2 havo, ch 2 herhaling bijv nw + ww avoir/être/faire/aller

Bonjour!
Le programme d'aujourd'hui:

  • Comment ont été vos vacances?
  • stencil avoir - être - faire - aller
  • verbuga.eu
  • oefenen bijvoeglijk nw.
Programme d'aujourd'hui
Leerdoelen. Je kan:
- de vorm van het bijv nmw aanpassen in het Frans
- het werkwoord avoir en être in de présent en passé composé vervoegen
1 / 17
next
Slide 1: Slide
FransMiddelbare schoolvwoLeerjaar 2

This lesson contains 17 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

Bonjour!
Le programme d'aujourd'hui:

  • Comment ont été vos vacances?
  • stencil avoir - être - faire - aller
  • verbuga.eu
  • oefenen bijvoeglijk nw.
Programme d'aujourd'hui
Leerdoelen. Je kan:
- de vorm van het bijv nmw aanpassen in het Frans
- het werkwoord avoir en être in de présent en passé composé vervoegen

Slide 1 - Slide

Tu as passé de bonnes vacances?
C'était super!
J'ai passé de bonnes vacances!
C'était nul.
J'ai joué à la console
J'ai fait la grasse matinée.

Slide 2 - Slide

Slide 3 - Link

timer
10:00

Slide 4 - Slide

Hoe zat het ook alweer met het bijvoeglijk naamwoord? 

Slide 5 - Slide

In het Frans..
Basis regel
  • J'ai une grande maison
  • J'ai deux grandes maisons
  • J'ai un grand vélo
  • J'ai deux grandvélos
mannelijk
vrouwelijk
enkelvoud
     -
     e
meervoud
     s
    es
Deze letters komen achter het bijvoeglijk naamwoord

Slide 6 - Slide

In het Frans..
Onregelmatige vormen
Deze vormen leer je uit het hoofd
mannelijk enk.
mannelijk mv
vrouwelijk enk
vrouwelijk mv.
vertaling
bon
bons
bonne
bonnes
goed
beau
beaux
belle
belles
mooi
nouveau
nouveaux
nouvelle
nouvelles
nieuw
vieux
vieux
vieille
vieilles
oud

Slide 7 - Slide

In het Frans..
Deze bijvoeglijk naamwoorden komen voor het zelfstandig naamwoord in het Frans.

Plaats
J'ai une grande maison
J'ai un nouveau vélo
Elle a un vieux poisson
Bon, vieux, beau
petit, grand, nouveau
J'ai un petit frère
Lina est ma grande soeur.
J'ai mangé un bon gâteau

Slide 8 - Slide

De volgende vragen gaan over het bijvoeglijk naamwoord.

Wat weet jij nog over het bijvoeglijk naamwoord?


Slide 9 - Slide

mannelijk meervoud
Mannelijk enkelvoud
vrouwelijk meervoud
vrouwelijk enkelvoud
+ S
+ E
+ ES
-

Slide 10 - Drag question

+es
+s
+e
+ X
petit
petites
petits
petite

Slide 11 - Drag question

Wat is juist?
A
un grand garçon
B
un garçon grand

Slide 12 - Quiz

vrouwelijke meervouds vorm van
vieux (oud)
A
vielle
B
vieuxs
C
vieilles
D
vieillexs

Slide 13 - Quiz

Wat is de vrouwelijke vorm (ev) van:
rouge
A
rouge
B
rougee
C
roug
D
rouges

Slide 14 - Quiz

Wat is de mannelijke vorm (mv) van:
gris
A
gris
B
grise
C
grisee
D
griss

Slide 15 - Quiz

1 Il y a deux _____________ garçons _____________ dans la classe.        -->  

2 Vous arrivez dans une _____________ zone _____________ .                -->             

3 J'ai reçu un _____________ cadeau _____________ de ma copine.     -->  

4 Ce sont des pulls pour des _____________ hommes ____________.  -->  

5 Tu préfères les _____________ robes _____________?                             -->  

6 Fabienne est une _____________ fille _____________.                            -->  

Onderdeel E: Sleep het bijvoeglijk naamwoord naar de juiste plaats. 
nouveaux
dangereuse
joli
vieux
bleues
jeune

Slide 16 - Drag question

Slide 17 - Link