1: Titel, plaatje, introductie. Bepaal de grote lijn
2: Lees de vraag en markeer belangrijke woorden in de vraag
3: Lees de tekst en streep de signaalwoorden en dubbele punten aan.
4: Markeer de zoektermen/elementen in antwoorden
5: Haal de pindakaas antwoorden er uit.
6: Bepaal het juiste antwoord, vergelijk de zoektermen/elementen in het antwoord met de tekst
7: Check met de grote lijn