H8.2 & 8.3- Herhaling

Hoofdstuk 8:
Een kwetsbare planeet



Welkom!
Ga op je plek zitten, pak je laptop erbij en ga naar lessonup.
1 / 39
next
Slide 1: Slide
AardrijkskundeMiddelbare schoolhavoLeerjaar 3

This lesson contains 39 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 15 min

Items in this lesson

Hoofdstuk 8:
Een kwetsbare planeet



Welkom!
Ga op je plek zitten, pak je laptop erbij en ga naar lessonup.

Slide 1 - Slide

Planning
  • Herhaling paragraaf 2 & 3
  • Aan de slag 

Slide 2 - Slide

Paragraaf 2

Slide 3 - Slide

Bevolkingsprognose
-De wereldbevolking blijft de komende 100 jaar nog groeien.

-De groei verschuift van Azië naar Afrika
 

Slide 4 - Slide

Hoe kan een bevolking groeien of krimpen (2 manieren)?

Slide 5 - Open question

Natuurlijke bevolkingsgroei
Sociale bevolkingsgroei

  
  • Geboortecijfer +
  • Sterftecijfer -

  • Immigratie +
  • Emigratie -

Slide 6 - Slide

Natuurlijke bevolkingsgroei
Sociale bevolkingsgroei
Geboorte - sterfte 
  • Geboorteoverschot
  • Sterfteoverschot
Immigratie - emigratie
  • Vestigingsoverschot
  • Vertrekoverschot

Slide 7 - Slide



Het geboorte- en sterftecijfer worden sterk beïnvloedt door het welvaartsniveau van een land. Een stijgende welvaart leidt tot een dalend sterfte- en geboortecijfer. 
    Het demografische transitiemodel vertelt ons dus hoe en waarom de bevolking groeit bij een stijgend welvaartsniveau.
    !
    Het Demografische Transitiemodel
    In de eerste fase van het demografische transitiemodel zijn zowel het geboorte- als het sterftecijfer erg hoog. Dit is het geval bij veel landen tijdens de middeleeuwen. Tegenwoordig kunnen we alleen nog de alleramste landen en indianenstammen die nauwelijks contact hebben met andere volken plaatsen in de eerste fase van het model.
    De omvang van de totale bevolking is redelijk klein.
    1
    In de 2e fase van het model maakt het land de eerste economische groei door. Door deze economische groei is er meer geld beschikbaar voor de gezondheidszorg en scholing. Zo is er meer kennis over hygiëne en zijn er meer ziekenhuizen en artsen beschikbaar. Hierdoor daalt het sterftecijfer. Let op: Het geboortecijfer blijft nog wel hoog! Omdat er een (groot) verschil ontstaat tussen het sterfte- en geboortecijfer groeit de bevolkingsomvang. Er komen namelijk veel mensen bij (hoog geboortecijfer), maar er overlijden weinig mensen (dalend sterftecijfer). Veel landen in de Periferie kunnen worden geplaatst in deze fase.
    2
    In de 3e fase van het model neemt de welvaart verder toe. Onder andere omdat het scholingsniveau hoger wordt, anticonceptie makkelijker beschikbaar wordt en steeds meer vrouwen werken daalt het geboortecijfer. Mensen krijgen vaak later (en dus minder) kinderen. De totale bevolkingsomvang neemt wel toe, maar als het geboortecijfer (ongeveer) gelijk wordt aan het sterftecijfer stopt de groei van de bevolking. Vooral landen in de Semi-Periferie bevinden zich in deze fase.
    3
    In de 4e fase kunnen vooral de rijke landen uit het centrum geplaatst worden. Er is veel medische kennis en mensen kiezen er voor om weinig (gemiddeld 2 a 3) kinderen te krijgen. Deze landen hebben een laag (rond de 10) sterfte- en geboortecijfer. De bevolking neemt dan ook nauwelijks toe. 
    4
    In de 5e en laatste fase van het model neemt de totale bevolkingsomvang af. Er zijn nog maar weinig landen die zich in deze fase van het model bevinden. Waarschijnlijk is Duitsland een van de weinige landen die zich in deze fase bevindt. Na de Tweede Wereldoorlog was er sprake van een Baby-Boom (er werden veel baby's geboren). Deze groep mensen wordt oud en begint te overlijden. Omdat deze groep zo groot is stijgt het sterftecijfer en het is mogelijk dat het sterftecijfer hoger ligt dan het geboortecijfer. Met andere woorden: Er vallen meer mensen af dan dat er bij komen. Hierdoor daalt de totale bevolkingsomvang. 
    5
    In de grafiek worden 5 fases onderscheiden, elk met zijn eigen kenmerken. Op de X-as (horizontale lijn) wordt de tijd weergegeven: hoe meer naar rechts, hoe verder in de tijd. Op de Y-as (verticale lijn) staat de waarde van het geboorte- & sterftecijfer weergegeven. De gele lijn laat het geboortecijfer zien en de zwarte lijn het sterftecijfer. De bruine lijn laat de totale bevolkingsomvang zien. Er is geen waarde gekoppeld aan de bruine lijn, omdat die per land natuurlijk verschilt. Het is vooral belangrijk om in de gaten te krijgen wanneer de bevolking sterk groeit. 
    Indonesie in het transitiemodel
    Indonesië maakt op dit moment een demografische ontwikkeling door die je kunt vergelijken met de situatie in Nederland vlak na de Tweede Wereldoorlog. In Nederland is de bevolking in die tijd ook sterk gegroeid. Alleen nam het geboortecijfer daarna sterk af, totdat de Nederlandse bevolking geen groei meer vertoonde. (fase 3)

