de snelheid van geluid in verschillende tussenstoffen te berekenen.
Rekenvoorbeeld 2
  • Rekenen met geluid.
Voorbeeld 2:
De snelheid door een ijzeren rails is 5100 m/s.
Hoelang doet het geluid erover om door 2 km ijzeren rails te bewegen?


t=vs=51002000=0,39s
s=2km=2000m

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Aan de slag

Maak de opgaves paragraaf 
8.1 blz 184
1-2-3-5-6-7





Slide 17 - Tekstslide

Leg uit hoe de snelheid van geluid in een tussenstof kan worden berekend en laat de studenten zien hoe ze de formule kunnen gebruiken om de snelheid van geluid in verschillende tussenstoffen te berekenen.
1
2
Geluidssnelheid

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Terugkaatsing van geluid (echo)

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Echo
  • Geluid kan worden teruggekaatst.
  • Daardoor hoor je een geluid soms twee keer. 
  • Het teruggekaatste geluid noem je de echo

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lesdoel
Aan het einde van de les kun je...

  • Bij geluidsbronnen en ontvangers het trillende onderdeel aanwijzen
  • Aangeven hoe een muziekinstrument hoge en lage tonen maakt
  • Frequentie en trillingstijd berekenen

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 22 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Frequentie
= aantal trillingen in 1 seconde
Frequentie is in Hertz (Hz)
geeft aan of het geluid hoog of laag het geluid is

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Frequentie
De frequentie van een toon is het aantal trillingen per seconde. De frequentie wordt gemeten in hertz (Hz).
Hoe groter de frequentie, des te hoger is de toon die je hoort. Een hogere toon heeft meer trillingen per seconde dan een lagere toon.

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Frequentie
(f) Frequentie in Hertz
(T) Trillingstijd in seconden (s)
1
f=T1

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Trillingstijd
Met de formule
kun je berekenen welke frequentie er hoort bij een trillingstijd.
  • T in seconde, 
  • frequentie f in hertz (Hz).

Mensen horen tonen van 20 tot 
20 000 Hz. Dit heet het frequentiebereik.


f=T1

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Voorbeeld:
De vleugels van een kolibrie flapperen iedere 0,0125 seconde.
Bereken de frequentie.
  • Gegevens: Trillingstijd = 0,0125 s
  • Gevraagd: Frequentie
  • Formule: Frequentie = 1 / trillingstijd
  • Invullen: Frequentie = 1 / 0,0125
  • Antwoord: Frequentie = 80 Hz

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Tonen horen
 Verschillende tonen hebben verschillende frequenties. 

Hoe lager de frequentie, hoe lager de toon.
Hoe hoger de frequentie, hoe hoger de toon. 

Hiernaast kan je zien welke frequenties mensen kunnen horen.

Onthoudt; (aantekening)
Frequenties onder de 20Hz worden subsoon genoemd.
Frequenties boven de 20000Hz worden ultrasoon genoemd. 

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

1
2
Frequentie samenvatting

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Frequentie en Trillingstijd
Trillingstijd en frequentie hebben met elkaar te maken. 

Voorbeeld: Gitaarsnaren kunnen 400 keer per seconde trillen. 
1 trilling duurt dan 0,0025 s. 

Trillingstijd= 1/f in Hz
Frequentie=1/T in s (1/400 = 0,0025 sec)

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Toonhoogte
Hangt af van:
- spanning 
hoge spanning, hoge toon
- dikte snaar 
dikke snaar, lage toon
- lengte snaar
Lange snaar, lage toon

Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Aan de slag

Maak de opgaves paragraaf 
8.2 blz 192
1-2-3-5-9-10





Slide 32 - Tekstslide

Leg uit hoe de snelheid van geluid in een tussenstof kan worden berekend en laat de studenten zien hoe ze de formule kunnen gebruiken om de snelheid van geluid in verschillende tussenstoffen te berekenen.
Lesdoel
Aan het einde van de les kun je...

  • Je weet wat geluidsterkte is
  • Je kan het verschil in amplitude herkennen
  • Je kan de eenheid van geluidsterkte benoemen en herkennen
  • Je kan rekenen met Decibel
  • Je maakt een oefen toets Test jezelf

Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

8.3 Geluidssterkte
  • De geluidssterkte heeft als eenheid decibel (dB)
  • De geluidssterkte meet je met een decibelmeter.
decibelmeter
Tabel 28 Gehoorgevoeligheid

Slide 34 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Amplitude en geluidssterkte
Als je het geluid als golf weergeeft staat de amplitude voor de geluidssterkte.

Hoe hoger de amplitude des te harder is het geluid

Slide 35 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 36 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Geluidssterkte en Decibel
Rekenen met Decibel

Slide 37 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Aan de slag

Maak de opgaves paragraaf 
8.3 blz 201
1 t/m 7





Slide 38 - Tekstslide

Leg uit hoe de snelheid van geluid in een tussenstof kan worden berekend en laat de studenten zien hoe ze de formule kunnen gebruiken om de snelheid van geluid in verschillende tussenstoffen te berekenen.

Slide 39 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 40 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Oscilloscoop
Op een oscilloscoop stel je de tijdbasis en gevoeligheid in. 

De tijdbasis is de tijdschaal op de horizontale as van het scherm. 

De oscilloscoop hiernaast is ingesteld op 5ms/div. 
Dat betekent 5ms per vakje

Slide 41 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies