This lesson contains 39 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.
Lesson duration is: 120 min
Items in this lesson
Examentraining economie
Slide 1 - Slide
Slide 2 - Slide
Slide 3 - Slide
Slide 4 - Slide
Slide 5 - Slide
Slide 6 - Slide
Koppel het ook aan de context!
Slide 7 - Slide
Kortingsactie is een voorbeeld van
A
Prijsbeleid
B
Prijsregulering
Slide 8 - Quiz
Maximale winst
A
MO = MK
B
TO = TK
C
MO = 0
Slide 9 - Quiz
Maximale omzet
A
MO = MK
B
TO = TK
C
MO = 0
Slide 10 - Quiz
Lijn die iets zegt over de verkoopprijs
A
GTK
B
MK
C
MO
D
GO/P
Slide 11 - Quiz
Slide 12 - Slide
Grafiek
Hoeveel procent is de prijs bij maximale winst hoger/lager dan de prijs bij maximale omzet?
Slide 13 - Slide
Slide 14 - Slide
Slide 15 - Video
Wat zijn de twee voorwaarden voor een gevangenendilemma?
Slide 16 - Open question
Slide 17 - Slide
Verklaar MET GETALLEN dat zij in een gevangenendilemma terecht komen
Slide 18 - Open question
Totale omzet
A
TO - TK
B
p * q
C
GTK * q
D
TO * q
Slide 19 - Quiz
Prijsdiscriminatie kan alleen als
A
Er verschillende betalingsbereidheden zijn
B
Er consumentensurplus is
C
Er verschillende afnemersgroepen zijn
Slide 20 - Quiz
Studenten krijgen korting in het OV. dit is prijsdiscriminatie
A
waar
B
niet waar
Slide 21 - Quiz
Break-even
A
GO - GTK
B
GVK + GCK
C
P = GO = MO
D
GO = GK
Slide 22 - Quiz
Maximale totale winst
Slide 23 - Open question
Zó kunnen we niet draaien
2013-II
Slide 24 - Slide
Slide 25 - Slide
Slide 26 - Slide
Overig
Slide 27 - Slide
Heterogeen of homogeen
Kern: in de ogen van de consument, het maakt hem/haar niets uit waar hij het product koopt het is exact hetzelfde (homogeen).
Of kan door productdifferentiatie het product (of de beleving van de dienst) net even anders zijn
Slide 28 - Slide
Vraag is prijselastisch...
d.w.z. de vraag reageert relatief sterk op een prijsverandering
Als prijs stijgt, zal vraag relatief sterk dalen en vice versa
Om de omzet te laten verhogen, bedenk T.O. = Prijs x Afzet (Q)
Als Prijs daalt, zal afzet (vraag) relatief sterk .....
Slide 29 - Slide
Gevangenendilemma
dominante strategie =
getallen
gevangenendilemma =
als ze uit dat dilemma gaan, betekent dat ze niet voor hun dominante strategie kiezen. Wat is het effect van die strategie op de gebruiker?
wel of geen landelijk dekkend wifi-netwerk en dus ....
Slide 30 - Slide
Accijnsverhoging
doel accijns
als accijns hoger wordt, dan zal ......... hoger worden en dus het ......... lager worden
substitutie-effect: substituut =
Slide 31 - Slide
Als bij een doorberekening van de accijnsverhoging in de prijs van een flesje bier, consumenten een deel van hun bieraankopen net over de grens in Dtsl of België gaan doen, welke belastinginkomsten loopt de overheid dan mis? Licht je antwoord toe
Slide 32 - Open question
Slide 33 - Slide
Slide 34 - Slide
Bereken hoeveel procent....
procentuele verandering d.m.v. ....
verkoopprijs = toegevoegde waarde + accijns + btw
btw % is anders en accijns per 100 liter is anders
Slide 35 - Slide
risico-aversie
Slide 36 - Slide
Leg uit hoe averechtse selectie kan ontstaan door asymmetrische informatie
Slide 37 - Open question
Averechtse selectie door asymm.info
je werkt toe naar averechtse selectie (gevolg, conclusie)
Leg begrip uit
Waardoor veroorzaakt? Asymmetrische Informatie
Wat is dat?
Met als gevolg dat er iets gebeurt, de 'dan' , waardoor averechtse selectie ontstaat
Leg begrippen dus uit en betrek als, dan, dus in antwoord