Thema 5 H 3 Lezen

1 / 35
next
Slide 1: Slide
EngelsPraktijkonderwijsLeerjaar 3

This lesson contains 35 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 30 min

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

Slide 2 - Slide

Opdracht 1:
 bekijk de foto, lees de tekst, geef in het Nederlands antwoord op de vragen

Slide 3 - Slide

Waarom moet Ellen een nieuwe afspraak maken?

Slide 4 - Open question

Lukt dat?

Slide 5 - Open question

Moet ze allebei de afspraken betalen?
A
ja natuurlijk
B
nee alleen 18 nov
C
nee alleen 21 november
D
ze hoeft geen een afspraak te betalen

Slide 6 - Quiz

Hoe voelt ze zich?
A
opgelucht
B
boos

Slide 7 - Quiz

Opdracht 1:
 bekijk de foto, lees de tekst, geef in het Nederlands antwoord op de vragen

Slide 8 - Slide

Hoe voelt Brian zich?

Slide 9 - Open question

Waarom is het een bijzondere dag voor hem?

Slide 10 - Open question

Weet Brian zeker of kate thuis is?

Slide 11 - Open question

Slide 12 - Slide

Slide 13 - Slide

1 o' clock Lisa is
A
going out with Andy
B
going to sleep
C
going to the docter
D
going to the hairdresser

Slide 14 - Quiz

Slide 15 - Slide

2 o'clock
A
Andy is late
B
Andy is early
C
Andy is there
D
Andy is stupid

Slide 16 - Quiz

Slide 17 - Slide

3 3 o'clock Lisa takes a taxi
A
to go to the cinema
B
to go home
C
to go to Andy in hospital
D
to go to her house

Slide 18 - Quiz

Slide 19 - Slide

4 o' clock Andy is in hospital
A
he crashed with his scooter
B
he crashed his car
C
he fell of the stairs
D
he fell of his bicycle

Slide 20 - Quiz

Slide 21 - Slide

Wat past hierbij
A
This is my docter. He is helping my mother.
B
This is my chemist. She gives my mother medicine.
C
This is my docter. She is helping my mother.
D
This is my chemist. He gives my mother medicine.

Slide 22 - Quiz

The chemist...
A
has medicines
B
has drugs
C
has groceries
D
has pills

Slide 23 - Quiz

Herhaling

Slide 24 - Slide

Appointment

Slide 25 - Open question

Appointment

Slide 26 - Open question

om 2 uur
A
at two o'clock
B
at 14:00 houre
C
in two o'clock
D
at two houre

Slide 27 - Quiz

date

Slide 28 - Open question

weer/opnieuw
A
weather
B
new
C
again
D
whether

Slide 29 - Quiz

he called me

Slide 30 - Open question

he crashed his scooter
A
hij stortte in op zijn scooter
B
hij botste met zijn scooter
C
hij bekraste zijn scooter
D
hij viel van zijn scooter

Slide 31 - Quiz

hospital

Slide 32 - Open question

I have pain everywhere
A
ik heb pijn aan mijn been
B
ik heb nergens last van
C
ik was overal heen
D
ik heb overal pijn

Slide 33 - Quiz

tomorrow

Slide 34 - Open question

Einde van de les

Slide 35 - Slide