§ 3.4 - Economische ontwikkeling

Economische ontwikkeling
Waar hebben we het over gehad?
- Landbouw (visserij, akkerbouw, veeteelt, tuinbouw)
- Industrie (lichte & zware industrie) 

1 / 14
volgende
Slide 1: Tekstslide
AardrijkskundeMiddelbare schoolvmbo bLeerjaar 1

In deze les zitten 14 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Economische ontwikkeling
Waar hebben we het over gehad?
- Landbouw (visserij, akkerbouw, veeteelt, tuinbouw)
- Industrie (lichte & zware industrie) 

Slide 1 - Tekstslide

Van arm naar rijk
Periferielanden: voornamelijk landbouw
Semi-periferielanden: voornamelijk industrie
Centrumlanden: voornamelijk diensten 

Hoe zijn centrumlanden rijk geworden?

Slide 2 - Tekstslide

Wat is analfabetisme?
A
Iemand die vele jaren naar school is geweest
B
Iemand die in de dienstensector werkt
C
Iemand die goed kan lezen en schrijven
D
Iemand die niet kan lezen of schrijven

Slide 3 - Quizvraag

Wat meet de HDI?
A
Welvaart
B
De armoede grens
C
Welzijn
D
Hoeveel geld iemand heeft

Slide 4 - Quizvraag

Kolonisatie

Slide 5 - Woordweb

Slide 6 - Tekstslide

Slide 7 - Tekstslide

§ 3.4 - Economische ontwikkeling
Hoofdstuk 3 - Arm en rijk

Slide 8 - Tekstslide

Leerdoelen:
- Je kent het verschil tussen landbouw, industrie en diensten
- Je begrijpt de relatie tussen de ontwikkeling van een land en het soort werk dat mensen doen. 
§ 3.4 Economische ontwikkeling
1 KGT
Hoofdstuk 3 - Arm en rijk

Slide 9 - Tekstslide

Verdeling van de beroepsbevolking
Beroepsbevolking: de groep mensen in een land die betaald werk heeft of daarnaar zoekt

Landbouw             - grondstoffen uit de aarde halen 
Industrie                 - producten maken uit grondstoffen
Diensten                 - mensen die iets doen voor andere mensen

Slide 10 - Tekstslide

Wie zijn de beroepsbevolking?
A
Iedereen die in een land woont tussen de leeftijd 15-75
B
Iedereen die in een land woont
C
Iedereen die in een land woont en werkt
D
Alle werkende mensen behalve de ouderen

Slide 11 - Quizvraag

Beroepsbevolking in rijke landen
  • Veel mensen in de dienstensector
- advocaat
-vrachtwagenchauffeur
- verkoper
- arts
-leraar
  • Diensten: moeilijk te verplaatsen (want die mensen hebben de kennis) 
  • Hoe rijker het land, hoe groter de dienstensector

Slide 12 - Tekstslide

Beroepsbevolking in arme landen
  • Meeste mensen werken in bedrijven in de landbouw
- vaak klein en zelfvoorzienend
- om zelf van te leven
  • Ook grote commerciële landbouwbedrijven
- bedrijven uit rijken landen
- productie voor export
  • Veel mensen in de informele sector 
    = zwart werken. Nadeel; niet verzekerd

Slide 13 - Tekstslide

Verandering in beroepsbevolking

  • In het begin: vooral landbouw
  • Als landen zich ontwikkelen: steeds meer industrie
- eerst met de hand
- later met machines
  • Uiteindelijk: steeds meer dienstensector

Slide 14 - Tekstslide