Het werkwoord "IR"

Het werkwoord "IR"
Objetivos:
-Aan het eind van de les weet je de vervoeging van het ww IR.
-Aan het eind van de les kun je het ww IR toepassen.
-Aan het eind van de les kun je het ww IR gebruiken om informatie te geven.
1 / 23
next
Slide 1: Slide
SpaansMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 2

This lesson contains 23 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 20 min

Items in this lesson

Het werkwoord "IR"
Objetivos:
-Aan het eind van de les weet je de vervoeging van het ww IR.
-Aan het eind van de les kun je het ww IR toepassen.
-Aan het eind van de les kun je het ww IR gebruiken om informatie te geven.

Slide 1 - Slide

Slide 2 - Slide

timer
2:00

Slide 3 - Slide

Lees de onderstaande zinnen. Welke letter/woord verwijst naar "naar" in het SP?
Voy a casa de mis abuelos.
Juan y Pedro, ¿vais a la piscina?
María va a la escuela.
Mis amigos y yo vamos a la biblioteca.
Ellos van al partido.
Isabel ¿Vas al cine el sábado?

Slide 4 - Slide

Welke letter/woord verwijst naar "naar" in het SP?

Slide 5 - Open question

Yo (ir)_______ al instituto.
A
vas
B
va
C
voy
D
ir

Slide 6 - Quiz

Tú (ir)_________ al supermercado.
A
voy
B
va
C
vas
D
ir

Slide 7 - Quiz

Nosotros (ir)______ al instituto de lunes a viernes.
A
vamos
B
vais
C
van
D
ir

Slide 8 - Quiz

Vosotros, ¿(ir) _______a la fiesta de cumpleaños?
A
vamos
B
vais
C
van
D
ir

Slide 9 - Quiz

Sem y Sanne (ir) ________a España este verano.
A
vamos
B
vais
C
van
D
ir

Slide 10 - Quiz

Mis hermanos (ir)_______ al instituto en bicicleta.
A
vamos
B
vais
C
van
D
ir

Slide 11 - Quiz

-María, ¿(Ir)_____ a clase ahora?
+No, (ir)________ al gimnasio.
A
voy- vas
B
vas-voy
C
vas-va
D
va-voy

Slide 12 - Quiz

Vul de juiste vorm van het ww IR in de zinnen in.
Esteban y Flor (IR)_________ al comedor.

Slide 13 - Open question

Vul de juiste vorm van het ww IR in de zinnen in.
Yo (IR)________ a clase de inglés.

Slide 14 - Open question

Vul de juiste vorm van het ww IR in de zinnen in.
Los profesores (IR)____a casa.

Slide 15 - Open question

Vul de juiste vorm van het ww IR in de zinnen in.
Mis amigos y yo (IR)_____al instituto.

Slide 16 - Open question

Vul de juiste vorm van het ww IR in de zinnen in.
Joseba, ¿(IR-tú)_______a clase ahora?

Slide 17 - Open question

Vul de juiste vorm van het ww IR in de zinnen in.
Esteban (IR)______al supermercado.

Slide 18 - Open question

Schrijf de zin in het SP:
(Ik) ga naar huis

Slide 19 - Open question

Schrijf de zin in het SP:
(Hij) gaat naar de middelbare school

Slide 20 - Open question

Schrijf de zin in het SP:
¿Gaan (jullie) naar het zwembad?

Slide 21 - Open question

Schrijf de juiste vorm van het werkwoord 'IR' voor de volgende onderwerpen:
yo, tú, él/ella/usted, nosotros, vosotros, ellos/ellas, ustedes

Slide 22 - Open question

Heb jij het ww IR goed begrepen?
A
B
No
C
Een beetje
D
Ik begrijp het niet

Slide 23 - Quiz