H3 Conditioals + Will and Going to

What do we remember?

H3 Conditioals + Will and Going to
1 / 19
next
Slide 1: Slide
EngelsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 3

This lesson contains 19 slides, with interactive quizzes and text slide.

Items in this lesson

What do we remember?

H3 Conditioals + Will and Going to

Slide 1 - Slide

Wanneer gebruiken wij de 2nd conditional?
A
Wanneer iets hoogstwaarschijnlijk gaat gebeuren
B
Wanneer iets hoogstwaarschijnlijk niet gaat gebeuren
C
Wanneer iets een feit is
D
Wannneer wij wensen dat een moment in het verleden verandert.

Slide 2 - Quiz

Wanneer gebruiken we de 0 conditional?
A
Wanneer iets hoogstwaarschijnlijk niet gaat gebeuren
B
Wanneer iets hoogstwaarschijnlijk wel gaat gebeuren
C
Wanneer iets een feit is
D
Wanneer wij wensen dat een moment in het verleden verandert

Slide 3 - Quiz

Wanneer gebruiken we de 1st conditional?
A
Wanneer iets hoogstwaarschijnlijk niet gaat gebeuren
B
Wanneer iets hoogstwaarschijnlijk wel gaat gebeuren
C
Wanneer iets een feit is
D
Wanneer wij wensen dat een moment in het verleden verandert

Slide 4 - Quiz

Fill in the rest of the sentence:
I will get a doctor if I ____ (injure) my leg
A
injured
B
injure
C
would injure
D
will injure

Slide 5 - Quiz

Fill in the rest of the sentence:
If he studied more, he ______ (score) better
A
would score
B
would scored
C
would have scored
D
will score

Slide 6 - Quiz

Fill in the rest of the sentence:
If you freeze water, it ___ (turn) into ice.
A
would turn
B
turns
C
would have turned
D
will turn

Slide 7 - Quiz

Fill in the rest of the sentence:
If I ___ taller, I would be able to become a basketball player
A
were
B
was
C
would have been
D
will be

Slide 8 - Quiz

I think I _____ go to Türkiye next month.
Will or going to
A
will
B
am going to

Slide 9 - Quiz

I _____ go to Türkiye next month.
Will or going to
A
will
B
am going to

Slide 10 - Quiz

She ____ be very famous one day since she sings incredibly
A
will
B
is going to

Slide 11 - Quiz

The weather forecast says that it ______ rain later today
A
will
B
is going to

Slide 12 - Quiz

Passive: What is the main difference between passive with present continuous and with "ing"
A
Met "ing" is altijd verleden tijd
B
Met present continuous zien we "were/was"
C
Met present continuous gebruiken we niet eerst een onderwerp
D
Met present continuous zien we "is/am/are"

Slide 13 - Quiz

Passive: Hoe vormen we de passive met past continuous?
A
was/were + being + 2e rijtje
B
was/were + being + 3e rijtje
C
was/were + being + 3e rijtje of ww+ed
D
am/are/is + being + 3e rijtje

Slide 14 - Quiz

Passive: Hoe vormen we de passive met present continuous?
A
am/are/is + being + 2e rijtje
B
was/were + being + 3e rijtje
C
was/were + being + 3e rijtje of ww+ed
D
am/are/is + being + 3e rijtje of ww+ed

Slide 15 - Quiz

Zet deze zin in de passive
The teacher is grading the work of the students at school

Slide 16 - Open question

Zet deze zin in de passive
The gardeners were cleaning the yards yesterday morning

Slide 17 - Open question

Ik ben volledig voorbereid voor de toets.
A
Jazekur
B
Ik moet nog alles goed doornemen en oefenen

Slide 18 - Quiz

Hoe ga jij je voorbereiden voor je toets?

Slide 19 - Open question