This lesson contains 16 slides, with text slides.
Conservatisme
- zo weinig mogelijk verandering
(conserveren = bewaren)
"zoals het ooit was..."
Radicalisme
- verandering stimuleren
- verzet tegen verandering
"alles moet anders"
vragen in de 19e eeuw:
- 1e helft (1800-1850):
vorst of parlement?
- 2e helft (1850-1900):
de sociale kwestie
het kiesrecht?
oplossingen in de
'echte'-ismen binnen democratie
- verschillende opvattingen:
socialisme
liberalisme
confessionalisme
Latijn: liber = vrij, libertas = vrijheid
Ontstaan in de 19e eeuw: verlichte ideeën van Montesquieu, Rousseau en Smith (18e eeuw)
Liberté, Egalité et Fraternité
- vrijheid voor het individu op alle gebieden (pol. eco en cult/gods.)
eco: vrijhandel en ondernemingsvrijheid.
pol: grondwet, kiesrecht en parlement ipv koning met macht.
Amper overheidsbemoeienis,
overheidstaken:
- defensie
- politie/justitie
- openbare werken
nachtwakerstaat
vragen in de 19e eeuw:
- 1e helft (1800-1850):
vorst of parlement?
- 2e helft (1850-1900):
de sociale kwestie
het kiesrecht?
antwoorden:
- 1e helft (1800-1850):
?
- 2e helft (1850-1900):
?
?
SE-vraag
Op 5 juni 1870 werd in België de Algemene Wet op de Mijnen van kracht. In deze wet stonden enkele voorwaarden voor het werken in de steenkoolmijnen.
Drie voorbeelden van deze voorwaarden zijn:
1 Vrouwen en jongeren onder de twaalf jaar mogen niet meer ondergronds werken.
2 Vanaf de leeftijd van 60 jaar heeft elke mijnwerker recht op pensioen.
3 De mijnen zijn particuliere bedrijven.
Met de voorwaarden uit de wet kun je laten zien dat deze wet een compromis was tussen liberalen en socialisten.
Toon dit aan door bij twee van deze voorwaarden de opvattingen van liberalen toe te lichten.
We use cookies to improve your user experience and offer you personalized content. By using Lessonup you agree to our cookie policy.