Mens & NatuurMiddelbare schoolvmbo gLeerjaar 2
This lesson contains 25 slides, with interactive quizzes, text slides and 4 videos.
Lesson duration is: 50 min
Items in this lesson
5.4 Remmen en botsen
Slide 1 - Slide
Leerdoelen
5.4.1 Je kunt uitleggen wat de remweg is.
5.4.2 Je kunt benoemen waar de remweg van afhangt.
5.4.3 Je kunt uitleggen wat de reactietijd is.
5.4.4 Je kunt uitleggen wat de reactie-afstand is.
5.4.5 Je kunt uitleggen waar de reactie-afstand van afhangt.
5.4.6 Je kunt de stopafstand berekenen.
Slide 2 - Slide
Slide 3 - Video
00:23
Welk dier liep op de weg?
Slide 4 - Open question
01:02
Wat weet je over de snelheid als je aan het reageren bent?
A
je snelheid wordt lager
B
je snelheid blijft hetzelfde
C
je snelheid wordt hoger
D
dat is verschillend per situatie
Slide 5 - Quiz
01:10
Wanneer rem je echt af?
A
na de reactietijd
B
tijdens de reactietijd
C
voor de reactietijd
D
altijd
Slide 6 - Quiz
01:40
Wat is de reactieafstand?
Slide 7 - Open question
02:19
Hoe groot is je reactieafstand als je 50 km/h rijdt?
A
50 m
B
23.8 m
C
13.8 m
D
dat kan je niet weten
Slide 8 - Quiz
Remweg
Hoe lang de remweg is hangt af van:
Beginsnelheid: de snelheid op het moment dat je begint te remmen. Hoe sneller je rijdt hoe langer de remweg
Massa van het voertuig: Hoe groter de massa hoe langer de remweg.
Remkracht: hoe dieper je de rem intrapt hoe groter de remkracht en hoe kleiner de remweg.
Ook: Soort wegdek en toestand
Bandenprofiel
Slide 9 - Slide
Slide 10 - Video
De beginsnelheid en de remweg
Bij 71 km/h is de remweg twee keer zo lang als bij 50 km/h. Bij 87 km/h is de remweg al drie keer zo lang en bij 100 km/h vier keer zo lang. Je ziet dat de remweg sneller toeneemt als de snelheid
Slide 11 - Slide
Invloed van wegdek en weer
Het wegdek en het weer hebben invloed op de remkracht en dus ook op de remweg. De snelheid van de auto is steeds 50 km/h.
Slide 12 - Slide
Slide 13 - Video
De massa en de remweg
Behalve de (begin)snelheid heeft ook de massa invloed op de remweg. Hoe zwaarder beladen een auto of een fiets is, hoe langer de remweg wordt. Dat merk je bijvoorbeeld als je iemand meeneemt achter op je fiets. Ook al rem je even hard als anders, met iemand achterop duurt het langer voor je stilstaat.
Slide 14 - Slide
Reactietijd
De tijd die je nodig hebt voordat je remt noemen wereactietijd.
Tijdens de reactietijd blijft de snelheid hetzelfde. Het afremmen begint pas als je de rem indrukt! De afstand die je gedurende de reactietijd aflegt noemen wereactieafstand.
Een reactietijd tussen 0,7 en 1 seconde is normaal.
Slide 15 - Slide
Reactie-afstand
Is de afstand die je aflegt tijdens de reactietijd.
Hoe langer de reactietijd hoe meer afstand je aflegt.
Reactieafstand = gemiddelde snelheid x reactietijd
Slide 16 - Slide
Langere reactietijd
Leeftijd: hoe ouder hoe trager
Vermoeidheid: Als je moe bent reageer je langzamer.
Concentratie: afgeleid door telefoon
Alcohol en drugs en sommige medicijnen.
Alcohol 0,5 promille (1/1000)
Jonger dan 24 jaar: 0,2 promille
Slide 17 - Slide
Stopafstand berekenen
Stopafstand is de totale afstand die je nodig hebt om tot stilstand te komen.
Als je met een bepaalde snelheid aan het rijden bent en je moet plotseling stoppen, dan heb je te maken met een reactietijd voordat je de rem intrapt. De auto rijdt dus nog een klein stukje door waarna je pas begint te remmen en uiteindelijk stilstaat.
Regel: Stopafstand = reactie afstand + remweg
Slide 18 - Slide
a.
b.
Gegeven:
Gevraagd:
Formule:
Berekening:
Antwoord:
c.
Stopafstand berekenen
treactie= 0,8
vgem = 120 km/h = 33,3 m/s
reactieafstand
Sreactie = Vgem * treactie
S = 33,2 m/s * 0,8 s = 26,67
De reactieafstand is 26, 67 m
a. Gegeven: reactieafstand en remweg
b. Gevraagd: stopafstand
c. Formule: stopafstand = reactieafstand + remweg
d. Berekening 26, 67 m + 90 m = 116, 7 m
e. Antwoord: de stopafstand is 116, 7 meter.
90 m
Slide 19 - Slide
Slide 20 - Video
Wat gebeurt er bij een botsing?
Snelheid wordt razendsnel kleiner
Auto deukt in en verandert van vorm
Auto verandert (soms) van richting, en tolt
Slide 21 - Slide
Waardoor kun je veiliger botsen?
Kreukelzones: voor en achterkant van de auto. Worden bij botsing in elkaar gedrukt. De botsing duurt langer en is daarom minder heftig. De snelheid verminderd geleidelijk.
Veiligheidskooi: Stevige constructie die niet indeukt.
Airbags: Ballon die zich zelf opblaast tijdens de botsing zodat je niet met je hoofd tegen de voorruit knalt.
Autogordel: Zodat je niet de auto wordt uitgeslingerd.
Slide 22 - Slide
Airbag
Veiligheidskooi
Slide 23 - Slide
Autogordel
Helm
Slide 24 - Slide
Aan het werk!
Wat? 5.4 Remmen en botsen - opdrachten 1 t/m 15
Waar? In Magister.me in de studiewijzer TruA mens en natuur.
Opdracht 11 maak je in je mapje.
Hoe? Als het bord op rood staat werk je alleen en in stilte.
Als het bord op groen staat mag je fluisterend overleggen met je buurman.