3hv Lezen - vaste tekststructuren 1-2

Tekststructuren
Leerdoel: je kunt verschillende tekststructuren herkennen
1 / 20
next
Slide 1: Slide
NederlandsMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 3

This lesson contains 20 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 30 min

Items in this lesson

Tekststructuren
Leerdoel: je kunt verschillende tekststructuren herkennen

Slide 1 - Slide

1. probleem/oplossingstructuur
De probleem/oplossingstructuur biedt een oplossing voor een probleem




Voorbeeld: Stikstof verminderen in Nederland




Voor
inleiding
probleem
middenstuk
gevolgen/oorzaken/oplossingen
slot
de beste oplossing

Slide 2 - Slide

2. verklaringsstructuur
De verklaringsstructuur verklaart een bepaald verschijnsel




Voorbeeld: Waarom draait de aarde om de zon?




Voor
inleiding
bepaald verschijnsel
middenstuk
kenmerken/voorbeelden
slot
samenvatting

Slide 3 - Slide

3. verleden/heden/toekomststructuur
De verleden/heden/toekomststructuur geeft een vergelijking tussen vroeger en nu 




Voorbeeld: Geschiedenis van Nederland 1921-2021




Voor
inleiding
onderwerp
middenstuk
situatie vroeger - situatie nu
slot
conclusie of situatie in de toekomst

Slide 4 - Slide

meer tekststructuren

Slide 5 - Slide

4. argumentatiestructuur
De argumentatiestructuur beantwoordt een vraagstuk in de tekst




Voorbeeld: betoog, debat




Voor
inleiding
standpunt
middenstuk
argumenten voor en tegen
slot
herhaling stelling

Slide 6 - Slide

5. aspectenstructuur
De aspectenstructuur geeft verschillende kenmerken van het onderwerp 




Voorbeeld: recensie




Voor
inleiding
onderwerp
middenstuk
diverse aspecten van het onderwerp
slot
samenvatting

Slide 7 - Slide

6. voor- en nadelenstructuur
De voor- en nadelenstructuur geeft verschillende kanten van een onderwerp 




Voorbeeld: Wel of geen kortere zomervakantie?




Voor
inleiding
onderwerp, vraag of stelling
middenstuk
voor- en nadelen
slot
afweging 

Slide 8 - Slide

7. vraag/antwoordstructuur
De vraag/antwoordstructuur beantwoordt een vraagstuk in de tekst




Voorbeeld: Hoe verzorg je een hond?




Voor
inleiding
vraag
middenstuk
antwoorden
slot
samenvatting 

Slide 9 - Slide

Argumentatie
structuur
Verklarings
structuur
Voor- en nadelen
structuur
Een informerende tekst over het smelten van de ijskappen
Een overtuigende tekst over het invoeren van een verbod op alcohol
Een opiniërende tekst over het al dan niet gebruiken van iPads in de les

Slide 10 - Drag question

Aspecten
structuur
Argumentatie
structuur
Probleem-oplossing
structuur
  • inleiding: probleem
  • middenstuk: gevolgen // oorzaken // oplossingen
  • slot: samenvatting / aanbeveling
  • inleiding: onderwerp.

  • middenstuk:
    verschillende kanten v/h onderwerp.

  • slot:
    samenvatting.

  • inleiding: stelling / standpunt
  • middenstuk: argumenten
  • slot: herhaling stelling 

Slide 11 - Drag question

Sleep de juiste kern naar de juiste tekststructuur
verleden-heden-toekomststructuur
probleem-oplossings-structuur
verklaringsstructuur
argumentatiestructuur
situatie vroeger
situatie nu
kenmerken/voorbeelden
redenen/
oorzaken
argumenten voor en tegen
weerleggingen
verdere beschrijving van het probleem/oorzaken/
gevolgen/ oplossingen

Slide 12 - Drag question

argumentatiestructuur
aspectenstructuur
verklaringsstructuur
voor- en nadelenstructuur
Het artikel gaat over Messi: over zijn familie, ontdekking, prestaties, clubs enz.
De schrijver wil weten wat beter is: een gewone of elektrische fiets.
In het artikel wil de schrijver jou ervan overtuigen dat het klimaatprobleem een acuut gevaar is.
De schrijver legt uit hoe het komt dat jongens meer gamen dan meisjes.

Slide 13 - Drag question

Kortom, ook al is alcohol niet gezond, het kan wel voor heel leuke avonden zorgen.
A
verklaringsstructuur
B
argumentatiestructuur
C
vraag/antwoordstructuur
D
voor/nadelenstructuur

Slide 14 - Quiz

In de volgende alinea worden de geschiedenis, de topografie en de cultuur van Spanje besproken.
A
verklaringsstructuur
B
aspectenstructuur
C
verleden/hedenstructuur
D
voor/nadelenstructuur

Slide 15 - Quiz

Het vieren van Sinterklaas is door de jaren heen erg veranderd in de Nederlandse cultuur.
A
verklaringsstructuur
B
aspectenstructuur
C
verleden/hedenstructuur
D
voor/nadelenstructuur

Slide 16 - Quiz

Isaac Newton heeft in verschillende stukken geschreven over het fenomeen zwaartekracht.
A
verklaringsstructuur
B
argumentatiestructuur
C
vraag/antwoordstructuur
D
voor/nadelenstructuur

Slide 17 - Quiz

Nederland moet minder vlees eten, maar de boeren moeten nog wel een inkomen houden, bv. door champignonteelt.
A
verklaringsstructuur
B
argumentatiestructuur
C
probleem/oplossingstructuur
D
voor/nadelenstructuur

Slide 18 - Quiz

Dit document geeft tips over wat je allemaal moet doen om een huis te kunnen kopen.
A
vraag/antwoordstructuur
B
aspectenstructuur
C
verleden/hedenstructuur
D
voor/nadelenstructuur

Slide 19 - Quiz

Zelf aan de slag
Maak van studiemeter starttaal 3F: 
- Opdracht 3 (hoort bij theorie 2 tekstdoelen en tekstsoorten)
- Opdracht  7 (hoort bij een tekststructuur herkennen
- Ga naar starttaal online > 3F > Lezen >  Meters maken 

Slide 20 - Slide