kleine wonden

Les 08-03-2025: kleine wonden
1 / 77
next
Slide 1: Slide
VerzorgingBeroepsopleiding

This lesson contains 77 slides, with interactive quizzes, text slides and 2 videos.

time-iconLesson duration is: 90 min

Items in this lesson

Les 08-03-2025: kleine wonden

Slide 1 - Slide

Waarom doen schaafwonden vaak meer pijn dan snijwonden?

  • Bij een snijwond zenuwuiteinden snel worden doorgesneden (waardoor ze tijdelijk minder pijn doorgeven). 
  • Bij een schaafwond blijven de zenuwuiteinden blootliggen en geprikkeld, wat voor een branderig gevoel zorgt. 

Slide 2 - Slide

Wat gebeurt er precies met de huid bij een schaafwond?

Slide 3 - Slide

Slide 4 - Slide

1. Beschadiging van de opperhuid (epidermis)

  • De bovenste huidlaag slijt af door de wrijving.
  • In tegenstelling tot een snijwond zijn de wondranden niet scherp begrensd, maar rafelig.
  • Er kan oppervlakkige bloeding optreden, vaak in de vorm van bloedpuntjes (capillaire bloeding).

Slide 5 - Slide

2. Blootlegging van de onderliggende huidlaag (dermis)

  • De papillaire laag van de dermis wordt zichtbaar en kan vochtig of rood zijn.
  • Bloedvaten in de dermis kunnen licht bloeden of vocht afgeven (wondvocht).

Slide 6 - Slide

3. Afweermechanisme en ontstekingsreactie

  • Directe pijn: De zenuwuiteinden in de lederhuid (dermis) liggen bloot, wat schaafwonden extra pijnlijk maakt.
  • Roodheid en zwelling: Het lichaam activeert een ontstekingsreactie om ziektekiemen te bestrijden en genezing te starten.
  • Witte bloedcellen trekken naar de wond om bacteriën op te ruimen.

Slide 7 - Slide

4. Risico op infectie
  • Doordat de huid over een ruw oppervlak is geschraapt, kunnen vuildeeltjes (stof, zand, grind, bacteriën) in de wond achterblijven.
  • Zonder goede reiniging kan dit leiden tot een infectie met symptomen zoals pusvorming, aanhoudende roodheid en zwelling.

Slide 8 - Slide

5. Wondgenezing
  • Binnen enkele minuten/uren wordt een korst gevormd (bloedplaatjes en fibrine zorgen voor stolling).
  • De huid herstelt zichzelf door nieuwe cellen aan te maken, maar als de wond diep is, kan er een litteken ontstaan.

Slide 9 - Slide

Slide 10 - Video

Slide 11 - Slide

Welke materialen gebruik je van de tafel om de schaafwond te verzorgen?

Slide 12 - Open question

De verzorging van een schaafwond

Slide 13 - Slide

1. Observeer de wond
🔎 Wat zie je?
  • Bloed of wondvocht (voornamelijk uit kleine haarvaatjes).
  • Roodheid en mogelijk zwelling rondom de wond.
  • Rafelige of onregelmatige wondranden.
  • Mogelijk vuil, grind of zand in de wond.
  • Het slachtoffer kan pijn ervaren en het getroffen lichaamsdeel minder goed gebruiken.

Slide 14 - Slide

2. Reinig de wond
🚰 Stap voor stap schoonmaken:
  • Spoel de wond goed af onder zacht stromend (kraan)water om vuil en bacteriën te verwijderen.
  • Gebruik geen alcohol of jodium; dit kan de huid irriteren en de genezing vertragen.
  • Indien er geen schoon water beschikbaar is, mag een huidontsmettingsmiddel worden gebruikt.
  • Verwijder zichtbaar vuil voorzichtig met een schoon gaasje of een zacht borsteltje.
Dep de huid voorzichtig droog met een schone doek of steriel gaasje (niet over de wond wrijven).

