This lesson contains 20 slides, with interactive quizzes and text slides.
Lesson duration is: 20 min
Items in this lesson
Slide 1 - Slide
Slide 2 - Slide
Possessive: 's, ' and ... of ...
Chapter 5 - E - pg 74
Slide 3 - Slide
What's the difference again?
She's -> she is It is her book -> het boek is van haar It's Sarah's book -> het boek is van haar Sarah's books -> de boeken van Sarah The girls' book -> het boek van de meisjes The girls' books -> de boeken van de meisjes
Slide 4 - Slide
Bezit: aangeven van wie iets is
Even je kennis opfrissen...
Slide 5 - Slide
1.Possessive (bezit): 's
Wanneer gebruik je apostrof+s?
Bij namen van personen of dieren
.... in het enkelvoud
.... in het meervoud als woorden niet op een S eindigen
Bij expressions of time
I like Jim's hair.
The cat's whiskers.
Charles's toys.
Yesterday's news.
Slide 6 - Slide
2.Possessive (bezit): '
My parents'car. (parents = meervoud met s)
His siblings' hobby. (siblings = meervoud met s)
Wanneer gebruik je alleen een apostrof?
Bij personen/dieren in het meervoud die wel op een S eindigen