Examentraining 2025 vraagsoorten en leesstrategieën deel 1

Examentraining Duits 2025 - 1
1 / 38
next
Slide 1: Slide
DuitsMiddelbare schoolvmbo k, g, tLeerjaar 4

This lesson contains 38 slides, with interactive quiz, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 75 min

Items in this lesson

Examentraining Duits 2025 - 1

Slide 1 - Slide

Wanneer is het examen Duits?
  • donderdag 15 mei 09:00 - 11:00 uur
  • voor leerlingen met dyslexie tot 11:30 uur

Slide 2 - Slide

Einleitung
  • Het eindexamen Duits bestaat uit teksten met verschillende soorten vragen (40-45)                                                                             
  • Voordat je een examenvraag gaat maken, is het belangrijk dat je weet waar de tekst over gaat. Je leest de tekst daarom eerst oriënterend. 
  • Je leest de titel, de tussenkopjes, de vetgedrukte/schuingedrukte/onderstreepte tekstdelen, kijkt naar de afbeeldingen, naar wat voor tekstsoort het is en naar andere dingen die opvallen. Zo krijg je een eerste indruk van de tekst en kom je erachter waar de tekst over gaat. 
  • Bedenk ook altijd wat je zelf al van het onderwerp weet. Zo activeer je je voorkennis. En dat helpt je bij het beantwoorden van de vragen. Je weet dan immers al een beetje wat je kunt verwachten bij de tekst.




Slide 3 - Slide

Hoe begin je? Beantwoord de volgende vragen aan het begin van elke tekst:

  • lees de tekst globaal; wat voor soort tekst is dit
  • gaat het om een mening of feiten? 
  • is er één kant belicht of meerdere meningen
  • wat is de hoofdgedachte van de tekst
  • zijn er verschillende alinea's; welke functie heeft elke alinea
  • welke signaalwoorden zie je en wat betekent dit voor de tekst
  • formuleer kort waarom de auteur deze tekst heeft geschreven

Slide 4 - Slide

Soorten vragen
We gaan de volgende vraagsoorten met bijbehorende strategieën bespreken:
  • combinatievraag
  • kort-antwoordvraag
  • samenvattingsvraag
We gaan de volgende vraagsoorten met bijbehorende strategieën bespreken:

  • combinatievraag
  • kort-antwoordvraag
  • samenvattingsvraag
  • beweringsvraag
  • gatenvraag
  • functievraag
  • citeervraag
  • lang-antwoordvraag
  • inhoudsvraag

Slide 5 - Slide

De Combinatievraag
Eén van de vraagsoorten op een examen is de combinatievraag. Hierbij moet je dingen met elkaar combineren. Je moet bijvoorbeeld tussenkopjes of beschrijvingen met de juiste alinea matchen. 

Slide 6 - Slide

Strategieën: Combinatievraag
Algemeen:
oriënterend lezen
voorkennis activeren
globaal lezen
woordenboek gebruiken

Specifiek:
  • woorden uit de omschrijving/titel lezen en in de alinea zoeken
  • antwoord controleren door de titel in een vraag te veranderen
  • eerste en/of laatste zin van de alinea nauwkeurig lezen
  • belangrijkste woorden en/of zinnen markeren









Slide 7 - Slide

Voorbeeld: Combinatievraag
Examen  vmbo GL/ TL --> 2022 -->
 tijdvak 2 --> tekst 7

Slide 8 - Slide

Antwoord vraag 7
antwoorden

Slide 9 - Slide

De Kort-antwoordvraag
Bij een kort-antwoordvraag worden er geen keuzemogelijkheden voor de antwoorden gegeven. Dit soort vragen worden altijd in het Nederlands gesteld en je moet ze bijna altijd ook in het Nederlands beantwoorden. Soms wordt er gevraagd een paar woorden uit de tekst over te schrijven. Dit doe je natuurlijk wel in het Duits.

Bij kort-antwoordvragen wordt er vaak gevraagd naar een alineanummer of aantal, of je moet een woord of tekstgedeelte citeren zonder dit verder uit te leggen. Je hoeft dus niet echt zelf een antwoord te formuleren.