    Ook in Indonesië neemt het geboortecijfer sterk af en uiteindelijk zal dit ook gelijk liggen aan het sterftecijfer. Het geboortecijfer daalt doordat de welvaart toeneemt en mensen ervoor zorgen dat ze een pensioen opbouwen. Hierdoor is het niet meer noodzakelijk om kinderen te hebben die later voor je kunnen zorgen. Daarnaast werken en studeren er steeds meer vrouwen, waardoor huwelijken op latere leeftijd worden gesloten. Ook de religie is aan het moderniseren. Vroeger was het de heilige plicht van mensen om zoveel mogelijk kinderen te krijgen, tegenwoordig is het voor vele gezinnen in de stad niet zo praktisch en weegt dit zwaarder dan de religieuze achtergrond. Gelukkig is de medische zorg beter geworden, waardoor er minder kindersterfte is. De noodzaak om veel kinderen te nemen is eveneens hierdoor afgenomen. Tenslotte is de overheid zich er van bewust dat er een eind moet komen aan de enorme bevolkingsgroei. Er zijn verschillende reclamecampagnes gestart om gezinsplanning te stimuleren.

    Slide 8 - Slide

    Bevolkingsdiagrammen in transitie 
    In de eerste fase van het demografische transitiemodel zijn zowel het geboorte- als het sterftecijfer erg hoog. Dit is ook te zien in deze bevolkingsdiagram, je ziet namelijk dat de voet van de pyramide, wat de mensen tussen 0 en de 15 jaar weer geeft, erg breedt is. Richting de top wordt hij al snel erg puntig. dit houdt in dat de bevolking vanaf 65 snel kleiner wordt. Deze vorm van de bevolkingsdiagram noemen ze ook wel een pyramide-vorm.
    1
    In de 2e fase van het model maakt het land de eerste economische groei door.  Dit is ook duidelijk te zien aan de bevolkingsdiagram. Door de breede voet vertelt dat geboortecijfer nog steeds hoog is, maar er overlijden weinig mensen, het sterftecijfer is dalend. Dit is ook duidelijk te zien door dat de punt van de bevolkingsdiagram minder stijl wordt. Deze vorm van de bevolkingsdiagram noemen ze ook wel een pyramide-vorm.
    2
    In de 3e fase van het model neemt de welvaart verder toe, daardoor wordt de groei van de bevolking afgeremd. Je ziet aan de voet van de bevolkingsdigram dat de geboortecijfer daalt, want hij wordt minder breedt. Het sterftecijfer neemt door de toenemende welvaart ook af, dit zie je doordat de top niet meer punt heeft, maar meer rond wordt. Deze vorm van de bevolkingsdiagram noemen ze ook wel een granaat-vorm.
    3
    In deze fase kunnen vooral de rijke landen uit het centrum geplaatst worden. In de 4e fase is er een lage en vrij wel gelijke sterfte- en geboortecijfer. De bevolking neemt dan ook nauwelijks toe. De bevolkingsdiagram zal meer recht worden. In de toekomst zal het naar de 5e fase verschuiven, het geboortecijfer zal dalen en het sterftecijfer zal sterk gaan stijgen waardoor de bevolkingsgroei zal afnemen. Deze vorm van de bevolkingsdiagram noemen ze ook wel een urn-vorm
    4/5
    Elke fase in het demografische transitiemodel heeft ook een eigen bevolkingsdiagram. 
    !

