De volgende onderdelen komen terug in je periodeschrift:
Voorblad (op wit papier)
Woordweb (opdracht 1) (op wit papier)
Inhoudsopgave (op lijntjes papier)
Inleiding (op lijntjes papier)
Staafdiagram met gegevens zakgeld uit de klas (op wit papier)
Cirkeldiagram met contant of digitaal zakgeld uit de klas (op wit papier)
Geschiedenis van het geld; (op lijntjes papier)
Begrippen begroting, budget en formule omrekenen
verhaal van minimaal 150 woorden over geschiedenis van geld tot nu + tekening
Onderdelen van jullie dagboek + theorie van rekenen 1, 2 en 3 + een paar opgaven die je hebt gemaakt.
Nawoord (deze maken we morgen)
Slide 2 - Slide
Inleiding schrijven.
Wat komt er in de inleiding
Maak een woordweb. In het midden komt het woord economie. Schrijf 10 woorden op waaraan jij denkt bij het woord economie.
Beschrijf je leerdoelen voor deze periode. Waar wil jij aan werken. Maak een leerdoel voor je schrift en een persoonlijk leerdoel. Leg uit waarom jij deze leerdoelen kiest.
timer
15:00
Slide 3 - Slide
Opdracht goudvoorraad Nederland.
Zodadelijk zie je een video. Beschrijf in minimaal vijf regels waarom Nederland erg veel goud heeft. Voeg dit verhaal toe aan je inleiding.
Slide 4 - Slide
3HV Pincode H1
Hoofdstuk 1. De geschiedenis van geld
Samen lezen artikel zakgeld
Begroting: Overzicht van je inkomsten en uitgaven per week of per maand.
Budget: Het bedrag wat je maximaal kan uitgeven in een periode.
Bij een begroting moet je alles afstemmen op eenzelfde periode zoals een maand, een week of kwartaal (3 maanden). Formule:
Voorbeeld 1: Michel verdient € 75,- per week. Hoeveel verdient hij per maand?
Voorbeeld 2: Trudie verdient € 1200,- per maand. Hoeveel verdient ze per week?
Slide 5 - Slide
Opdracht 1
Maak een staafdiagram waarin je laat zien hoeveel zakgeld iedereen per week krijgt. Denk goed aan je indeling.
Uitleg:
Er zijn twee soorten geld
Chartaal geld. Contant geld wat je vast kan pakken
Giraal geld. Virtueel geld. Geld op je bankrekening.
Opdracht 2
Maak een cirkeldiagram waarin je laat zien hoeveel kinderen contant en hoeveel kinderen giraal het zakgeld ontvangen.
Slide 6 - Slide
Paragraaf 1. De geschiedenis van geld.
Slide 7 - Slide
Paragraaf 1. De geschiedenis van geld.
Slide 8 - Slide
Paragraaf 1. De geschiedenis van geld.
Opdracht.
Schrijf een tekst over de geschiedenis van het geld. De tekst bestaat uit minimaal 150 woorden. Maak gebruik van de hulpbronnen zoals aangegeven.
De video van klokhuis in de lessonup
De tekst "geschiedenis van het geld"
De uitleg zoals je net gehad hebt.
Maak naast de tekst een tekening over de geschiedenis van het geld Doe dit zoveel mogelijk op hetzelfde blad. De tekening is minimaal 25% van je A4 blad.
timer
1:00:00
Slide 9 - Slide
Opdracht gedurende de periode van afwezigheid meneer Linneman...
Donderdag + vrijdag en volgende week staan in het teken van voorbereiding voor de verkoop van jullie product:
Je kunt je plan verder uitwerken met het groepje
Materialen inkopen
Kostenoverzicht bijhouden (mag op papier of digitaal)
Posters en/of menukaarten maken voor aan jullie verkoopkraam
Houd een dagboek bij wat jullie per dag hebben gedaan. (deze moet uiteindelijk in je periodeschrift)