This lesson contains 40 slides, with interactive quiz, text slides and 1 video.
Lesson duration is: 100 min
Items in this lesson
Gaswisseling en uitscheiding
Slide 1 - Slide
constant inwendig milieu
opnemen
uitscheiden
opslaan
Slide 2 - Slide
Constant inwendig milieu
Zintuigcellen
Zenuwcellen
Hormonen
Helpen allemaal bij regelen van constant inwendig milieu
Slide 3 - Slide
Een constant inwendig milieu
Slide 4 - Slide
Langerhans maakt insuline !
Glucose wordt omgezet in glucogeen
er is te veel glucose!
spier
lever
Slide 5 - Slide
Er is te weinig glucose!
Langerhans maakt glucagon!
Glycogeen wordt omgezet in glucose
Slide 6 - Slide
Bloedsuiker
Als bloedsuiker stijgt:
- De alvleesklier maakt insuline.
- Insuline zet Glucose om in Glycogeen en opgeslagen in de spieren en lever.
Als bloedsuiker te ver daalt:
- Maakt de alvleesklier Glucagon.
- Glycogeen uit de spieren en lever wordt weer omgezet in glucose.
Glucose
Insuline
Glycogeen
Glucagon
Slide 7 - Slide
Het ademhalingsstelsel van de mens
Slide 8 - Slide
Stofwisseling in de longen
1. Welke stof wordt in de longen toegevoegd aan het bloed (rode bloedcel?)
2. Welke stof wordt teruggegeven van het bloed aan de longen?
Slide 9 - Slide
Ademhalingsstelsel
Slide 10 - Slide
Slide 11 - Slide
Slide 12 - Slide
Aantekeningen
Volgorde
Neusholte of mondholte -> keelholte-> luchtpijp ->
bronchiën ->luchtpijptakjes -> longblaasjes
Slide 13 - Slide
Slide 14 - Slide
Slide 15 - Slide
noem voordelen voor de neusademhaling ten opzichte van de mond ademhaling?
Slide 16 - Slide
Werking Longblaasje
Slide 17 - Slide
In een bloedvat om een longblaasje heen, wordt zuurstof door hemoglobine opgenomen
Slide 18 - Slide
De bloedvaten om een longblaasje, hoe heten deze bloedvaten.
Slide 19 - Slide
Slide 20 - Slide
Slide 21 - Slide
Ademhaling bij dieren
Leerdoelen
1.6.10 Je kunt beschrijven hoe de gaswisseling plaatsvindt bij verschillende diergroepen.
Slide 22 - Slide
Ademhaling bij eencelligen
Eencelligen halen adem via
hun celmembraan. Ze zijn zo
klein dat het oppervlakte van hun
celmembraan in verhouding groot
genoeg is om voldoende zuurstof
te kunnen opnemen en voldoende
koolstofdioxide te kunnen afgeven.
Slide 23 - Slide
Ademhaling bij insecten
Insecten ademen met behulp
van tracheeën, sterk vertakte
buisjes die door het hele lichaam
eindigen. Ze staan in verbinding
met de buitenlucht door openingen
in het lichaam van het insect,
deze openingen heten stigma's.
Slide 24 - Slide
Ademhaling bij vissen
Kieuwen zijn de ademhalingsorganen van vissen, hiermee halen ze zuurstof uit het water en geven koolstofdioxide weer af aan het water.
Slide 25 - Slide
Slide 26 - Video
Ademhaling bij vogels
Vogels hebben longen met
luchtzakken. Hierdoor zit er
altijd verse lucht in de
longen en werken deze
veel efficiënter dan de
longen van zoogdieren.
Slide 27 - Slide
Zeezoogdieren hebben longen geen kieuwen
moeten naar boven komen om aan zuurstof te komen (ademhalen)
Slide 28 - Slide
Waarom kunnen dolfijnen sterven wanneer ze vastzitten in een net, terwijl haaien hier meestal niet aan sterven?
Slide 29 - Slide
uitscheidingsorganen
Slide 30 - Slide
Functie nieren
Uitscheiding overtollig water, zouten, afvalstoffen en schadelijke stoffen = urine
Slide 31 - Slide
Delen urinewegen
Urineleiders: Afvoeren urine naar de urineblaas
Urine blaas: Tijdelijke opslag van urine
Urinebuis: Afvoeren van urine naar buiten
Slide 32 - Slide
Slide 33 - Slide
Onderdelen van een nier
Nierschors: Vorming van urine
Niermerg: Vorming van urine
Nierbekken: Verzamelen van urine
Slide 34 - Slide
De lever
De bouw van de lever
Functies van de lever
Slide 35 - Slide
Welke ader brengt zuurstofarm en voedselrijk bloed naar de lever?