Slide 15 - Slide

3. Bepaal of de wond afgedekt moet worden
🩹 Wanneer wel of niet afdekken?
✅ Wel afdekken als:
  • De wond onder kleding zit (om irritatie te voorkomen).
  • De wond zich op een plek bevindt die snel opnieuw open kan gaan (bijvoorbeeld knieën of ellebogen).
  • Het slachtoffer veel last heeft van de wond.
  • De wond nog vochtig is en een beschermende laag nodig heeft.

Slide 16 - Slide

🩹 Vervolg wanneer wel of niet afdekken?
❌ Niet afdekken als:
  • De schaafwond droog en schoon is en niet in contact komt met vuil of kleding.
  • Een korst zich al heeft gevormd.

Slide 17 - Slide

4. Dek de wond correct af (indien nodig)

  • Gebruik een niet-verklevend kompres of een zalfkompres om te voorkomen dat het verband aan de wond blijft plakken.
  • Bevestig het kompres met een wondpleister of een elastische zwachtel, zonder dat het verband gaat schuiven of plooien.
  • Gebruik bij voorkeur een hydrocolloïd pleister als de wond onder druk staat (bijv. knie of elleboog).
  • Een dunne laag vaseline kan helpen om een droge schaafwond soepel te houden en barsten te voorkomen.

Slide 18 - Slide

Wat zijn adviezen die je kunt geven bij een schaafwond?

Slide 19 - Open question

5. Controleer de wond en geef advies
📆 Nazorg en waarschuwingssignalen:
  • Vervang het verband indien nodig dagelijks, of als het vuil of nat wordt.
  • Adviseer het slachtoffer om op infectiesignalen te letten:
    - Aanhoudende pijn of roodheid,
    - Zwelling of een rode streep in de buurt van de wond,
    - Pusvorming of een onaangename geur,
    - Koorts of een algemeen ziek gevoel.

Slide 20 - Slide

📆 Vervolg nazorg en waarschuwingssignalen:
  • Neem contact op met een arts als:
- De wond niet binnen enkele dagen geneest.
- Er tekenen van infectie zijn.
- Het slachtoffer niet weet wanneer de laatste tetanusvaccinatie was (langer dan 10 jaar geleden → huisarts bellen).

Slide 21 - Slide

Fysiologisch proces van blaarvorming

Slide 22 - Slide

1. Wrijving of druk beschadigt de bovenste huidlaag

  • Bij langdurige of herhaalde wrijving (bijvoorbeeld door strakke schoenen) raken de cellen van de opperhuid los van de onderliggende laag.
  • Dit leidt tot kleine scheurtjes in de huid, zonder dat de huid direct open gaat.

Slide 23 - Slide

2. Vorming van wondvocht (serum) tussen de huidlagen

  • Het lichaam reageert door vocht (plasma) uit de bloedvaten in de lederhuid te laten sijpelen naar de ruimte tussen de losgekomen huidlagen.
  • Dit vocht bevat eiwitten en witte bloedcellen die helpen bij de genezing.

Slide 24 - Slide

3. Blaar groeit en vormt een natuurlijke beschermlaag

  • Het opgehoopte vocht zorgt ervoor dat de onderliggende huid wordt beschermd tegen verdere schade en infectie.
  • De buitenste huidlaag blijft intact en fungeert als een biologisch verband.

Slide 25 - Slide

4. Genezing van de blaar
  • In de meeste gevallen wordt het vocht langzaam door het lichaam opgenomen, en droogt de blaar op.
  • De buitenste huidlaag (het ‘blaardak’) zal uiteindelijk op natuurlijke wijze loslaten, waardoor nieuwe huid wordt blootgelegd

Slide 26 - Slide

5. Risico bij een open blaar
  • Als de blaar openbarst, wordt de beschermende huidlaag verwijderd en is de onderliggende, kwetsbare huid blootgesteld aan bacteriën.
  • Dit vergroot de kans op een infectie en kan pijn veroorzaken.

