BS 5.2 Populaties

Thema 5 Ecologie

Basisstof 2
Populaties

Pak je laptop erbij voor Lessonup vragen over vorige week!
1 / 38
next
Slide 1: Slide
BiologieMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4

This lesson contains 38 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

Items in this lesson

Thema 5 Ecologie

Basisstof 2
Populaties

Pak je laptop erbij voor Lessonup vragen over vorige week!

Slide 1 - Slide

Slide 2 - Slide

Abiotisch
Biotisch

Slide 3 - Drag question

Wat betekent het voor een vis als de temperatuur onder zijn tolerantiegebied komt?
A
hij gaat meteen dood
B
hij kan niet meer voortplanten
C
hij gaat na een tijdje dood
D
hij heeft geen zin meer in biologie

Slide 4 - Quiz

Binnen een ecosysteem zijn...
1. Dieren met dezelfde niche elkaars concurrenten.
2. Dieren met dezelfde habitat elkaars concurrenten
A
1. Goed 2. Goed
B
1. Fout 2. Fout
C
1. Goed 2. Fout
D
1. Fout 2. Goed

Slide 5 - Quiz


Tolerantie voor zout
In de grafiek in de afbeelding is de dichtheid van drie verschillende algen weergegeven:
in een rivier, in een riviermonding en in zee 

Welke alg heeft de breedste tolerantie voor zout?
 

A
soort I
B
soort II
C
soort III

Slide 6 - Quiz

Sleep de termen naar de juiste beschrijvingen toe:
Deze organismen zetten de organische stoffen in detritus om in anorganische stoffen
Deze organismen assimileren organische stoffen
Deze organismen doen aan voortgezette assimilatie. Ze nemen organische stoffen op uit hun omgeving
producenten
consumenten
reducenten

Slide 7 - Drag question

Voedselweb of voedselketen?
A
Voedselweb
B
Voedselketen

Slide 8 - Quiz

Waarom heeft piramide van biomassa altijd een piramide vorm
A
Er zijn meer predatoren
B
Er zijn altijd meer producenten
C
Er gaat per schakel energie verloren

Slide 9 - Quiz

Nodig voor fotosynthese
Ontstaat bij fotosynthese
Reactie van fotosynthese

Zuurstof

Koolstofdioxide

Water

Licht

Glucose

Slide 10 - Drag question

wat is het verschil tussen koolstof assimilatie en voortgezette assimilatie?

Slide 11 - Open question

waar zit meer energie in?
grote moleculen
kleine moleculen

Slide 12 - Poll

Assimilatie en Dissimilatie

Slide 13 - Slide

5.2: Populaties
Wat zijn populaties?

Slide 14 - Slide

Leerdoelen
  • Je kunt binnen een ecosysteem vormen van concurrentie en van cooperatie onderscheiden
  • Je kunt de dynamiek en het evenwicht in een ecosysteem beschrijven.



Slide 15 - Slide

Definitie populatie
  • Een verzameling individuen van één soort in een bepaald gebied die met elkaar kunnen voortplanten

  • Relaties tussen soortgenoten gaan altijd om voedsel en/of voortplanting. Hierbij kan samengewerkt worden (coöperatie) of zijn de individuen concurrenten

  • Een territorium  is een gebied wat verdedigt wordt tegen (vaak)
     andere soortgenoten of vormen van dreiging

Slide 16 - Slide

Relaties
Binnen een soort:
  • Concurrentie
  • Coöperatie
Tussen soorten:
  • Symbiose
    - Mutualisme +/+
    - Commensalisme +/0
    - Parasitisme +/-
  • Predatie 

Slide 17 - Slide

Concurrentie (Competitie, strijd)
Bij sterke concurrentie grote selectiedruk. De best aangepaste aan het milieu hebben dus grootste overlevingskans.

