Signaalwoorden geven het verband aan tussen alinea’s en zinnen en zijn dus heel belangrijk voor de begrijpelijkheid van een tekst. Het geeft informatie over hoe een tekst is opgebouwd.
Slide 2 - Slide
Welke soorten zijn er?
Opsomming
Oorzaak & gevolg
Tegenstelling
Vergelijking
Voorwaarde
Voorbeeld
Conclusie
Relativering
Slide 3 - Slide
vertaal: however
Slide 4 - Open question
welke functie heeft het woord however
A
reden/oorzaak
B
voorwaarde
C
tegenstelling
D
uitbreiding/opsomming
Slide 5 - Quiz
as a result
Slide 6 - Open question
Welke functie heeft 'as a result' ?
A
vergelijking
B
tijd/volgorde
C
reden/oorzaak
D
gevolg/conclusie
Slide 7 - Quiz
vertaal: not only...but also
Slide 8 - Open question
welke functie heeft 'not only...but also'?
A
voorbeelden
B
uitbreiding/opsomming
C
vergelijking
D
reden/oorzaak
Slide 9 - Quiz
Since you 've made room. juiste vertaling 'since'?
A
sinds
B
want
C
aangezien
D
intussen
Slide 10 - Quiz
odd one out: Welke past er niet bij?
A
initially
B
moreover
C
furthermore
D
besides
Slide 11 - Quiz
vertaal provided: Provided he poses no danger to us, yes.
Slide 12 - Open question
Wat is dan de functie van provided?
A
tijd/volgorde
B
voorwaarde
C
tegenstelling
D
gevolg/conclusie
Slide 13 - Quiz
odd one out: welke hoort er niet bij?
A
instead
B
hence
C
despite
D
on the one hand
Slide 14 - Quiz
wat betekent 'hence'? The roads were covered in ice; hence it was not safe to drive.