Omdat er gericht gevraagd wordt naar bepaalde, concrete informatie, hoef je meestal niet de hele tekst te lezen en te begrijpen, maar doorzoek je de tekst op bepaalde woorden. Dit gericht lezen heet scannen. 




Slide 10 - Slide

Strategieën: Kort-antwoordvraag
Algemeen:
oriënterend lezen
voorkennis activeren
globaal lezen
scannend lezen
woordenboek gebruiken


Specifiek:
  • woorden uit de vraag opzoeken
  • vetgedrukte woorden in de vraag als aanwijzing gebruiken
  • antwoordaanwijzingen achteraf checken (precies dat antwoorden wat er gevraagd wordt)
  • belangrijkste woorden en/of zinnen markeren










Slide 11 - Slide

Voorbeeld: Kort-antwoordvraag
Examen vmbo GL/ TL --> 2018 --> tijdvak 1 --> tekst 11


Slide 12 - Slide

Antwoord kort-antwoordvraag
antwoord

Slide 13 - Slide

De Samenvattingsvraag
De opdrachten bij examenteksten bestaan voor een groot deel uit meerkeuzevragen. Er zijn verschillende soorten meerkeuzevragen. Bijvoorbeeld de samenvattingsvraag. Voorbeelden van vragen zijn:  de juiste titel kiezen of de kern van de alinea geven. Deze vragen worden meestal in het Duits gesteld.

De leesmanier die bij dit soort vragen hoort is globaal lezen. Het gaat erom dat je de grote lijnen van de alinea snapt en de belangrijkste informatie eruit weet te halen. De belangrijkste informatie in een alinea staat vaak in de eerste en/of de laatste zinnen. De belangrijkste informatie lees je vervolgens nauwkeurig, zodat je precies weet wat er staat.



Slide 14 - Slide

Strategieën: Samenvattingsvraag
Algemeen:
oriënterend lezen
voorkennis activeren
globaal lezen
scannend lezen
woordenboek gebruiken


Specifiek:
  • woorden uit de alinea in de titel herkennen
  • antwoorden controleren door de titel in een vraag te veranderen
  • eerste en/of laatste zin van de alinea lezen
  • belangrijkste zinnen markeren
  • de belangrijkste zinnen nauwkeurig lezen











Slide 15 - Slide

Voorbeeld: Samenvattingsvraag
Examen vmbo GL/ TL --> 2018 --> tijdvak 1 --> tekst 12

Slide 16 - Slide

Antwoord Samenvattingsvraag
antwoord

Slide 17 - Slide

De Beweringsvraag
Een beweringsvraag is een vraag waarbij je van een aantal beweringen over een alinea of tekst moet aangeven of ze wel of niet juist zijn. De vraag wordt vaak gesteld bij een korte tekst.


Lees de hele tekst of alinea waarover de vraag gaat globaal door. Ga dan per bewering op zoek naar de passage waar het antwoord staat. Lees deze passage nog eens goed en ga na of de bewering wel of niet klopt. Kruis dit aan op het antwoordblad. Doe daarna hetzelfde met de volgende bewering.





Slide 18 - Slide

Strategieën: Beweringsvraag
Algemeen:
oriënterend lezen
voorkennis activeren
globaal lezen
scannend lezen
woordenboek gebruiken


Specifiek:
  • eerst de alinea/tekst globaal lezen en zinnen over de beweringen markeren
  • de volgorde van de beweringen gebruiken
  • als er niets over een bewering staat, is hij automatisch fout
  • de woordstrategie ‘versterkende woorden’ gebruiken










Slide 19 - Slide

Voorbeeld: Beweringsvraag
Examen vmbo GL/ TL --> 2022 --> 
tijdvak 2 --> tekst 2

Slide 20 - Slide

Antwoord Beweringsvraag
antwoord

Slide 21 - Slide

De Gatenvraag
In een gatentekst is een woord of woordgroep uit de tekst weggelaten. Je moet het juiste woord uit drie of vier mogelijkheden kiezen. Het gaat hierbij vaak om zogenoemde signaalwoorden.

