7.1 Vraag en aanbod op de arbeidsmarkt

7.1 Vraag en aanbod op de arbeidsmarkt
1 / 16
next
Slide 1: Slide
EconomieMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 2

This lesson contains 16 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 40 min

Items in this lesson

7.1 Vraag en aanbod op de arbeidsmarkt

Slide 1 - Slide

Leerdoel
Ik weet hoe de vraag naar en het aanbod arbeid ontstaat.

Slide 2 - Slide

Op zoek naar werk


Vacature: een baan waarvoor iemand wordt gezocht
Solliciteren: een werkgever laten weten dat jij die baan graag wilt.
Arbeidsmarkt: vraag naar werk en aanbod van werk  komen samen.

Slide 3 - Slide

Vraag naar werk:
bedrijven hebben werknemers nodig.

Aanbod naar werk:
mensen die werken of op zoek zijn naar werk.

Slide 4 - Slide

Slide 5 - Slide

Aanbod van arbeid
Iedereen die op zoek is naar werk, biedt zichzelf aan.
Dit is het aanbod van de arbeid!
Als er meer aanbod is van arbeid dan vraag, dan is er sprake van werkeloosheid.

Slide 6 - Slide

Slide 7 - Slide

Werkgelegenheid
Het aantal arbeidsplaatsen dat beschikbaar is bij bedrijven en de overheid.

Slide 8 - Slide

De werkgelegenheid kan:
Stijgen: 
door nieuwe bedrijven die starten of bedrijven die uitbreiden.
Dalen:
door bedrijven die failliet gaan of bedrijven die inkrimpen.

Slide 9 - Slide

Arbeidsplaatsen
alle beschikbare betaalde banen bij elkaar zijn de arbeidsplaatsen.
De arbeidsplaatsen zijn bezet of onbezet.
Wanneer deze onbezet is is er sprake van een vacature.

Slide 10 - Slide

Werkgelegenheid
alle bezette en onbezette arbeidsplaatsen bij elkaar.

Slide 11 - Slide

Alle bezette en onbezette arbeidsplaatsen bij elkaar opgeteld noem je de:
A
arbeidsmarkt
B
beroepsbevolking
C
werkeloosheid
D
wergelegenheid

Slide 12 - Quiz

In welke leeftijdsgroep kun je tot de beroepsbevolking behoren?
A
0-20 jaar
B
15-45 jaar
C
15-65 jaar
D
65 jaar en ouder

Slide 13 - Quiz

Wat gebeurt er met de werkgelegenheid bij mechanisatie en automatisering?
A
neemt toe
B
neemt af
C
blijft gelijk

Slide 14 - Quiz

Wat gebeurt er met de werkgelegenheid wanneer een bedrijf failliet gaat?
A
stijgt
B
daalt

Slide 15 - Quiz

Jullie gaan paragraaf 7.1 lezen en maken!

Succes!

Slide 16 - Slide