Nederlands 1KA

Nederlands 
1KA

timer
2:00
1 / 20
next
Slide 1: Slide
NederlandsMiddelbare schoolvmbo k, g, t, mavoLeerjaar 1,2

This lesson contains 20 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Nederlands 
1KA

timer
2:00

Slide 1 - Slide

timer
10:00
Moeilijke woorden schrijf je op in je schrift!

Slide 2 - Slide

Wat gaan we doen vandaag?

- Paragraaf 4 bespreken
- Uitleg paragraaf 5
- Zelfstandig aan de slag met opdrachten van paragraaf 5
- Tijd over? Blooket










Slide 3 - Slide

 Het onderwerp van een tekst
Om het onderwerp te vinden, lees je oriënterend. 
Dat betekent dat je alleen de:
- Titel + tussenkopjes leest
- De afbeeldingen bekijkt
- Zoekt naar onderstreepteschuingedrukte, dikgedrukte  of GROTE woorden.

Je leest alleen de eerste alinea. Daarna stel je de vraag: 
Waar gaat deze tekst over?


Slide 4 - Slide

Informeren, Instrueren, Overtuigen, Activeren en Amuseren
Tekstdoelen 

Slide 5 - Slide

Opdr. 2, 3, 5 en 6
En 7 OF 8

Bespreken
timer
5:00

Slide 6 - Slide

In de inleiding van de tekst maak je kennis met het onderwerp. Dat gebeurt vaak met een grappig verhaaltje. 

Het middenstuk is het grootste gedeelte van de tekst. Daar kan je ook de meeste informatie vinden. 

In het slot wordt het belangrijkste kort herhaald. 

Slide 7 - Slide

Opdracht 2, 3, en 4
Aan de slag

Slide 8 - Slide

Hoe vind je het onderwerp?

Slide 9 - Mind map

Wat is de hoofdgedachte van een tekst?

Slide 10 - Mind map

Inleiding
Middenstuk
Slot

Slide 11 - Drag question

Inleiding
Slot
Kern

Slide 12 - Drag question

Inleiding
Kern
Slot

Slide 13 - Drag question

Welke is waar?
A
De inleiding bestaat uit meerdere alinea's.
B
De laatste alinea van de tekst is het slot.

Slide 14 - Quiz

Welke is waar?
A
Het middenstuk is het grootste gedeelte van de tekst.
B
Het eerste deel van de tekst heet het SLOT

Slide 15 - Quiz

Welke is waar?
A
Een inleiding bestaat uit één zin.
B
In het slot wordt het belangrijkste herhaald.

Slide 16 - Quiz

Welke is waar?
A
De inleiding bestaat uit meerdere alinea's.
B
De laatste alinea van de tekst is het slot.

Slide 17 - Quiz

Welke is waar?
A
Een inleiding bestaat uit één zin.
B
In het slot wordt het belangrijkste herhaald.

Slide 18 - Quiz

Oefening
Leg de tekst op volgorde 

Slide 19 - Slide

De volgende les

Dit heb je bij je: 
- Lesboek
- Leesboek 
- Moeilijke woorden-schrift

Je kan thuis online oefenen met opdrachten uit het boek.



Slide 20 - Slide