Oefentoets havo 5

Oefentoets havo 5
1 / 11
next
Slide 1: Slide

This lesson contains 11 slides, with interactive quizzes and text slide.

Items in this lesson

Oefentoets havo 5

Slide 1 - Slide

Op de markt voor auto's is een autofabrikant
A
alleen aanbieder
B
zowel vrager als aanbieder
C
alleen vrager

Slide 2 - Quiz

De overheid voert een accijns in op suiker. De aanbodlijn van producten met relatief veel suiker zal daardoor…
A
steiler afnemen
B
steiler toenemen
C
naar rechts verschuiven
D
naar links verschuiven

Slide 3 - Quiz

Wat zal er vermoedelijk met de vraaglijn gebeuren op de markt voor een bepaald soort koffie als consumenten gaan denken dat dat soort koffie erg slecht is voor het milieu
A
vraaglijn verschuift naar rechts
B
vraaglijn verschuift niet
C
vraaglijn verschuift naar beneden
D
vraaglijn verschuift naar links

Slide 4 - Quiz

Aanbodvergelijking: Qa = P - 10.
Bij welke prijs is het aanbod het grootst?
A
-10
B
1
C
15
D
5

Slide 5 - Quiz

Wanneer verschuift de aanbodlijn vermoedelijk naar links?
A
Als er technologische vooruitgang plaatsvindt
B
Als het aantal aanbieders toeneemt
C
Als de kostprijs per product daalt
D
Als er invoerrechten moet worden betaald

Slide 6 - Quiz

De prijs van benzine is door een permanente schok voortaan een euro per liter hoger. Wat zal er dan gebeuren met de vraag naar auto's?
A
De vraag naar auto's zal stijgen, omdat benzine en auto's complementaire goederen zijn
B
De vraag naar auto's zal dalen, omdat benzine en auto's complementaire goederen zijn
C
De vraag naar auto's zal dalen, omdat auto's en benzine substitutiegoederen zijn
D
De vraag naar auto's zal stijgen, omdat benzine en auto's substitutiegoederen zijn

Slide 7 - Quiz

Zolang vraag en aanbod niet gelijk aan elkaar zijn, zal de prijs van een product veranderen. Dit proces van prijsaanpassing noemen we het …
A
winstmechanisme
B
marktmechanisme
C
break-evenmechanisme
D
concurrentie-mechanisme

Slide 8 - Quiz

Wat zal er met de aanbodlijn van graan gebeuren als een oogst mislukt?
A
De aanbodlijn verschuift niet
B
De aanbodlijn verschuift naar rechts
C
De aanbodlijn verschuift naar beneden
D
De aanbodlijn verschuift naar links

Slide 9 - Quiz

Wat gebeurt er met de vraag naar goed X als de prijs van een substitutiegoed Y daalt?
A
De vraag naar goed X blijft gelijk
B
De vraag naar goed X stijgt
C
De vraag naar goed X daalt

Slide 10 - Quiz

Als de vraag voor elke prijs hoger is als gevolg van een exogene schok, dan zal…
A
de helling van de vraaglijn stijgen
B
de helling van de vraaglijn dalen
C
de vraaglijn naar rechts verschuiven
D
de vraaglijn naar links verschuiven

Slide 11 - Quiz