Slide 27 - Slide

Speciale situaties: 
🔴 Bij mensen met een slechte doorbloeding (zoals diabeten)
De huid geneest trager en het risico op infecties is groter.
Een blaar op de voet van een diabeet kan zich ontwikkelen tot een ernstige wond (ulcus).

🔥 Bij brandblaren. Bij tweede- of derdegraads brandwonden ontstaan blaren omdat de huid is verbrand en de onderliggende huidlagen beschadigd zijn. Deze blaren kunnen zeer pijnlijk zijn en moeten steriel behandeld worden.

Slide 28 - Slide

Slide 29 - Slide

Welke materialen gebruik je van de tafel om de blaar te verzorgen?

Slide 30 - Open question

De verzorging van een blaar

Slide 31 - Slide

Stap 1: Observeer de blaar
🔎 Wat zie je?
  • Is de blaar gesloten of open?
  • Is de blaar pijnlijk of hinderlijk?
  • Dreigt de blaar spontaan te scheuren?
  • Zijn er tekenen van infectie (roodheid, pus, zwelling)?

Slide 32 - Slide

vervolg Stap 1: Observeer de blaar
✅ Gesloten blaren: Intacte huidlaag, gevuld met helder vocht.
✅ Open blaren: Huidlaag is gescheurd, onderliggende huid is zichtbaar en gevoelig

Slide 33 - Slide

Stap 2: Beslis of de blaar doorgeprikt moet worden

📌 Wanneer prik je een blaar wél door?
✅ Als de blaar ernstig hinderlijk is bij lopen of beweging.
✅ Als de blaar dreigt te scheuren, waardoor een open wond kan ontstaan.
✅ Bij grote blaren op drukplekken (zoals hielen of voetzolen).

Slide 34 - Slide

📌 Vervolg wanneer prik je een blaar wél door?
❌ Niet doorprikken als:
  • De blaar klein is en geen pijn doet.
  • De blaar zich op een plek bevindt die niet veel wrijving krijgt.
  • De persoon doorbloedingsstoornissen heeft (bijv. diabetes).

Slide 35 - Slide

Stap 3: Behandelen van een gesloten blaar
🩹 Als de blaar niet doorgeprikt hoeft te worden:
  1. Was je handen.
  2. Spoel de blaar en de omgeving met schoon water of huidontsmettingsmiddel.
  3. Breng een hydrocolloïd blarenpleister aan om wrijving te verminderen.
  4. Adviseer het slachtoffer om de blaar niet door te prikken en schoenen goed passend te houden.
  5. Vervang de pleister wanneer deze loslaat of als de blaar spontaan opengaat.

Slide 36 - Slide

Stap 4: Doorprikken van een blaar (indien nodig)
🩹 Als de blaar doorgeprikt dient te worden:
  1. Was je handen.
  2. Desinfecteer de huid en naald met een huidontsmettingsmiddel.
  3. Prik met een steriele naald of bloedlancet zo dicht mogelijk bij de huid een klein gaatje in de onder- en bovenzijde van de blaar.
  4. Druk voorzichtig het vocht eruit met een steriel gaasje.
  5. Laat de losse huid (blaardak) intact als bescherming van de wond.
  6. Dek de doorgeprikte blaar af met een niet-verklevend kompres of blarenpleister.

Slide 37 - Slide

🩹 vervolg als de blaar doorgeprikt dient te worden:
7. Adviseer het slachtoffer om infectieverschijnselen in de gaten te houden.

Slide 38 - Slide

Stap 5: Behandelen van een open blaar
📌 Als de blaar vanzelf is opengegaan of doorgescheurd:
  1. Was je handen.
  2. Spoel de wond met schoon water (geen alcohol of jodium!).
  3. Laat het blaardak zoveel mogelijk zitten als bescherming tegen infectie.
  4. Dep de wond voorzichtig droog met een steriel gaasje.
  5. Breng een steriel niet-verklevend kompres of blarenpleister aan.
  6. Vervang dagelijks het verband of eerder als het nat of vuil wordt.
  7. Neem contact op met de huisarts bij tekenen van infectie (pus, roodheid, koorts).

