9.4 Opgepakt ... en dan?

9.4 opgepakt ... en dan? 
1 / 22
next
Slide 1: Slide
MaatschappijleerMiddelbare schoolmavoLeerjaar 3

This lesson contains 22 slides, with interactive quizzes, text slides and 3 videos.

time-iconLesson duration is: 80 min

Items in this lesson

9.4 opgepakt ... en dan? 

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Planning
Mededelingen
Vorige les 
Leerdoelen 
Uitleg en opdracht bij 9.4
Aan de slag met de weektaak
Terugblik op de lesdoelen 

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Aangeleerd gedragstheorie
Anomietheorie
Bindingtheorie
Rationele keuze theorie
Etikettentheorie
Neutraliseringstheorie
'Het valt wel mee' 
'Ik toch niemand om mij heen' 
'Ik word al crimineel genoemd' 
'Hoe word ik anders succesvol?'
'Mijn vrienden stelen ook'
'Die fiets stond toch van het slot' 

Slide 3 - Drag question

This item has no instructions

Actualiteit 

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Leerdoelen
Je kunt drie voorbeelden van bevoegdheden van de politie benoemen. 
Je kunt uitleggen wat er gebeurt als je wordt opgepakt. 
Je weet wat de taken zijn van de Officier van justitie. 

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Wanneer wordt iemand gezien als een verdachte?

Slide 6 - Mind map

This item has no instructions

De politie mag zomaar fouilleren
Ja
Nee

Slide 7 - Poll

De politie mag alleen preventief fouilleren in de daarvoor aangewezen veiligheidsrisicogebieden. Dit zijn gebieden met een hoog aantal wapenincidenten en/of een ernstige mate van (vuur)wapengebruik. In deze gebieden geldt ook een messenverbod.
De politie mag zomaar een huis doorzoeken
Ja
Nee

Slide 8 - Poll

This item has no instructions

Wat mag de politie? 
identiteitscontrole;
tassencontrole;
aanhouden en staandehouden;
harder rijden in het verkeer;
met signaallicht en sirene rijden;
geweld gebruiken;
onderzoek verrichten in een woning met een huiszoekingsbevel;
telefoon tappen;
personen observeren.

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Noem drie voorbeelden van bevoegdheden die de politie heeft

Slide 10 - Mind map

This item has no instructions

Wat is het verschil tussen aanhouden en staandehouden?
A
Bij een aanhouding moet je mee naar het bureau en bij staande houden niet
B
Bij staande houden moet je mee naar het bureau en bij aanhouden niet
C
Bij staande houden wordt je tijdelijk van je vrijheid 'berooft' en bij een aanhouding niet
D
Bij een aanhouding wordt je tijdelijk van je vrijheid 'berooft' en bij staande houden niet

Slide 11 - Quiz

This item has no instructions

Stelling: de politie zou sneller en meer telefoons af mogen tappen om sneller criminelen op te pakken
Eens
oneens

Slide 12 - Poll

This item has no instructions

3

Slide 13 - Video

This item has no instructions

1
2
3
4
5
6
Spullen afgenomen
Cel in 
Verhoor
Opgepakt
Rechtszaak
Vrijgelaten of langer vast zitten

Slide 14 - Drag question

This item has no instructions

00:38
Met wie mag je WEL bellen als je vast zit?
A
Je ouders
B
Je vrienden
C
Je advocaat
D
Je docenten

Slide 15 - Quiz

This item has no instructions

00:56
Wat is er NIET in een cel?
A
Een bed
B
Een deken
C
Een wc
D
Een tv

Slide 16 - Quiz

This item has no instructions

01:30
Wie bepaald of je langer opgesloten moet blijven zitten?

Slide 17 - Open question

This item has no instructions

Slide 18 - Video

This item has no instructions

Stelling: 
De gevangenis geeft te veel trauma's en kinderen zouden daarom voor geen enkel delict (strafbaar feit) in de gevangenis moeten komen. 

Slide 19 - Slide

This item has no instructions

Slide 20 - Video

This item has no instructions

Officier van Justitie 
Alle officieren samen: Openbaar Ministerie (OM) 
drie mogelijkheden
  1. Seponeren
  2. Strafbeschikking
  3. Vervolgen 

Slide 21 - Slide

This item has no instructions

Aan de slag met de weektaak
9.4 maken 
Online of in je werkboek

Slide 22 - Slide

This item has no instructions