werkwoorden1

Werkwoorden 
1 / 15
next
Slide 1: Slide
NT2ISK

This lesson contains 15 slides, with interactive quizzes and text slide.

Items in this lesson

Werkwoorden 

Slide 1 - Slide

Zij ... naar school.
A
lopen
B
volg
C
eet
D
slaapt

Slide 2 - Quiz

Zijn auto .... voor de deur.
A
staan
B
zijn
C
sta
D
staat

Slide 3 - Quiz

Wij .... Nederlandse les.
A
moeten
B
zijn
C
hebben
D
volgen

Slide 4 - Quiz

Wij ... met de fiets naar school.
A
wilt
B
zijnt
C
doen
D
gaan

Slide 5 - Quiz

Hij ... op de stoel.
A
staat
B
gaat
C
zit
D
ligt

Slide 6 - Quiz

Waar... jij?
Ik woon in Eindhoven.
A
woont
B
wonen
C
woon
D
staan

Slide 7 - Quiz

... hij een taart voor mij?
A
Bak
B
Bakt
C
Bakken
D
Gaat

Slide 8 - Quiz

Hij ... een toets.
A
maken
B
wilt
C
maakt
D
is

Slide 9 - Quiz

Waarom... jullie naar huis?
A
ga
B
gaat
C
ging
D
gaan

Slide 10 - Quiz

Hoeveel broers ... jij?
A
hebt
B
hebben
C
heeft
D
heb

Slide 11 - Quiz

Nemo ... een vis.
A
doet
B
heb
C
is
D
heeft

Slide 12 - Quiz

De paarden ... in de wei
A
eet
B
liggen
C
staat
D
staan

Slide 13 - Quiz

Nemo en Dory ... vissen.
A
gaat
B
heeft
C
zijn
D
is

Slide 14 - Quiz

Waarom ... ze niets?
A
zegt
B
gesprek
C
zeggen
D
gesprekje

Slide 15 - Quiz