This lesson contains 33 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.
Lesson duration is: 45 min
Items in this lesson
2.4 Remmen
Slide 1 - Slide
grootheden en eenheden
grootheid
afkorting
eenheid
afkorting
v
.......................
.......................
.......................
.......................
s
.......................
.......................
.......................
.......................
t
.......................
.......................
.......................
.......................
Slide 2 - Slide
Milou fietst naar school met een elektrische fiets. Deze fiets heeft een snelheid van 30 km/h. Ze woont 3500 meter van school vandaan. Hoe lang doet ze erover om op school te komen in minuten ?
Slide 3 - Open question
0
Slide 4 - Video
Wat is snelheid?
A
De afstand die je aflegt in een uur
B
De afstand die je aflegt in een bepaalde tijd
C
De tijd die je nodig hebt om een kilometer af te leggen
D
De tijd die je nodig hebt om een meter af te leggen
Slide 5 - Quiz
Wat zijn de 3 soorten snelheden die wij kennen?
Slide 6 - Open question
2.4 Remmen
Aan het einde van de les kun je:
- uitleggen wat de reactietijd betekend en wat invloed heeft op de reactietijd
-reactieafstand berekenen
-uitleggen wat de remweg betekend en wat invloed heeft op de remweg
-De stopafstand kunnen uitrekenen met behulp van de reactie-tijd en remweg.
Slide 7 - Slide
Reactietijd
De tijd tussen het zien van het gevaar en het beginnen met remmen.
Afhankelijk van de bestuurder. Reactie tijd: 0,7-1,0
omdat je tijdens de reactietijd nog niet aan het afremmen bent (het is de tijd tussen het zien van het gevaar en het reageren erop, blijft je snelheid in dit stukje constant
let op: deze snelheid moet altijd in m/s
Slide 13 - Slide
Reactieafstand
De reactieafstand Is ook afhankelijk van de beginsnelheid.
Bij een reactietijd van 1,5 seconde en
een beginsnelheid van 6 m/s is de reactieafstand:
6x1,5= 9m
Bij een beginsnelheid van 9 m/s is de reactieafstand
9 x 1,5s = 13.5m
Slide 14 - Slide
Slide 15 - Slide
Hoe groot is je reactieafstand als je 50 km/h rijdt?
A
50 m
B
23.8 m
C
13.8 m
D
dat kan je niet weten
Slide 16 - Quiz
voorbeeld berekenen reactieafstand
Cindy fietst naar school met een snelheid van 18 km/h en moet ineens remmen. Haar reactietijd is 1 s. Reactieafstand?
Gevraagd: s = ?
gegeven: V=18 km/h ---> 5 m/s t= 1 s.
Formule: s = v . t
invullen : s = 5 m/s * 1 s
antwoord: s = 5m
Slide 17 - Slide
Je rijdt met 15 km/h als je ziet dat je moet remmen. Je reactietijd is 1,2 s. Wat is de reactieafstand?
A
1,2 m
B
4,17 m
C
5 m
D
9,17 m
Slide 18 - Quiz
Een fietser fietst met een snelheid van 20 km/h. Hoe groot is zijn reactieafstand in meters als zijn reactietijd 2,0 s bedraagt?
A
0,56 m
B
0,28 m
C
10 m
D
11 m
Slide 19 - Quiz
Remweg
De remtijd is de tijd waarin je snelheid kleiner wordt.
De afstand die je aflegt tijdens het remmen noem je de remweg.
De remweg hangt af van:
De snelheid
De remkracht
De massa
De kwaliteit van de banden
De gladheid van de weg
ABS (anti blokkeer systeem)
Slide 20 - Slide
Slide 21 - Slide
Slide 22 - Slide
Slide 23 - Slide
een vrachtwagen rijdt in de regen met 22,2 m/s. hoe groot is zijn remweg?
A
24,5m
B
48m
C
50m
D
het goede antwoord staat er niet tussen
Slide 24 - Quiz
Van welke factoren hangt je remweg af?
A
1 je concentratie,
2 je snelheid,
3 het soort wegdek
B
1 sneeuw op de weg,
2 het profiel van de banden,
3 je snelheid,
4 het soort wegdek
C
1 vreemde stoffen in je lichaam,
2 je leeftijd,
3 nat of droog wegdek
D
1 De massa van het voertuig
2 vermoeidheid
3 de remkracht
4 de grip van de banden
Slide 25 - Quiz
Stopafstand
De stopafstand is de totale afstand die afgelegd wordt tussen het zien van het gevaar en het stilstaan.
stopafstand = reactieafstand + remweg
Sstop = Sreactie + Srem
Slide 26 - Slide
Slide 27 - Slide
Slide 28 - Slide
Welke afstand is altijd het langste
A
Stopafstand
B
Remweg
C
Reactieafstand
Slide 29 - Quiz
De reactieafstand is 25,8 m en de remweg is 36,8 m. Hoe groot is de stopafstand?
A
11 meter
B
25,8 meter
C
36,8 meter
D
62,6 meter
Slide 30 - Quiz
Gegeven: stopafstand = reactieafstand + remweg Welke van deze drie afstanden verandert als de bestuurder flink gedronken heeft?
A
remweg + stopafstand
B
reactieafstand + stopafstand
C
alle afstanden
D
reactieafstand + remweg
Slide 31 - Quiz
Gegeven: stopafstand = reactieafstand + remweg
Op welke van deze drie afstanden heeft de toestand van het wegdek invloed?
A
Remweg + stopafstand
B
Op alle afstanden
C
Remweg + reactieafstand
D
Reactieafstand + Stopafstand
Slide 32 - Quiz
2.4 Remmen
Aan het einde van de les kun je:
- uitleggen wat de reactietijd betekend en wat invloed heeft op de reactietijd
-reactieafstand berekenen
-uitleggen wat de remweg betekend en wat invloed heeft op de remweg
-De stopafstand kunnen uitrekenen met behulp van de reactie-tijd en remweg.