In de beroepspraktijk ga je allerlei teksten schrijven, zoals e-mails, memo's, instructies en artikelen. Het is daarom belangrijk om hier mee te oefenen. Zo word je vaardig in schrijven.
SCHRIJVEN is één van de 4 examens die je gaat voltooien voor het vak Nederlands.
Slide 4 - Slide
Doel van de les
1.1 - Je schrijft een memo
Slide 5 - Slide
???
Slide 6 - Slide
Wat is een memo?
kort briefje
korte boodschap
telefonische boodschap
alleen de belangrijkste informatie
Slide 7 - Slide
Hoe schrijf je een memo?
Slide 8 - Slide
Slide 9 - Slide
Voorbeeld
Je werkt bij een kinderopvang als netwerkbeheerder.
De moeder van Ivo belt voor jouw collega Iris, om te vragen of Ivo deze week op andere dagen naar de kinderopvang kan komen.
Jouw collega Iris is net een kind naar bed aan het brengen.
Wat doe je?
Slide 10 - Slide
Vul in
Wie?
Wat?
Waar?
Wanneer?
Waarom?
Hoe?
Slide 11 - Slide
5 w+h
Wat? Terugbellen
Wie? Moeder van Ivo
Waar?
Wanneer? vanmiddag voor 17.00 uur (datum invullen)
Waarom? Moeder van Ivo heeft een vraag over opvang dagen
Hoe? bellen met nummer 06-12345678
Slide 12 - Slide
Memo
Beste Iris,
Moeder van IVO belde over andere opvangdagen.
Wil je haar voor 17.00 uur terugbellen?
Telnr. 06-1234567
Anouk
Slide 13 - Slide
Oefening memo schrijven
Op je werk is een monteur langsgekomen om de airco te repareren die steeds kapotgaat. Hij vraagt jou aan je collega’s door te geven dat de airco alleen nog maar met de afstandbediening mag worden ingesteld, dus mensen mogen niet meer aan het apparaat zelf komen. De monteur heeft de airco zo ingesteld dat het altijd 21 graden is. Het is dus niet nodig dat mensen er iets aan veranderen. Pas als iedereen het ermee eens is, mag iemand de temperatuur aanpassen. Je hebt de afstandbediening in de la bij de printer gelegd.