Gevolg: kleinere genetische variatie > grotere uitstervingskans 
Voorbeeld: jachtluipaarden in Afrika

Slide 18 - Slide

Coöperatie (samenwerking)

Bescherming
Verdediging
Paarvorming
Voedsel

Slide 19 - Slide

Symbiose
Symbiose = langdurig samenleven van individuen van verschillende soorten

Slide 20 - Slide

Parasitisme

Slide 21 - Slide

Commensalisme: Boomalg
Gast heeft voordeel - gastheer heeft geen voordeel of nadeel

Slide 22 - Slide

Mutualisme is een vorm van symbiose, waarbij allebei de soorten voordeel hebben van de relatie. 

Slide 23 - Slide

Mutualisme: Korstmos. Alg produceert organische voedingsstoffen, schimmel neemt water en organische stoffen op.

Slide 24 - Slide

0

Slide 25 - Video

Veranderingen in populatiedichtheid 
Vaak ontstaat er een dynamisch evenwicht als de populatiedichtheid om een bepaalde waarde blijft schommelen. Dit is een vorm van zelfregulatie binnen een ecosysteem. 

Slide 26 - Slide

Dynamische populatiedichtheid
Factoren die populatiedichtheid beïnvloeden
Dichtheidsafhankelijke factoren leiden tot zelfregulatie in een ecosysteem

Slide 27 - Slide

Veranderingen in populatiedichtheid
Dichtheidsonafhankelijke factoren zijn bijvoorbeeld een strenge vorst of een bosbrand. (niet afhankelijk van of de populatie dicht op elkaar zit of niet)
Het is natuurlijk ook mogelijk dat een gunstig klimaat zorgt voor een enorme toename van individuen binnen de populatie

Bijensterfte ten gevolge van strenge vorst
Sprinkhanenplaag door gunstige omstandigheden

Slide 28 - Slide

Populatiegrootte
Dichtheidsafhankelijke en dichtheidsonafhankelijke factoren beïnvloeden: 1:Geboortecijfer, 
2:Sterftecijfer en 
3:Immigratie en 
4:Emigratie binnen populatie

Slide 29 - Slide

Draagkracht van een ecosysteem =

De maximale populatiegrootte die over een langere tijd in dat ecosysteem kunnen worden gehandhaafd.

Slide 30 - Slide

relatie populatiegrootte - draagkracht
  • populatiegrootte boven draagkracht (bv. voedsel) leidt tot hoger sterftecijfer (onder kwetsbare dieren) óf lager geboortecijfer (vb. van zelfregulatie)

Slide 31 - Slide

Exponentiele groei
Geen beperkende factoren
Duurt meestal niet eeuwig
Geeft J-curve
bv:
Epidemie (ebola, corona)
Invasieve exoten



Slide 32 - Slide

Je krijgt een J-curve bij exponentiële groei en een S-curve bij een begrensde groei.

Slide 33 - Slide

Populatiegroei J-curve
Overschrijding van de draagkracht en herstel

De dikke rode lijn is de exponetiële groei.
Mogelijke scenario's:
Lijn 1: Herstel tot de aanvankelijke draagkracht
van het ecosysteem (bron is snel aangevuld)

Lijn 2: Herstel naar een nieuwe, lagere
draagkracht (de bron is deels uitgeput).

Lijn 3: Geen herstel, bron is op

Slide 34 - Slide

fasen
  1. Exponentiele groei (J-curve)
  2. Stabilisatie (S-curve)
  3. biologisch evenwicht

In welke fase zit de menselijke populatie?

Slide 35 - Slide

Populatiegroei
  • J-curve: exponentiële groei, invasieve exoten met onbeperkte hulpbronnen
  • Draagkracht
  • s-curve: schommelingen rond biologisch evenwicht

Deze grafieken moet je kunnen uitleggen: wat gebeurt er?

Slide 36 - Slide

Leerdoelen
  • Je kunt binnen een ecosysteem vormen van concurrentie en van cooperatie onderscheiden
  • Je kunt de dynamiek en het evenwicht in een ecosysteem beschrijven.



Slide 37 - Slide

Aan de slag
Maken opdr. 18-29
Van Basisstof 2 Thema 5 Ecologie


Slide 38 - Slide