Herhaling

Welkom!
Leg je boeken en schriften open op de tafel
Pak je etui erbij.


1 / 34
next
Slide 1: Slide
RekenenMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 1

This lesson contains 34 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Welkom!
Leg je boeken en schriften open op de tafel
Pak je etui erbij.


Slide 1 - Slide

Ready?
  • Is iedereen aanwezig?

  • Hebben jullie alles mee?

Slide 2 - Slide

Planning
                           Schrijf 10 woorden op
                             1F en 2 Fa herhaling

Slide 3 - Slide

Lesdoelen
Aan het einde van deze les:

  • Ik kan alles onthouden

Slide 4 - Slide

Tijd

Slide 5 - Slide

Slide 6 - Slide

Slide 7 - Slide

Slide 8 - Slide

Slide 9 - Slide

Slide 10 - Slide

Welke klok geeft de tijd aan?
A
Zandloper
B
Analoge klok
C
Kalender
D
Thermometer

Slide 11 - Quiz

Hoeveel seconden zijn er in een minuut?
A
30 seconden
B
60 seconden
C
100 seconden
D
120 seconden

Slide 12 - Quiz

Wat is de eenheid van tijd?
A
Liter
B
Gram
C
Seconde
D
Kilometer

Slide 13 - Quiz

Temperatuur

Slide 14 - Slide

Slide 15 - Slide

Bij welke temperatuur bevriest water?
A
100 graden Celsius
B
50 graden Celsius
C
0 graden Celsius
D
25 graden Celsius

Slide 16 - Quiz

Wat meet je temperatuur mee?
A
Thermometer
B
Barometer
C
Hygrometer
D
Anemometer

Slide 17 - Quiz

Wat is de normale lichaamstemperatuur?
A
36,5 tot 37,5 graden Celsius
B
38 tot 39 graden Celsius
C
40 graden Celsius
D
35 tot 36 graden Celsius

Slide 18 - Quiz

Gewicht

Slide 19 - Slide

Slide 20 - Slide

Slide 21 - Slide

Lengte

Slide 22 - Slide

Slide 23 - Slide

Hoeveel centimeter zijn er in een meter?
A
50 centimeter
B
1000 centimeter
C
100 centimeter
D
10 centimeter

Slide 24 - Quiz

Wat is de standaardlengte van een pen?
A
25 centimeter
B
15 centimeter
C
10 centimeter
D
20 centimeter

Slide 25 - Quiz

Procent

Slide 26 - Slide

Slide 27 - Slide

Slide 28 - Slide

Wat betekent 50% korting?
A
Vijftig euro korting
B
Geen korting
C
De prijs verdubbeld
D
De prijs is gehalveerd

Slide 29 - Quiz

Hoe bereken je 10% van een bedrag?
A
Bedrag x 0,10
B
Bedrag x 0,01
C
Bedrag / 10
D
Bedrag - 10%

Slide 30 - Quiz

Wat is 25% van 200?
A
75
B
100
C
25
D
50

Slide 31 - Quiz

Zelfstandig werken en Huiswerk:
                                   

                                    
                                    1F: blz. 124 t/m 127
                                    2Fa:  127 t/m 129 

                               

Slide 32 - Slide

Hoe ging de les?

Slide 33 - Slide

Lesdoel behaalt?
  • Ik kan rekenen met procent van
  • Ik kan rekenen met grote getallen.

Slide 34 - Slide