Slide 39 - Slide

Voorkomen van nieuwe blaren
👟 Voorkomen is beter dan genezen!
  • Draag goed passende schoenen en vermijd wrijving.
  • Gebruik dikke, vochtabsorberende sokken bij lange wandelingen.
  • Breng bij gevoelige plekken preventief een blarenpleister of tape aan.
  • Houd de huid droog en goed verzorgd.

Slide 40 - Slide

Wat gebeurt er met de huid bij een splinterverwonding?

Een splinterverwonding ontstaat wanneer een scherp voorwerp, zoals een stukje hout, metaal, glas of een doorn, de huid binnendringt. Dit kan leiden tot lokale schade en een ontstekingsreactie als de splinter niet snel wordt verwijderd.

Slide 41 - Slide

Fysiologische reactie van de huid op een splinter

Slide 42 - Slide

1. De huid wordt doorboord
  • De splinter dringt door de opperhuid (epidermis) en mogelijk de lederhuid (dermis).
  • Dit veroorzaakt een kleine, scherpe en begrensde wond.

Slide 43 - Slide

2. Lichaamsafweer wordt geactiveerd
  • Het lichaam ziet de splinter als een vreemd object en reageert met een ontstekingsreactie.
  • Bloedtoevoer neemt toe, waardoor de huid rondom de splinter rood en gezwollen kan worden.
  • Witte bloedcellen trekken naar de plek om mogelijke bacteriën te bestrijden.

Slide 44 - Slide

3. Pijn en gevoeligheid ontstaan
  • Omdat de splinter kleine zenuwuiteinden kan beschadigen of irriteren, voelt het slachtoffer vaak een stekende pijn, vooral bij druk op het gebied.

Slide 45 - Slide

4. Risico op infectie
  • Als de splinter niet wordt verwijderd, kunnen bacteriën zich ophopen en kan een ontsteking of zelfs een abces ontstaan.
  • Tekenen van infectie:
✅ Roodheid en zwelling nemen toe.
✅ Wond blijft pijnlijk of er ontstaat kloppende pijn.
✅ Pusvorming rond de splinter.
✅ Soms kan er een rode streep (lymfebaanontsteking) ontstaan.

Slide 46 - Slide

5. Afstotingsreactie (als de splinter blijft zitten)

  • Het lichaam kan proberen de splinter spontaan naar buiten te werken door nieuwe huidcellen te vormen en de splinter omhoog te duwen.
  • In sommige gevallen kan de huid over de splinter heen groeien, wat het verwijderen lastiger maakt.

Slide 47 - Slide

Slide 48 - Video

Slide 49 - Slide

Waarom is het belangrijk om een splinter snel te verwijderen?

Slide 50 - Open question

Waarom is het belangrijk een splinter snel te verwijderen?

  • Voorkomt infectie en mogelijke complicaties.
  • Vermindert pijn en ongemak.
  • Voorkomt dat de splinter dieper in de huid dringt.

Slide 51 - Slide

Stappenplan voor het verwijderen van een splinter

Slide 52 - Slide

Stap 1: Observeer de splinter
🔎 Wat moet je controleren?
✅ Steekt de splinter uit de huid? → Kan veilig met een pincet verwijderd worden.
✅ Zit de splinter oppervlakkig onder de huid? → Mogelijk pincet of naald nodig.
❌ Diepe of volledig ingekapselde splinter? → Niet zelf verwijderen, huisarts inschakelen.

Slide 53 - Slide

⚠️ Speciale gevallen waarbij altijd een arts geraadpleegd moet worden:

  • Splinters in of rond de oogbol.
  • Splinters die diep in de huid zitten of zich volledig onder de huid bevinden.
  • Splinters in een geïnfecteerde wond (pusvorming, roodheid, zwelling).
  • Een grote of vervuilde splinter die in een spier of gewricht is doorgedrongen.
  • Een splinter in iemand met diabetes of met een slechte doorbloeding.

