§4.1 Leven op het platteland

1 / 40
next
Slide 1: Video
GeschiedenisMiddelbare schoolhavoLeerjaar 1

This lesson contains 40 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

Slide 1 - Video

§4.1 Leven op het platteland

Slide 2 - Slide


Hoe heet dit tijdvak?
A
Tijd van Monniken en Heren
B
Tijd van Monniken en Ridders
C
Tijd van Ridders en Kerken
D
Tijd van Kerken en Ridders

Slide 3 - Quiz


Over welke tijd gaat 
dit tijdvak?
A
100-600
B
600-1000
C
600-1200
D
500-1000

Slide 4 - Quiz

Eerst de naam: 
De Middeleeuwen

  • De tijd na het Romeinse Rijk (Oudheid) en vóór de Nieuwe Tijd.

  • Het ligt in het midden van die twee perioden: tussenperiode

  • Ongeveer tussen 500 en 1500

  • Vroege Middeleeuwen: 500-1000
  • Late Middeleeuwen: 1000-1500

Slide 5 - Slide

Tijd van Grieken en Romeinen
(500 v. Chr. - 500 n. Chr.)
Tijd van Monniken en Ridders
(500-1000)
(Vroege Middeleeuwen)
Tijd van Steden en Staten
(1000-1500)
(Late Middeleeuwen)
1492: Columbus 'ontdekt' Amerika
(Einde van de Middeleeuwen)
⚓️
476: Val van het West-Romeinse Rijk
(Begin van de Middeleeuwen)
🔥
Tijd van Ontdekkers en Hervormers
(1500-1600)
Tijd van Regenten en Vorsten
(1600-1700)
Tijd van Pruiken en Revoluties
(1700-1800)

Slide 6 - Slide

Leerdoelen
Je kunt uitleggen:
- Hoe de economie van West-Europa in de vroege middeleeuwen verandert en waarom deze zo verandert
- Hoe een middeleeuws domein eruitziet
- Hoe het hofstelsel werkt en welke plaats horigen in dat stelsel hebben

Slide 7 - Slide

Onrustige tijden in Europa
500-800

Na de val van het West-Romeinse Rijk zijn er veel oorlogen
Reizen is gevaarlijk en de meeste mensen leven in dorpjes
op het platteland. Grote steden, zoals Rome, zijn er niet (meer)

Slide 8 - Slide

Aparte koninkrijken


= bestuurlijke verandering (politiek)

Slide 9 - Slide

Later zullen die kleine koninkrijken samenvoegen (Karel de Grote) 

Slide 10 - Slide

Agrarische samenleving
Na de van het Romeinse Rijk wordt reizen erg gevaarlijk
Veel mensen durven hierdoor niet meer te handelen
Veel stedelingen moeten voor zichzelf gaan zorgen als boer
Zo ontstaat een agrarische samenleving
Een samenleving waarin bijna iedereen een boer is en er vrijwel geen steden zijn

Slide 11 - Slide

Leerdoelen
Je kunt uitleggen:
- Hoe de economie van West-Europa in de vroege middeleeuwen verandert en waarom deze zo verandert
- Hoe een middeleeuws domein eruitziet
- Hoe het hofstelsel werkt en welke plaats horigen in dat stelsel hebben

Slide 12 - Slide

Het Domein
In de middeleeuwen is bijna iedereen een boer
Boeren werken op het land, maar dat is vaak niet van hen
Dit is vaak van een rijke heer of van een klooster
Dit gebied van de domeinheer wordt het domein genoemd

Slide 13 - Slide

De edelen
Eignaars van de grond, bestuurden het land, zorgden voor rechtspraak en voerden oorlog
Huis van de heer
Vaak niet meer dan een iets groter houten huis met een muur. Hierkonden de boeren schuilen bij een aanval.
Ophaalbrug
Kan gesloten worden bij een aanval
Gracht
Extra verdediging tijdens een aanval
Simpele huizen
Binnen de muren voor de belangrijkste mensen
Boomgaard
Ook binnen de muren werd voedsel verbouwd. Alle opbrengst hier was voor de heer
Boer buiten de muur
Er waren twee soorten boeren:
  1. Vrije boeren: bezaten hun eigen grond
  2. Horigen: hadden geen bezit en moesten werken voor de heer
Herendiensten
Horigen werden door de heer beschermd en gevoed, maar daar wilde de heer wel iets voor terug
De heer kon vragen om herendiensten
  • graan malen
  • druiven persen
  • vechten voor de heer
  • graan betalen
  • wegen onderhouden
  • gracht graven
Vroomland
Dit is het land van de heer. De oogst die hier wordt binnen gehaald, gaat rechtstreeks naar de heer. Het werk werd gedaan door de horigen (herendiensten).
Weiland
Buiten de muren lagen weilanden voor de dieren

Slide 14 - Slide

Slide 15 - Slide

Een donjon, of mottekasteel, was een versterkte wachttoren. Hier woonde de heer als er gevaar was.
Het gebied buiten het domein bestond uit de grond van de vrije boeren en de woeste gronden, onontgonnen gebied en bossen.
De vrije boeren moesten tijdens een oorlog wél meevechten met de heer. De wapenuitrusting moesten ze zelf betalen.
De akkers van de heer werden bewerkt door horigen. Er waren akkers waarbij de volledige opbrengst naar de heer ging, en er waren akkers waarbij een deel van de opbrengst voor de horige boeren was. Overigens moesten ze hun pacht ook weer van deze opbrengst betalen.
Het vroonhof was de boerderij (hoeve) van de heer. Hier woonde de heer als er geen gevaar was. De opbrengsten van zijn akkers werd in schuren opgeslagen. In woningen naast een vroonhof woonden de horige boeren in geval van gevaar, zoals oorlog.
Bij het vroonhof waren stallen voor de dieren en boomgaarden.
Horigen woonden in vredestijd buiten het vroonhof
Met het hofstelsel bedoelen we het hele systeem (stelsel) van heren en horigen, inclusief de pacht en de herendiensten.

