De Griekse Stadstaten

Griekse stadstaten &  Athene
Tijdvak negen: Tijd van Grieken en Romeinen
1 / 23
next
Slide 1: Slide
MaatschappijleerMiddelbare schoolmavoLeerjaar 1

This lesson contains 23 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

Griekse stadstaten &  Athene
Tijdvak negen: Tijd van Grieken en Romeinen

Slide 1 - Slide

Wat gaan we vandaag doen? 
  • Wat gaan we vandaag doen(5-10 minuten)
  • Uitleg: Stadstaten democratie  (30 minuten).
  • Afsluiten van de les(10 minuten)

Slide 2 - Slide

Wat gaan we vandaag leren? 
  • Aan het einde van de les weten we wat natuurgodsdienst ook alweer is. 
  • Aan het einde van de les weten we wie Romulus en Remus zijn. 
  • Aan het einde van de les weten we het verhaal van Rome. 

Slide 3 - Slide

Slide 4 - Slide

Stadstaten 
  • Het oude Griekenland was niet een land, maar een verdeling van verschillende stadstaten.
  • Elke stadstaat was verschillend. Ze hadden hun eigen bestuur en een kleine aantal inwoner van ongeveer 1000 mensen. 
  • Voorbeelden van stadstaten zijn bijvoorbeeld Athene en Sparta. 

Slide 5 - Slide

Sparta 
  • Sparta was een stadstaat plus omgeving die bekend stond voor zijn militaire macht en sociale gelaagdheid. 
  • Sparta was namelijk een duo-monarchie die regeerde over een samenleving van slaven en vrije burgers.  

Slide 6 - Slide

Athene
  • Athene was een grote stadstaat met omgeving die bekend stond voor zijn filosofen en natuurlijk de democratie. 
  • Dit betekende niet dat iedereen mocht stemmen, vrouwen, slaven en mannen zonder burgerrecht mochten bijvoorbeeld niet stemmen. 

Slide 7 - Slide

Hoe groot was de gemiddelde stadstaat in Griekenland?
A
10.000
B
1.000
C
15.000
D
500

Slide 8 - Quiz

Bij welke stadstaat past deze zin: Deze stadstaat stond bekend om zijn militaire macht.
A
Athene
B
Alexandrië
C
Thebe
D
Sparta

Slide 9 - Quiz

Wie mochten er wel stemmen in Athene?
A
Vrouwen en kinderen.
B
Mannen.
C
Mannen met burgerrecht.
D
Vrouwen met burgerrecht.

Slide 10 - Quiz

Begin van de democratie 
  • Voordat Athene een democratie werd de stadstaat bestuurd door een groepje rijke burgers, ook wel magistraten genoemd.
  • Zij bepaalde wat voor wetten en belastingen er werden opgesteld in de stadstaat en met wie zij oorlog gingen voeren. 
  • De soldaten van Athene kregen voor hun hulp burgerrechten.

Slide 11 - Slide

Begin van de democratie 
  • Burgerrecht hield in dat ze mochten meebeslissen met het bestuur van Athene. Ze werden burgers. 
  • Door deze beslissing ontstond er in Athene de eerste democratie. Niet alle mensen kregen burgerrechten.
  • Je moest als eerste een vrij man zijn van 18 jaar en zijn geboren in Athene bij Atheense ouders.

Slide 12 - Slide

Wat waren de voorwaarden om burgerrechten te krijgen in Athene?

Slide 13 - Open question

Begin van de democratie 
  • De Atheners gebruikte een directe vorm van democratie. Die werd gehouden via een volksvergadering. 
  • Tijdens zo volksvergadering kwamen alle vrije mannen bijeen om te stemmen over het bestuur van Athene. 
  • De magistraten stelden voor aan volksvergadering enkele wetten/verklaringen en liet de vergadering erover stemmen.

Slide 14 - Slide

Begin van de democratie 
  • Deze magistraten was een groep van 500 die elk jaar werd vervangen door loting. Dit werd gedaan, om niemand te veel macht te geven.  

Slide 15 - Slide

Wat was de rol van de volksvergadering?
A
Het beslissen over wetten/verklaringen.
B
Het maken van wetten/verklaringen
C
De wetten/verklaringen uitvoeren
D
De wetten/verklaringen handhaven.

Slide 16 - Quiz

Waarom werden de magistraten elk jaar vervangen?

Slide 17 - Open question

Ongelijkheid in een democratie. 
  • Naast de gelijkheid onder de vrije mannen, zijn er ook veel ongelijkheden. Bijvoorbeeld Slaven die eigendom zijn van iemand anders en geen rechten hebben. 
  •  Je werd slaaf als je werd gevangen of zelf als je ouder slaaf waren. 
  • Als slaaf moest je luisteren naar je meester. Als je dat niet deed, werd je gestraft. 

Slide 18 - Slide

Ongelijkheid in een democratie. 
  • Ook was er ongelijkheid tussen de vrije mensen. Vrije vrouwen bijvoorbeeld hadden niet dezelfde rechten als vrije mannen.
  • Ze moesten thuis blijven en voor de kinderen zorgen. Ze mochten niet meedoen met de democratie. 

Slide 19 - Slide

Waar of niet waar: Je had als mannelijke slaaf burgerrechten.
A
Waar
B
Niet waar

Slide 20 - Quiz

Waarom mochten vrouwen niet meedoen met de democratie?

Slide 21 - Open question

Slide 22 - Video

Maken Huiswerk 
Wat ? : Je gaat zelfstandig aan de slag met leerdoelen: 3.2 Oriëntatie, B en C 
Hoe ? : Je doet dit via Learnbeat
Tijd? : 10 minuten. 
Hulp? : De docent.
Klaar? : Ga verder met ander huiswerk, oefenbegrippen of ga lezen in je leesboek.   
Resultaat : je hebt alvast je huiswerk gemaakt :D






Slide 23 - Slide