    Slide 9 - Slide

    Slide 10 - Slide

    Slide 11 - Slide

    Wat laat de bevolkingsdiagram van Indonesië zien?
    A
    Een ontwikkeld land
    B
    Een land in ontwikkeling
    C
    Een sterfteoverschot
    D
    Een geboorteoverschot

    Slide 12 - Quiz

    In welke fase van het demografisch transitie model zit Rusland in 2016?
    A
    Fase 1
    B
    Fase 2
    C
    Fase 3
    D
    Fase 4

    Slide 13 - Quiz

    Bekijk de leeftijdsdiagram van Rusland. Welke ontwikkeling zie je?
    A
    Land in ontwikkeling; veel geboorten, minder sterfgevallen
    B
    Een ontwikkeld land; weinig geboorten, redelijk veel sterfgevallen
    C
    Ontwikkelingsland; veel geboorten, veel sterfte

    Slide 14 - Quiz

    Groei ongelijk verdeeld

    Rijke landen:
    - langzame toename of bevolkingskrimp
    - oude bevolking; vergrijzing
    - laag vruchtbaarheidscijfer
    (= het gemiddeld aantal kinderen per vrouw)


    Arme landen:
    - snelle bevolkingsgroei

    - jonge bevolking;  vergroening
    - hoog vruchtbaarheidscijfer 

    Slide 15 - Slide

    Sociale bevolkingsgroei
    De immigratie - emigratie is sociale bevolkingsgroei.

    Slide 16 - Slide

    Waarom migreren mensen?

    Slide 17 - Open question

    Migratie
    Binnenlandse migratie: trek naar de steden
    - 100 jaar geleden: 8/10 op het platteland
    - sinds 2007: meer stedelingen dan plattelanders 
    - vooral in arme landen: hoog urbanisatietempo

    Buitenlandse migratie
    Ongeveer 230 miljoen mensen zijn emigranten
    De grootste groep: economische migranten voorbeeld: Mexicanen in de V.S.
    En er is grote groep vluchtelingen bijvoorbeeld: Syriërs in Europa 

    Slide 18 - Slide

    Migratie
    Interne migratie > vooral urbanisatie 
    Tussen landen > economische migranten, vluchtelingen 

    Slide 19 - Slide

    Slide 20 - Slide

    Geboortecijfer
    Sterftecijfer
    Emigratie
    Vestigingsoverschot
    Immigratie
    Sociale bevolkingsgroei
    Migratie
    vertrekoverschot
    Geboorteoverschot
    strefteoverschot
    Natuurlijke bevolkingsgroei

    Slide 21 - Drag question

    Bevolking en duurzaamheid
    Door bevolkingsgroei sprake van overbevolking

    Draagkracht = Het vermogen van de natuur om mensen te voorzien in hun bestaan, zonder dat het natuurlijke evenwicht verstoord wordt
    Als er in een gebied meer mensen zijn dan de middelen van bestaan toelaten

    Slide 22 - Slide

    Waarom is welvaartsgroei een oorzaak voor de voedselcrisis in de wereld?

    Slide 23 - Open question

    Waarom is welvaartgroei ook een oplossing voor de voedselcrisis in de wereld?