Slide 54 - Slide

Welke materialen gebruik je van de tafel om de splinter te verwijderen en de wond te verzorgen?

Slide 55 - Open question

Stap 2: Bereid het verwijderen voor
🛠 Gebruik de juiste materialen:
  • Pincet met fijne punt (bij voorkeur steriel).
  • Naald of bloedlancet (indien nodig).
  • Huidontsmettingsmiddel (zoals chloorhexidine of alcohol).
  • Steriel gaasje of watten.

Slide 56 - Slide

Stap 3: Reinig de huid en het pincet
✅ Was je handen grondig met water en zeep.
✅ Reinig de huid rondom de splinter met huidontsmettingsmiddel.
✅ Desinfecteer het pincet en/of naald met alcohol of een vlam (laat afkoelen).

Slide 57 - Slide

Stap 4: Verwijderen van de splinter
1. Gebruik een pincet als de splinter uitsteekt
  • Pak de splinter zo dicht mogelijk bij de huid vast.
  • Trek de splinter in dezelfde richting als waarin hij de huid is binnengedrongen (niet zijwaarts, om breken te voorkomen).

Slide 58 - Slide

 Vervolg stap 4: Verwijderen van de splinter
2. Gebruik een naald als de splinter onder de huid zit:
  • Prik voorzichtig met de naald naast de splinter om de huid een beetje open te maken.
  • Probeer de splinter iets omhoog te duwen zodat je deze met een pincet kunt pakken.

Slide 59 - Slide

Vervolg stap 4: Verwijderen van de splinter
⚠️ Let op:
❌ Niet knijpen in de huid rondom de splinter → Dit kan de splinter verder in de huid duwen.
❌ Niet proberen om een diep ingekapselde splinter eruit te knijpen → Dit kan infectie veroorzaken.

Slide 60 - Slide

Stap 5: Wondverzorging na het verwijderen

✅ Spoel de wond nogmaals met water of huidontsmettingsmiddel.
✅ Controleer of de splinter volledig verwijderd is.
✅ Dep de huid droog met een steriel gaasje.
✅ Dek de wond af met een pleister of steriel verband als er een kleine open wond is.

Slide 61 - Slide

Stap 6: Controle en nazorg
📆 Wat moet je in de gaten houden?
  • Adviseer het slachtoffer de wond schoon en droog te houden.
  • Let op tekenen van infectie in de komende dagen:
- Toenemende roodheid en zwelling.
- Pusvorming of een rode streep richting lymfeklieren.
- Blijvende pijn of een gevoel van druk rond de wond.
- Koorts of algeheel ziek gevoel.

Slide 62 - Slide

⚠️ Raadpleeg een arts als:
  • Er tekenen van infectie optreden.
  • Een deel van de splinter achterblijft.
  • De wond blijft bloeden of slecht geneest.
  • De laatste tetanusvaccinatie langer dan 10 jaar geleden was.

Slide 63 - Slide

Slide 64 - Slide

Gevaren van een Bijtwond

Slide 65 - Mind map

1. Hoog risico op infectie
  • Bijtwonden zijn sterk besmet met bacteriën uit de mond van mens of dier.
  • De huisarts sluit een open bijtwond meestal niet, omdat er een groot risico is dat bacteriën worden ingesloten en een diepe infectie veroorzaken.
  • Vooral als een bijtwond zich bevindt bij een gewricht, pees of bot, moet een arts het beoordelen.

Slide 66 - Slide

2. Gevaar van hondsdolheid (rabiës)
  • Na een beet van een (wild) dier zoals een hond, kat, vleermuis of vos moet direct een huisarts worden geraadpleegd.
  • Rabiës (hondsdolheid) is levensgevaarlijk en zonder behandeling dodelijk.
  • Het slachtoffer moet binnen 24 uur behandeld worden met een rabiësvaccin als het dier verdacht is.

