Ook taal - Literatuur - Het geheim van de spiegel

Lekker lezen!

1 / 12
next
Slide 1: Slide
Begrijpend lezenLiteratuurBasisschoolGroep 5-8

This lesson contains 12 slides, with text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Introduction

Lekker lezen! En luisteren!

Items in this lesson

Lekker lezen!

Slide 1 - Slide

Ik kan de tijd en ruimte van het verhaal bepalen.
Ik kan personages beschrijven en hun karaktereigenschappen benoemen.
Ik kijk kritisch naar de manier waarop de karakters van de personages beschreven worden in de tekst.

Slide 2 - Slide

De tekst staat een site. Zie de volgende slide, open de site en klik op 'Lees een stukje'!
Bekijk de tekst, maar lees hem nog niet!
  • Wat is dit voor tekst? Waar zie je dat aan?
  • Wat denk je dat de schrijvers willen met deze tekst (wat is het doel?)
  • Hoe ga je deze tekst lezen?
  • Waar denk je dat het over zal gaan, waarom denk je dat?
  • Wat weet je er al van? 

Slide 3 - Slide

Slide 4 - Link

De leerkracht leest het verhaal voor! Lees je mee?
... en anders online via het leesfragment op de vorige slide.
Doe dit op papier als de leerkracht het heeft geprint...

Slide 5 - Slide

Vind je het een mooie tekst?
Waarom?
Bespreek de vragen samen met je maatje en daarna in de klas.
Begrijp je waar het over gaat?

Slide 6 - Slide

De leerkracht leest nog een keer het eerste stuk voor.

Slide 7 - Slide

Ik let op aanwijzingen over de tijd en ruimte.
En ook let ik op de karaktereigenschappen van de personages.

Slide 8 - Slide

Hoe vind je dat de karakters beschreven worden?

Hoe had dat anders gekund?

Slide 9 - Slide

Beantwoord de vragen.
Waar speelt het verhaal zich af?
Wat is het geheimzinnige aan het kasteel?
Jasmijn durft eerst niet, maar gaat toch mee. Kun je een situatie bedenken waarin jij iets eng vond, maar het toch deed?

In de eerste alinea wordt Lars als nieuwsgierig en eigenwijs neergezet:
“Maar Lars is een nieuwsgierige en eigenwijze jongen die nergens gevaar in ziet.”
Schrijf een stukje tekst waarin duidelijk wordt dat hij nieuwsgierig en eigenwijs is zonder dat je dat direct zegt zoals in de tekst
Lars en Jasmijn reageren verschillend op het kasteel. Wie zou jij zijn in dit verhaal?
Teken een kaart van het gebied zoals jij het je voorstelt. Voeg plaatsen toe zoals de heuvel, de wijngaarden en het kasteel.

Slide 10 - Slide

Wat vond je van deze tekst?
Zou je meer van dit soort teksten willen lezen? Waarom
wel/ niet?

Slide 11 - Slide

Tot de 
volgende keer!

Slide 12 - Slide