Quiz

Quiz
1 / 19
next
Slide 1: Slide
GeschiedenisMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

This lesson contains 19 slides, with interactive quizzes and text slide.

time-iconLesson duration is: 15 min

Items in this lesson

Quiz

Slide 1 - Slide

Wat was de aanleiding voor WO1?
A
Duitsland had Elza-Lotharingen ingenomen
B
Engeland was bang voor de groeiende macht van Duitsland
C
De Oostenrijkse kroonprins werd vermoord door een Serviër
D
Rusland en Frankrijk hadden een plan gemaakt waarmee ze Duitsland in de tang namen

Slide 2 - Quiz

Wat waren oorzaken van WO1?
A
Modern-imperialisme, Industriële samenleving & Liberalisme
B
Socialisme, Wapenwedloop, Agrarische Samenleving & Bondgenootschappen
C
Nationalisme, Modern-Imperialisme, Wapenwedloop & Bondgenootschappen
D
Nationalisme, Wapenwedloop, Feminisme & Modern-Imperialisme

Slide 3 - Quiz

WO1
A
jan. 1914 - aug. 1918
B
aug. 1914 - nov. 1918
C
dec. 1914 - nov. 1918
D
jan. 1915 - dec. 1917

Slide 4 - Quiz

De Centralen in WO1 zijn ...
A
GB en Frankrijk
B
Nederland, GB en Frankrijk
C
Rusland en Duitsland
D
Duitsland en Oostenrijk-Hongarije

Slide 5 - Quiz

Verdrag van Versailles
A
1919
B
1914
C
1918
D
1929

Slide 6 - Quiz

Wat is het Verdrag van Versailles?
A
Een vredesverdrag tussen Duitsland en de geallieerden.
B
Een aanvalsplan
C
Een vredesverdrag tussen Rusland en Duitsland.
D
Een vredesverdrag tussen Duitsland en Frankrijk.

Slide 7 - Quiz

Wat is een totalitaire staat?
A
De staat bepaalt wat je denkt en hoe je doet
B
De staat bepaalt wat je eet en hoe je doet
C
Je bepaalt zelf wat je denkt en hoe je doet
D
Een democratie met een grondwet

Slide 8 - Quiz

De S.U. was een totalitaire staat. Wat is géén kenmerk van een totalitaire staat?
A
Propaganda
B
Politieke tegenstanders uitschakelen
C
Geheime dienst uitbreiden
D
Eerlijke verkiezingen

Slide 9 - Quiz

Welk kenmerkend aspect uit H6 past bij deze afbeelding?

Bron 1 - De overwinning van het Vijfjarenplan is een klap voor het kapitalisme. Vanaf 1928 werd de planeconomie van de Sovjet-Unie bepaald door de Vijfjarenplannen.
Poster van de communistische tekenaar N. Tsivchinskii uit 1931.
A
de verdeling van de wereld in twee ideologische blokken in de greep van een wapenwedloop en de daaruit voortvloeiende dreiging van een atoomoorlog (de Koude Oorlog).
B
het voeren van twee wereldoorlogen.
C
de rol van moderne propaganda- en communicatiemiddelen en vormen van massaorganisatie.
D
het in praktijk brengen van de totalitaire ideologie van het communisme.

Slide 10 - Quiz

Gebruik de zes begrippen(A-F)
Welke begrippen waren oorzaken van de Eerste Wereldoorlog?
Sleep de begrippen naar het vak rechts 

Oorzaken WO1
Front
Nationalisme
Neutraal
Bondgenoot-schappen
Militarisme
Loopgraven

Slide 11 - Drag question

Bondgenootschappen in 1914








Sleep het juiste land naar het juiste bondgenootschap 


Geallieerden
Centralen
Bondgenootschappen in 1914
 De oorzaken WO1: Bondgenootschappen
Duitse Rijk
Rusland
Italië
Oostenrijk-Hongarije
Frankrijk
Groot-Britannië

Slide 12 - Drag question

Er zijn meerdere oorzaken voor het begin van WO2. "DL wilde graag een groot rijk voor het Duitse volk" Welke oorzaak hoort erbij?
A
Ergernis van verdrag van Versailles
B
Economische crisis
C
Nationaal Socialisme

Slide 13 - Quiz

Wat is het fascisme?
A
Extreemrechtse politiek ontstaan in Italië
B
Extreem linkse politiek ontstaan in Italië
C
Extreem socialistische politiek ontstaan in Italië
D
Andere naam voor het communisme in Italië

Slide 14 - Quiz

Sleep de afbeeldingen van kenmerken van het nationaal-socialisme (nazisme) naar de juiste plek:
Hierna: filmpje 'Hoe verliep de machtsovername van Hitler'? (Jort) + 3 min

Slide 15 - Drag question

Fascisme 
Nationaal Socialisme
Zowel bij Nationaal Socialisme als Facisme
Mussolini (PNF)
Anton Mussert
Heinrich Himmler 
Antisemitisme
Sterk nationalisme
Antidemocratisch
Adolf Hitler
Propaganda

Slide 16 - Drag question

Fascisme
Nationaal-
socialisme
Mussolini
Hitler
Italië
Duitsland
Nationaal-socialisme
Fascisme

Slide 17 - Drag question

Tegen Jodendom
Tegen de geallieerden
Tegen de SU
Voor het nationaal-socialisme

Slide 18 - Drag question

Kies voor iedere bron of deze past bij het fascisme of alleen bij het nationaalsocialisme.
Fascisme 
Nationaal-Socialisme

Slide 19 - Drag question