Slide 67 - Slide

3. Risico op tetanus
  • Elke bijtwond kan leiden tot tetanus, vooral als de wond diep is of zich in een spier bevindt.
  • Als het slachtoffer langer dan 10 jaar geleden een tetanusprik heeft gehad of als de vaccinatiestatus onbekend is, moet een arts worden geraadpleegd.

Slide 68 - Slide

4. Mogelijke schade aan pezen, zenuwen en botten

  • Bijtwonden kunnen dieper zijn dan ze lijken en zenuwen, pezen of zelfs botten beschadigen.
  • Vooral mensenbeten (zoals vuistbeten na een vechtpartij) kunnen pezen of gewrichten in de hand beschadigen.

Slide 69 - Slide

Wat zijn de belangrijkste EHBO-maatregelen bij een bijtwond?

Slide 70 - Open question

1. Spoel de wond direct uit
🔹 Waarom? Bijtwonden zijn sterk besmet. Het grondig spoelen verwijdert zoveel mogelijk bacteriën en voorkomt diepe infecties.
🔹 Hoe?
✅ Spoel de wond direct gedurende minimaal 5 minuten met ruim stromend lauw water.
✅ Gebruik zeep indien mogelijk, maar spoel daarna goed na met schoon water.
✅ NIET ontsmetten met alcohol of jodium, dit kan het weefsel beschadigen.

Slide 71 - Slide

2. Laat de wond bloeden (indien mogelijk)

🔹 Waarom? Bloed spoelt bacteriën mee uit de wond.
🔹 Hoe?
✅ Knijp niet in de wond, maar laat licht bloeden.
✅ Bij ernstige bloedingen: druk de wond voorzichtig af met een steriel gaasje.

Slide 72 - Slide

3. Dek de wond steriel af
🔹 Waarom? Om te voorkomen dat vuil en bacteriën verder de wond binnendringen.
🔹 Hoe?
✅ Gebruik een steriel gaasje of verband.
✅ Bij een kleine bijtwond: wondpleister kan voldoende zijn.
✅ Bij een grotere of diepe wond: een steriel kompres met licht drukkend verband aanleggen.

Slide 73 - Slide

4. Raadpleeg altijd een arts bij een bijtwond
🔹 Waarom? De kans op infectie, rabiës en tetanus is groot.
🔹 Wanneer?
✅ Altijd bij een beet van een hond, kat, knaagdier of mens.
✅ Direct bij een beet van een wild dier (zoals een vos, vleermuis of aap) → risico op rabiës.
✅ Als de wond rood, gezwollen of pijnlijk blijft → mogelijk infectie.
✅ Als het slachtoffer koorts krijgt na de beet.
✅ Bijtwonden op handen, vingers of gewrichten hebben extra risico op diepe infecties.

Slide 74 - Slide

5. Controleer of een tetanusprik nodig is
🔹 Waarom? Bijtwonden kunnen besmet zijn met Clostridium tetani (tetanusbacterie).
🔹 Wanneer?
✅ Als de laatste tetanusprik langer dan 10 jaar geleden is → huisarts raadplegen.
✅ Als de wond diep is of met veel vuil → mogelijk tetanusimmunoglobuline nodig.

Slide 75 - Slide

6. Let op tekenen van infectie
🔹 Waarom? Bijtwonden infecteren vaak binnen 24-48 uur.
🔹 Welke signalen?
⚠️ Roodheid, zwelling of kloppende pijn.
⚠️ Wondvocht of pusvorming.
⚠️ Koorts of een rode streep (mogelijk bloedvergiftiging).
⚠️ Bewegingsbeperking bij beten in handen of gewrichten.

➡️ Bij tekenen van infectie: direct medische hulp inschakelen.

Slide 76 - Slide

Slide 77 - Slide