De kinderen zitten met een instrument in een kring. Drie paashazen gaan naar de gang. Verstop drie eieren. Een van de paashazen komt binnen en zoekt een ei.
Speel zacht als de paashaas ver
van het ei af is. Speel harder als
de paashaas dichterbij komt.
Herhaal het spel tot alle eieren
gevonden zijn.
Slide 4 - Slide
D A A7 D
D7 G
D A7 D
Lees eerst de woorden op de plaatjes hieronder.
Luister dan naar couplet 1. Schuif de plaatjes in de goede volgorde.
Slide 5 - Slide
Luister nog een keer naar couplet 1.
Tik bij elk ei een keer op je tafel.
Hoe vaak moet je na elke regel tikken?
Pas op! Na de derde regel klinken maar twee eieren!