Slide 16 - Slide

Slide 17 - Link

De horige
De boeren op het domein zijn geen slaven
Maar weinig boeren zijn echt vrij
Zo mogen ze bijvoorbeeld niet weg zonder toestemming
Deze halfvrije boeren noemen we horigen
Komt van het oude woord "ghehorich" wat gehoorzamen betekent. Horigen waren dus gehoorzaam (aan de heer)

Slide 18 - Slide

Hoe worden de halfvrije boeren genoemd?
A
Slaven
B
Horigen
C
Hovelingen
D
Heren

Slide 19 - Quiz

Waarom horige worden?
De boeren kiezen er vaak voor om horige te worden
Dit doen ze omdat het een onveilige en arme  tijd is
De heer kan de boeren beschermen
In ruil daarvoor doen ze klusjes voor de heer: herendiensten
Hij heeft wapens en een burcht (kasteel)

Slide 20 - Slide

Wat is geen reden om horige te worden?
A
Veel mensen hebben geen eigen land
B
Veel criminelen vluchten van de heer
C
Veel mensen lijden honger
D
Veel mensen zijn onveilig

Slide 21 - Quiz

Leerdoelen
Je kunt uitleggen:
- Hoe de economie van West-Europa in de vroege middeleeuwen verandert en waarom deze zo verandert
- Hoe een middeleeuws domein eruitziet
- Hoe het hofstelsel werkt en welke plaats horigen in dat stelsel hebben

Slide 22 - Slide

Het hofstelsel
Het domein wordt soms ook wel het hof genoemd
De horigen werken dus op het hof van de heer
In ruil daarvoor geeft de heer bescherming op het hof
Deze afspraak noemen we het hofstelsel
Alles draait om de hoeve (boerdrij) van de heer, ook wel hof genoemd

Slide 23 - Slide

Hofstelsel
Boeren

Slide 24 - Slide

Hofstelsel
Honger
Armoede
Onveilig
Boeren

Slide 25 - Slide

Hofstelsel
Honger
Armoede
Onveilig
Rijke boer
(de heer)
Boeren

Slide 26 - Slide

Hofstelsel
Honger
Armoede
Onveilig
Rijke boer
(de heer)
De heer geeft 
  • Bescherming
  • Landbouwgrond
Boeren

Slide 27 - Slide

Hofstelsel
Honger
Armoede
Onveilig
Rijke boer
(de heer)
De heer geeft 
  • Bescherming
  • Landbouwgrond
In ruil geeft de boer:
  • Deel van oogst
  • Herendiensten
Horigen

Slide 28 - Slide

Bescherming
Landbouwgrond
Herendiensten
Deel van de oogst (pacht)

Slide 29 - Drag question

Leg eens in eigen woorden (!) uit..
  • Je kunt beschrijven hoe de economie in de vroege middeleeuwen in West-Europa veranderde en die veranderingen verklaren.
  • Je kunt beschrijven hoe een middeleeuws domein eruitzag.
  • Je kunt uitleggen hoe het hofstelsel werkte en welke plaats horigen in dat stelsel hadden.

Slide 30 - Slide

Horigen
Vrije boeren
Arme boeren
Rijke boeren
Eigen land
Geen vrijheid
Land van de domeinheer
Herendiensten
Meevechten met de domeinheer

Slide 31 - Drag question

Wie was de baas van een domein?
A
Een horige
B
Een vrije boer
C
Een heer
D
De Romeinse keizer

Slide 32 - Quiz

Waaruit bestond een domein?
A
Huizen van horigen
B
Hoeve van de heer
C
Landbouwgrond
D
Alle antwoorden zijn juist.

Slide 33 - Quiz

In het hofstelsel:
A
geeft de heer bescherming aan de horige
B
moesten horigen herendiensten verrichten
C
geeft de horige een deel van de opbrengst van het land aan de heer
D
helpt de heer de horige op het land tijdens de oogsttijd

Slide 34 - Quiz

Het hofstelsel had als voordeel dat 'hij' zelf niet op het land hoefde te werken.

Wie is in bovenstaande zin 'hij'?
A
Een horige
B
Een heer

Slide 35 - Quiz

Hoe noemen we de klusjes die de horige moest doen voor de landheer?
A
Slavenarbeid
B
pacht
C
klusjes
D
herendiensten

Slide 36 - Quiz

Wat zijn herendiensten?
A
Zo af en toe eens op bezoek gaan bij de heer
B
Klusjes doen voor de heer of het klooster
C
Gratis op het land van de heer wonen
D
Bescherming geven aan de horigen

Slide 37 - Quiz

Deze boer moest veel herendiensten doen en mocht niet van het domein af:
A
Horige boer
B
Vrije boer

Slide 38 - Quiz

Welke plicht had een vrije boer?
A
In oorlogstijd op het land van de koning werken
B
In oorlogstijd in het leger van de koning vechten

Slide 39 - Quiz

Aan het werk...
... maak nu de opdrachten van 4.1...

Slide 40 - Slide