    Slide 24 - Open question

    Paragraaf 3

    Slide 25 - Slide

    Voedselcrisis
    Er is genoeg voedsel in de wereld om alle mensen te voeden…en toch dreigt er een voedselcrisis ➡ voedseltekorten en stijgende prijzen.

    Er zijn 4 oorzaken:

    Oorzaak 1: de wereldbevolking
    groeit dus meer voedsel nodig

    Slide 26 - Slide

    Oorzaak 2: Ongelijke voedselverdeling
    De voedselafdruk van westerse landen is groter
    - westerse landen halen veel eten uit het buitenland, en hebben dus meer eten en drinken
    voedselafdruk: het aantal hectares dat nodig is om voedsel te verbouwen per inwoner of per land

    Slide 27 - Slide

    Oorzaak 3: stijging welvaart
    Door stijging welvaart veranderen eetgewoonten. In China en Brazilië wordt meer vlees en zuivel geconsumeerd. 

    Er is 10 kilo graan nodig voor productie 1 kilo vlees



    Slide 28 - Slide

    Oorzaak 4:  duurzame energiebronnen
    • veel biobrandstoffen worden gemaakt van eetbare gewassen. Dus nog meer voedsel te korten. Hoe duurzaam is dat dan?

    Slide 29 - Slide

    Oplossingen voedsel crisis
    1. Hogere opbrengsten in de landbouw door een nieuwe Groene Revolutie. Dus ...betere irrigatietechnieken, zaaizaad, kunstmest, …
    2. Anders consumeren voor een duurzamere voedselvoorziening. Dus minder verspillen, meer producten uit eigen land, en minder vlees eten, … 

    Slide 30 - Slide

    oplossing?
    - meer kleine boeren met verschillende
    gewassen
    - kringlooplandbouw
    - een duidelijke visie
     

    Slide 31 - Slide

    VB: precisielandbouw / smart farming
    - zo hoog mogelijke productie per gewas
    -  met behulp van nieuwe technieken
    -  zo laag mogelijke impact op het milieu
    voorbeelden nieuwe technieken:
    - GPS
    - sensoren
    - robots

    Slide 32 - Slide

    Hoe noem je een landbouwbedrijf dat zowel akkerbouw als veeteelt uitoefent?
    A
    Gespecialiseerd bedrijf
    B
    Intensief bedrijf
    C
    Gemechaniseerd bedrijf
    D
    Gemengd bedrijf

    Slide 33 - Quiz

    Oplossingen in de landbouw (groene revolutie)
    Oplossingen door de mensen zelf (Duurzame voedselvoorziening)
    betere irrigatietechnieken
    elektrisch rijden
    meer streekproducten eten
    gebruik kunstmest

    Slide 34 - Drag question

    Wat is een andere benaming voor specialisatie bij landbouwbedrijven?
    A
    monocultuur
    B
    monopoly
    C
    monolisatie
    D
    monolisme

    Slide 35 - Quiz

    Wat is GEEN voorbeeld van precisielandbouw?
    A
    pesticiden besproeien met drones
    B
    bij droogte wordt het land nat gehouden met de inzet van een helikopter
    C
    klimaat van een kippenstal meten met sensoren
    D
    onbemande tractor besproeit het land

    Slide 36 - Quiz

    Nederland importeert meer voedselproducten dan dat Nederland exporteert.
    A
    Waar
    B
    Niet waar

    Slide 37 - Quiz

    Wat is GEEN oorzaak van een dreigende voedselcrisis?
    A
    de wereldbevolking stijgt
    B
    de verdeling van het voedsel is ongelijk
    C
    rijke landen schakelen over op duurzamere energiebronnen
    D
    mensen gaan steeds gezonder eten

    Slide 38 - Quiz

    Aan de slag!
    • Kijk welke opdrachten je moeilijk vond van paragraaf 1 t/m 4
    • Dit mail je mij (per paragraaf minimaal 1 en maximaal 3 opdrachten noemen)

    • Ga leren voor de toets: maak een samenvatting / maak de opdrachten opnieuw / stel vragen.

    Slide 39 - Slide