Lichaam: Organen

Organen
Lichaam: organen
1 / 25
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieBasisschoolGroep 6-8

In deze les zitten 25 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Organen
Lichaam: organen

Slide 1 - Tekstslide

Wat ga je leren?
Wat zijn organen?
Welke organen zitten er in ons lichaam. 


Slide 2 - Tekstslide

Organen  

Slide 3 - Tekstslide

Machine
Je lichaam is een bijzondere machine. Om je lichaam te laten functioneren heb je organen nodig. 
De meeste organen zitten in je borstkas

Slide 4 - Tekstslide

Alle organen
De mens heeft veel organen
  • Hersenen 
  • Hart
  • Longen 
  • Lever
  • Maag 
  • Nieren 
  • Darmen 
  • Huid 

Slide 5 - Tekstslide

Hart
Je hart is een van de belangrijkste organen. Je hart zit midden in je borstkas. 
Bloed
Het hart is een sterke spier die steeds samentrekt en weer ontspant en zo het bloed door het lichaam pompt. In het bloed zitten voedingsstoffen en zuurstof die overal in het lichaam nodig is. 

Per minuut
Het bloed blijft voortdurend rondjes maken in je lichaam. Per minuut verwerkt het hart wel 5 liter bloed! Elke keer als het hart pompt, heet dat een hartslag. Het hart klopt tussen de 60 en 100 keer per minuut. Het hart van een mens is ongeveer zo groot als de vuist en weegt zo'n 300 gram.
Hartslag
Wat je voelt bij je hartslag, is de hoeveelheid bloed die per samentrekking van je hart door de slagader wordt gepompt. Je kunt je hartslag zelf meten

Slide 6 - Tekstslide

Longblaasjes
De longblaasjes zijn bedekt met haarvaatjes, die het zuurstof uit de longblaasjes opnemen en weer naar het hart brengen.
Haarvaatjes
Wanneer de haarvaatjes zuurstof opnemen uit de longblaasjes, geven de haarvaatjes tegelijkertijd hun koolstofdioxide [een gas in de lucht die je niet kunt ruiken of proeven] aan de longblaasjes. Die brengen het weer terug naar de luchtpijp om het uit te ademen.
Weetjes
Een mens ademt ongeveer 20.000 keer per dag in en uit. Na een grote inspanning ademen we 4 keer zo snel. 

Slide 7 - Tekstslide

Lever
De lever is het grootste inwendige orgaan in het menselijk lichaam. De lever ligt onder het middenrif en behoort tot het spijsverteringsstelsel. Omliggende organen zijn de galblaas de alvleesklier en de maag. In het menselijk lichaam wordt de lever beveiligd door de ribben en door de buikholte.
Functies
De lever heeft heel veel functies, dit zijn een paar functies:

  • Energie aanmaken voor het lichaam
  • Warmte aanmaken voor het lichaam
  • Vitaminen opslaan
  • Afvalstoffen opruimen
  • Gal produceren 


Slide 8 - Tekstslide

Wat is het grootste inwendige orgaan?
A
Lever
B
Hart
C
Longen

Slide 9 - Quizvraag

Maag
De maag is een orgaan dat dient om voedsel te verteren.
Bacteriën
In de maag worden er maagsappen aan je voedselbrij toegevoegd die de bacteriën doden. De wand van de maag bestaat uit spieren die het voedsel verder kneden tot een spijsbrij.
Weetje
Wist je dat een koe 4 magen heeft. 

Slide 10 - Tekstslide

Alvleesklier
Alvleesklier
De alvleesklier maakt stoffen aan die nodig zijn om het eten goed te verteren. Dat zijn verteringssappen. De alvleesklier maakt ook hormonen, zoals insuline. Insuline zorgt voor een goed suikergehalte in het bloed.

Slide 11 - Tekstslide

Darmen
De darmen zijn een belangrijk deel van je lichaam. Het zijn ingewanden, organen, die je voedsel verteren. De gezonde voedingsstoffen neemt je lichaam op, de slechte stoot het af. De darmen zorgen ervoor dat je kunt poepen
Verschillende darmen
Je hebt de dunne darm, de dikke darm, de blindedarm, de endeldarm, de twaalfvingerige darm en de slokdarm. Sommige darmen doen helemaal niks, zoals de blindedarm maar de andere zijn juist heel erg belangrijk zoals de dikke en de dunne darm.
Lengte
Sommige darmen zijn erg lang. Zo is de dunne darm wel 6 meter en bestaat uit: de twaalfvingerige darm, de nuchtere darm en de kronkeldarm. De dikke darm is dikker dan de dunne darm, maar ook een stuk korter. Dikke darm is maar 1 meter lang. 

