9.1 Het zenuwstelsel + 9.2 zenuwscellen en zenuwen

Hoofdstuk 9 Regeling
1 / 16
next
Slide 1: Slide
BiologieMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 4

This lesson contains 16 slides, with text slides and 3 videos.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Hoofdstuk 9 Regeling

Slide 1 - Slide

Wat gaan we vandaag doen?

Uitleg basisstof 9.1 + 9.2
Opdrachten maken

Slide 2 - Slide

Leerdoelen
- Je kunt de delen en de functies van het zenuwstelsel noemen.
- Je kunt in een afbeelding van een zenuwcel de delen benoemen.
- Je kunt drie typen zenuwcellen noemen met hun functies en kenmerken.
- Je kunt omschrijven wat een zenuw is en je kunt drie typen zenuwen noemen met hun kenmerken.


Tip: maak onder de les aantekeningen

Slide 3 - Slide

Slide 4 - Video

Bouw zenuwstelsel
Het zenuwstelsel:
centrale zenuwstelselzenuwen.

Centrale zenuwstelsel = 
hersenen (grote, kleine, hersenstam) + ruggenmerg

Zenuwen verbinden het centrale zenuwstelsel met alle lichaamsdelen

Slide 5 - Slide

Werking zenuwstelsel
1.Prikkels (invloed uit je omgeving)
2.Zintuigcellen (zet prikkel om in impuls)
3.Impulsen (zwak elektrisch signaal)
4.Zenuwen (versturen impuls naar
                      centraal zenuwstelsel)
5.Hersenen
6.Zenuwen
7.Spieren/klieren
Impuls = elektrisch signaal dat door zenuwen kan worden doorgegeven

Slide 6 - Slide

Functies zenuwstelsel

- Het zenuwstelsel verwerkt de impulsen van al je zintuigen.
- Het zenuwstelsel stuurt spieren aan (om te bewegen).
- Het zenuwstelsel regelt de werking van  klieren. Bijv. speekselklieren/zweetklieren

Slide 7 - Slide

Wat zijn dan prikkels?
Een prikkel ontstaat door een verandering in je omgeving of lichaam

Zintuigen zijn gevoelig voor prikkels.
Elk zintuig is gevoelig voor een specifieke prikkel.

Voorbeeld: Reukzintuig > Geur

Slide 8 - Slide

Verschil in prikkels
  • Een prikkel van buiten  het lichaam (geluid), noem je een uitwendige prikkel.
  • Een prikkel van binnen uit het lichaam (hormonen), noem je een inwendige prikkel.
  • Op een prikkel volgt niet altijd hetzelfde gedrag.

Slide 9 - Slide

Slide 10 - Video

8/9.2 zenuwen en zenuwcellen

Slide 11 - Slide

Gevoels-zenuwcel
Bewegingsszenuwcel
- Ontvangt impulsen van zintuigcellen
- 1 lange + 1 korte uitloper
- Cellichaam vlakbij centraal zenuwstelsel
Schakelcellen
- Liggen in het centrale  zenuwstelsel
- Geeft impulsen door, 
verbindt 
- Aangesloten op spieren of klieren
- 1 lange uitloper
- Cellichaam heeft veel vertakkingen, aangesloten op schakelcellen

Slide 12 - Slide

Verschil zenuwcel 
en zenuw
Zenuwcel = 1 cel met 1 cellichaam en uitlopers

Zenuw = bundel van uitlopers
  • Omringd door een laag bindweefsel (bescherming)
  • Rondom elke uitloper ook isolerend laagje (niet overspringen)



Slide 13 - Slide

3 typen zenuwen
Gevoelszenuw --> alleen uitlopers gevoelszenuwcellen
Bewegingszenuw --> alleen uitlopers van bewegingszenuwcellen

Gemengde zenuwen (de meeste)--> de impulsen lopen naast elkaar in twee verschillende richtingen
  • van een zintuig naar het centrale zenuwstelsel
  • van het centrale zenuwstelsel naar een spier of klier


Slide 14 - Slide

Aan het (huis)werk

Mk 9.1 opdr 1, 2, 3, 4, 8, 9
Mk 9.2 opdr 1, 2, 3, 6

Klaar?
Begrippen flitsen
Test jezelfs maken
Samenvattingsopdrachten maken









Slide 15 - Slide

Slide 16 - Video