Les 2 unité 3

Bonjour!!!!
On commence dans.....
Aan het einde van deze les ....
  • .... Kan ik iets vertellen over de Franse filmwereld.
  • ...  Heb ik nieuwe woorden in mijn persoonlijke woordenlijst gezet.
  • .... Kan ik de vlog begrijpen waarin Julien vertelt over een Franse film.

1.   De les duurt 45 min 
2.  Je hebt nodig: laptop; lesson up app, schrift, pen
3.  Je mobiel zit in je kluis, je spullen liggen op je tafel, je let op wanneer de docent wil beginnen
timer
1:00
La semaine 11: mercredi le dix-neuf mars
1 / 40
next
Slide 1: Slide
FransMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 2

This lesson contains 40 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Bonjour!!!!
On commence dans.....
Aan het einde van deze les ....
  • .... Kan ik iets vertellen over de Franse filmwereld.
  • ...  Heb ik nieuwe woorden in mijn persoonlijke woordenlijst gezet.
  • .... Kan ik de vlog begrijpen waarin Julien vertelt over een Franse film.

1.   De les duurt 45 min 
2.  Je hebt nodig: laptop; lesson up app, schrift, pen
3.  Je mobiel zit in je kluis, je spullen liggen op je tafel, je let op wanneer de docent wil beginnen
timer
1:00
La semaine 11: mercredi le dix-neuf mars

Slide 1 - Slide

Aujourd'hui :
Objectifs du cours:
- apprendre les saisons et les mois
- comprendre un texte court
Tu: 
- connais le vocabulaire du cinéma
- peux comprendre des textes courts
- peux donner ton opinion

Slide 2 - Slide

Au programme
1. lesson up over mening geven in het Frans - ensemble
2. We maken ex. 3 en 4a,b,c - ensemble
3. On lit et écoute le texte: cinéclub - ensemble
3. On répond aux questions ex. 5  ensemble ou seule
4. Devoirs: apprendre 1 et faire: ex. 3 t/m 5

Slide 3 - Slide

Welke hoort er niet bij?
A
Je ne sais pas
B
j'adore
C
j'aime
D
je déteste

Slide 4 - Quiz

Welke hoort er niet bij?
A
Je ne sais pas
B
difficile
C
ce n'est pas sûr
D
peut-être

Slide 5 - Quiz

Welke is positief?
A
mauvais
B
horrible
C
intéssant
D
trop bien

Slide 6 - Quiz

Welke hoort er niet bij? En waarom nie?
A
mignon
B
formidable
C
moche
D
intéressant

Slide 7 - Quiz

Welke hoort er niet bij? En waarom nie?
A
difficile
B
horrible
C
mauvais
D
joli

Slide 8 - Quiz

  • Faire et corriger l'exercice 3
                                       donner ton avis







Na deze les kan ik / ken ik / weet ik:

- Met korte zinnen mijn mening geven in het Frans.

  • Donner ton avis sur des sujets / personnes / objets etc....






Slide 9 - Slide

Slide 10 - Slide

Donne ton avis sur....
Regarder un film au cinéma.

Slide 11 - Slide

Donne ton avis sur....
Le festival de Cannes.

Slide 12 - Slide

Donne ton avis sur....
La pluie

Slide 13 - Slide

Donne ton avis sur....
Les frites

Slide 14 - Slide

Donne ton avis sur....
L'école

Slide 15 - Slide

Donne ton avis sur....
Netflix

Slide 16 - Slide

Donne ton avis sur....
Faire du sport

Slide 17 - Slide

Donne ton avis sur....
Faire du sport

Slide 18 - Slide

Donne ton avis sur....
Les chiens

Slide 19 - Slide

Donne ton avis sur....
Les sushis

Slide 20 - Slide

Sleep de Franse woorden naar de Nederlandse woorden
de lente
de zomer
de winter
de herfst
l'automne
le printemps
l'été
l'hiver

Slide 21 - Drag question

Slide 22 - Video

Geef de 4 seizoenen in het Frans

Slide 23 - Open question

Noem alle maanden in het Frans

Slide 24 - Mind map

Slide 25 - Slide

Sleep de Nederlandse woorden naar de Franse woorden
je
tu
il
nous
elles
vous
ik
jij
hij
wij
jullie
zij

Slide 26 - Drag question

Geef de maanden van 'l'hiver' en français

Slide 27 - Open question

Hoe zeg je augustus in het Frans
A
auot
B
ouat
C
aout
D
oaut

Slide 28 - Quiz

Mois quatre de l'année (vierde maand van het jaar)
A
février
B
avril
C
mai
D
juin

Slide 29 - Quiz

Quel est le mois après aout (geef de maand die na augustus komt)?

Slide 30 - Open question

Mois dix de l'année (geef de tiende maand van het jaar)
A
novembre
B
juillet
C
mai
D
octobre

Slide 31 - Quiz

Noem de 4 seizoenen in het Frans

Slide 32 - Mind map

Wat betekent "le mois"
A
het jaar
B
de maand
C
de dag
D
de eeuw

Slide 33 - Quiz

Le dernier mois de l'année (geef de laatste maand van het jaar)
A
janvier
B
juillet
C
novembre
D
décembre

Slide 34 - Quiz

Le mois après mai
A
mars
B
juin
C
aout
D
juillet

Slide 35 - Quiz

Hoe zeg je in de zomer in het Frans?
A
en automne
B
au printemps
C
en été
D
en hiver

Slide 36 - Quiz

Hoe zeg je 'in de lente' in het Frans?

Slide 37 - Open question

noem alle maanden en seizoenen in het Frans die je nu kent

Slide 38 - Mind map

Faire: ex4a,b,c,d
timer
10:00

Slide 39 - Slide

Les 2 unité 3

Slide 40 - Slide