4.4 De islam

De Islam
- Boek open blz. 36-27
- Laptop op LessonUp.
- Schrift 
1 / 16
next
Slide 1: Slide
GeschiedenisMiddelbare schoolvwoLeerjaar 1

This lesson contains 16 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

De Islam
- Boek open blz. 36-27
- Laptop op LessonUp.
- Schrift 

Slide 1 - Slide

Doelen
- Je kunt beschrijven hoe de islam ontstond.

- Je kunt de belangrijkste kenmerken noemen van de islamitische geloofsleer. 

Je kunt beschrijven hoe de islam zich heeft verspreid. 

Slide 2 - Slide

Wat weet je al
over de islam? Max. 2 woorden.

Slide 3 - Mind map


Welke godsdienst is ouder?
A
christendom
B
islam

Slide 4 - Quiz


Wie is de profeet van de islam?
A
Mohammed
B
Jezus
C
Arabier
D
Er is geen profeet

Slide 5 - Quiz


Waar is de Islam ontstaan?
A
Midden-Oosten
B
China
C
Spanje
D
Europa

Slide 6 - Quiz

Veel goden of één god? 
  • In de zesde eeuw geloofden de Arabieren in honderden goden
  • In de stad Mekka stond de Ka'aba: een grote zwarte steen
  • Op deze plek aanbidden de Arabieren hun goden
  • Ook mensen, waaronder veel handelaren, uit andere landen bezochten de Ka’aba en baden er tot hun goden.
  • Mekka lag aan een kruispunt van handelswegen en was een belangrijke handelsstad.

Slide 7 - Slide

Mohammed 
  • Mohammed was een handelaar uit Mekka. 
  • In een droom, een visoen, vertelde een engel dat er maar één god is, Allah.
  • Mohammed vertelde de mensen in Mekka over zijn droom, maar bijna niemand wilde naar hem luisteren. 
  • De meeste mensen moesten niets van Mohammed hebben en joegen hem en zijn volgelingen de stad uit

Slide 8 - Slide

Van Mekka naar Medina
Jaartal: 622

  • Mohammed vlucht naar Medina
  • Dit is het begin van de islamitsche jaartelling, de hedsjra
  • In deze stad woonden veel joden en christenen, ook zij geloven in één god (monotheïsme).
  • Mohammed, die zich profeet van Allah noemde, kreeg veel aanhangers. 
  • Zij noemden zich moslims en hun godsdienst de islam.

Slide 9 - Slide

Terug naar Mekka
Jaartal: 630

  • Met een grote groep moslims ging Mohammed terug naar Mekka (630)
  • Er werd gevochten en Mohammed won. 
  • Veel bewoners van Mekka werden toen alsnog moslim. 
  • Mohammed beval dat mensen bij de Ka’aba alleen nog tot Allah mochten bidden.

Slide 10 - Slide


De islam kent...
A
1 god
B
2 goden
C
3 goden
D
4 goden

Slide 11 - Quiz


Wat betekent islam?
A
Onderwerping aan Allah
B
Zoeken naar Allah
C
Geloven in Allah
D
Allah is groot

Slide 12 - Quiz

De islam
  • Islam betekent: 'onderwerping'
  • Het belangrijkste boek is de Koran.
  • Volgens moslims zijn de woorden in de Arabische taal door Allah via de engel Gabriel aan Mohammed geopenbaard.
  • Daarnaast moet een moslim zich (zoveel mogelijk) houden aan de vijf zuilen, dit zijn godsdienstige verplichtingen.
  • Het vrijdaggebed in een moskee is voor mannen verplicht

Slide 13 - Slide


De volgelingen van de islam zijn
A
boedhist
B
christen
C
jihad
D
moslim

Slide 14 - Quiz


Opvolgers van Mohammed heten
A
Kaliefen
B
Poitiers
C
Profeten
D
Arabieren

Slide 15 - Quiz

Vijf zuilen van de islam
geloofsbelijdenis (sjahada)
الشهادة
rituele gebeden (salat)
الصّلاة
geven aan armen (zakat)
زكاة
ramadan
(saum)
رمضان
pelgrimstocht 
(hadj)
الحجّ

Slide 16 - Slide