A
Leverader
B
Poortader
C
Leverslagader
D
Deurader
Slide 36 - Quiz
Functies van de lever.
Maken van gal.
Giftige stoffen uit je bloed halen
Afvalstoffen uit je bloed halen.
* glucose omzetten in glycogeen
*Ureum afgeven aan het bloed
Slide 37 - Slide
Functies van de lever
Slide 38 - Slide
Wat is gal?
Wordt gemaakt door de lever.
Opslag in galblaas
Komt bij het voedsel in de 12 vingerige darm.
Verdeelt vet in kleine druppeltjes
Slide 39 - Slide
Mond
Tanden in de mond zorgen voor kauwen, voedel wordt kleiner. kleinere stukjes komen in contact met speeksel.
Maag
Je maag is constant in beweging. Zo worden verschillende maagsappen constant gemengd met het voedsel. Dit maagsap is zo zuur, dat het vrijwel alle bacteriën dood die mee zijn gekomen in je voedsel.
Slokdarm
In je slokdarm bevindt zich een bepaalde beweging waardoor voedsel altijd richting de maag gaat. Zo kun je dus ook gewoon eten als je op zijn kop hangt. Deze beweging wordt 'peristaltiek' genoemd.
Lever
Je lever is een orgaan met veel functies. Voornaamste hiervan zijn het schoonmaken van je bloed en het maken van gal. Gal is nodig in de twaalfvingerige darm voor het afbreken van vetten.
Mensen met een grote lever zijn vaak niet zo gezonde mensen. Met name alcoholisten hebben een grotere lever, omdat de lever wel schade oploopt van giftige stoffen, als alchohol. Hierdoor werken cellen slechter en heb je meer cellen nodig om hetzelfde werk voor elkaar te krijgen.
Galblaas
Dit kleine balletje net onder de lever slaat het gal op. Het wordt hier dus niet gemaakt. Als het dan nodig is in de twaalfvingerige darm, haalt je lijf het hiervandaan.
Twaalfvingerige darm
De naam komt (waarschijnlijk) van de korte lengte van de darm. Voor een gemiddeld persoon 12 cm (ongeveer 12 vingers). Hierin komt je voedsel als het klaar is in je maag, en door het maagportier is doorgelaten. Hier wordt voedsel gemengt met gal gemaakt door de lever, en alvleessappen van de alvleesklier. Het gal emulgeerd vetten. Oftewel, maakt vetten kleiner zodat ze makkelijker kunnen worden opgenomen. Alvleessappen bevatten veel enzymen die veel ander voedsel klaar maken voor opname in het lichaam.
Dunne darm
Voedsel komt gemengt met verschillende enzymen in de dunne darm. Hier worden meeste voedingsstoffen opgenomen.
Blinde darm
Een klein stukje darm wat tegenwoordig niet meer zoveel doet. Vroeger (evolutionair duizende generaties terug) zou dit groter geweest zijn, en zou het als extra maag bij een koe hebben gediend. Oftewel, het zou onze darmen langer hebben gemaakt en ervoor hebben gezorgt dat we beter waren in het afbreken van plantaardig voedsel.
Appendix
Een ander woord voor wormvormig aanhangsel. Ook weer zo'n extra maag geval voor betere vertering van voedsel. Mensen met een blinde darm ontsteking hebben vaker hier een ontsteking. En zonder veel moeite wordt deze verwijderd. Tegenwoordig doet hij toch eigenlijk niks meer.
Dikke darm
In deze afbeelding groen, het laatste stukje dat voedsel in je lichaam bevindt. Voornamelijk reabsorbtie vindt heir plaats. Het proces waarbij je lichaam veel water weer terug het lichaam in trekt. Anders zou je via je darmen 7x je dagelijkse hoeveelheid vocht verliezen en zou je snel helemaal uitdrogen.
Endeldarm
Eindstation. Hier wordt je drol gevormt. Het is wel fijn om hier een klein beetje ruimte te hebben voor opslag, anders zou het er meteen uitlopen als je voedsel aan het eind kwam.