De weggelaten woorden zijn altijd uit de context af te leiden en hebben vaak betrekking op een logisch verband in de tekst. Het is dus heel belangrijk dat je de zinnen voor en na het gat goed leest en begrijpt. Voorspel op basis van wat je hebt gelezen om wat voor soort verband het gaat tussen het deel voor en na het gat. Moet er iets positiefs of negatiefs worden ingevuld?



Slide 22 - Slide

Strategieën: Gatenvraag
Algemeen:
oriënterend lezen
voorkennis activeren
globaal lezen
scannend lezen
woordenboek gebruiken


Specifiek:
  • betekenis of functie van antwoordmogelijkheden erbij schrijven
  • gebruikmaken van de functie van signaalwoorden
  • antwoordopties verdelen in positieve en negatieve en zo een deel wegstrepen









Slide 23 - Slide

Voorbeeld: Gatenvraag
Examen vmbo GL/ TL --> 2022 --> tijdvak 2 --> tekst 3



Slide 24 - Slide

Antwoord Gatenvraag
antwoord

Slide 25 - Slide

Wist je dat...
Een foto bij de tekst kan aangeven of er positief of negatief over een onderwerp wordt geschreven? Als je bij een tekst bijvoorbeeld een foto ziet van een lachende persoon, dan weet je dat de tekst positief is over het onderwerp.

Slide 26 - Slide

Wist je dat ...
Het handig is om altijd markeerstiften bij het maken van een tekst te hebben? Dan kun je namelijk bij globaal lezen woorden of zinnen markeren waarin volgens jou het antwoord moet staan, en zie je makkelijk welke stukjes je nog eens nauwkeurig moet lezen om het antwoord te vinden.

Slide 27 - Slide

Wist je dat …
Een samenvattingsvraag gemiddeld wel 10x in een examen voorkomt? Dat is 25% van je puntentotaal. Bestudeer de strategie voor deze vraag nogmaals heel goed!

Slide 28 - Slide

Wist je dat …
De punten bij een beweringenvraag niet ‘eerlijk’ verdeeld zijn? Als er vier beweringen zijn en de vraag twee punten waard is, krijg je pas bij drie goede antwoorden één punt en alleen vier goede antwoorden leveren de volle twee punten op.

Slide 29 - Slide

Wist je dat …
Je op het centraal examen gemiddeld 3 minuten per vraag de tijd hebt? Het opzoeken van een woord duurt gemiddeld al 60 seconden. Wees daarom zuinig met het gebruik van een woordenboek en leer zo veel mogelijk signaalwoorden en veelvoorkomende vragen uit je hoofd.

Slide 30 - Slide

Wist je dat …
Signaalwoorden verbanden aangeven in de tekst? Als het goed is heb je deze voor je toets Prüfungsidiom geleerd. Niet goed gedaan of vergeten? Leer deze alsnog uit je hoofd, want ze gaan je helpen het goede antwoord sneller te vinden! 

Slide 31 - Slide

Wist je dat …
Als je bijvoorbeeld drie redenen moet geven en je schrijft er vier op, je leraar alleen de eerste drie antwoorden mag beoordelen? Dus als je derde reden fout is, maar je vierde wel goed, mag hij daar helaas toch geen punten voor geven. Houd je goed aan de gevraagde aantallen.

Slide 32 - Slide

Wist je dat …
Lang-antwoordvragen vaak twee of meer punten waard zijn? Het is dus wel de moeite waard om hier even de tijd voor te nemen.

Slide 33 - Slide

Wist je dat …
Het bij meerkeuzevragen kan helpen om eerst zelf een antwoord te formuleren? Daarna lees je pas de meerkeuzeopties en kies je degene die het meest op jouw eigen antwoord lijkt. Zo word je minder snel door afleiders in verwarring gebracht.

Slide 34 - Slide

Video bekijken

Tip van @Mevrouw Duits

Slide 35 - Slide

Slide 36 - Video

ENDE
 Noch Fragen?

Slide 37 - Slide

Ik weet wat voor soorten vragen
ik op het examen kan verwachten en welke aanpak ik kan toepassen.
😒🙁😐🙂😃

Slide 38 - Poll