Slide 12 - Tekstslide

Welke darm is maar liefst 6 meter lang?
A
Dikke darm
B
Dunne darm
C
De twaalfvingerige darm
D
De veertienvingerige darm

Slide 13 - Quizvraag

Nieren
Nieren zijn twee organen die in de buikholte(in je buik) een paar centimeter van je rug af, links en rechts van je ruggengraat liggen. Ze zorgen er voor dat ongewenste stoffen verwijderen, zoals afvalstoffen van stoffen die je binnenkrijgt door te eten of andere dingen die je inneemt zoals medicijnen.
Plassen
Het stofje wat de nieren maken met al die afvalstoffen is urine, ofwel jouw plas.

Slide 14 - Tekstslide

Blaas
De blaas
De blaas is een orgaan dat urine opslaat. Het werkt als een soort ballon die zich vult met urine die vanuit de nieren komt. Als de blaas vol is, krijg je het gevoel dat je naar de wc moet. Dan ontspant de blaas zich en plas je de urine uit je lichaam
Weetjes
Een blaas kan ongeveer 500 milliliter urine opslaan, dat is evenveel als een halve liter water!

Je voelt meestal al dat je moet plassen als je blaas voor de helft vol is.

De blaas is super flexibel en kan uitrekken als een ballon.

Een mens plast gemiddeld zes tot acht keer per dag.

Vrouwen hebben een iets kleinere blaas dan mannen, waardoor ze soms vaker moeten plassen.

Slide 15 - Tekstslide

Welk orgaan hoort NIET bij het verteringsstelsel?
A
Maag
B
Alvleesklier
C
Dikke darm
D
Hart

Slide 16 - Quizvraag

    Milt
Milt
De milt is een orgaan dat linksboven in je buik zit, net onder je ribben. Hij heeft drie belangrijke functies:
  • Bloed filteren: De milt haalt oude of beschadigde rode bloedcellen uit het bloed.
  • Afweer: Hij helpt het immuunsysteem door bacteriën en virussen op te ruimen.
  • Bloed opslaan: De milt bewaart extra bloed voor noodgevallen, zoals bij bloedverlies.

Slide 17 - Tekstslide

Welk orgaan heeft de functie om extra bloed op te slaan?
A
De longen
B
De blaas
C
De milt
D
De hersenen

Slide 18 - Quizvraag

Schildklier
Wat doet de schildklier?
De schildklier beïnvloedt zaken zoals eetlust, opname van voeding, beweeglijkheid van de darm, verbranding van voedingsstoffen, temperatuurregulatie, hartslag, bloeddruk, concentratie, energie geestelijke stabiliteit.
Plaats
de schildklier bevindt zich aan de voorzijde van de hals vlak boven het strottenhoofd. 

Slide 19 - Tekstslide

Hersenen
De hersenen
De hersenen zijn het belangrijkste orgaan in je lichaam. Ze zorgen ervoor dat je kunt denken, voelen, bewegen en alles om je heen kunt begrijpen. Ze werken als een supercomputer die al je herinneringen, emoties en bewegingen regelt. Zonder je hersenen zou je niks kunnen doen
Weetjes
Je hersenen voelen geen pijn. Er zitten geen pijnreceptoren in de hersenen, dus ze kunnen zelf geen pijn voelen.

Je hersenen werken ook terwijl je slaapt. Ze verwerken informatie en helpen je dingen te onthouden.

Je hersenen wegen ongeveer 1,5 kilo, maar gebruiken wel 20% van alle energie in je lichaam.

Slide 20 - Tekstslide

De huid
Orgaan
De huid is het grootste orgaan van de mens. de huid van een volwassen persoon kan tussen de 15 en 20 kilo wegen. 
Functies
Ook de huid heeft meerdere functies, zoals: 

  • Het beschermen van je cellen, weefsels en organen tegen bacteriën en virussen.
  • Zorgen dat je lichaamstemperatuur constant blijft. 
  • Zorgen dat aanrakingen maar ook warmte, kou, jeuk en pijn gevoeld worden. 

Slide 21 - Tekstslide

Wat is GEEN functie van de huid?
A
beschermen tegen bacteriën en virussen
B
lichaamstemperatuur constant houden
C
zorgen dat aanrakingen, pijn, kou, jeuk etc. gevoel worden
D
zouten en andere voedingsstoffen naar bloed brengen

Slide 22 - Quizvraag

Alle organen op een rijtje

Slide 23 - Tekstslide

Vraag: welk orgaan staat hier niet bij die wij wel hebben besproken?

Slide 24 - Tekstslide

Zelf aan de slag
Juiste kaartjes bij de organen leggen

Slide 25 - Tekstslide