Geldzaken en investeringen

Geldzaken en investeringen
1 / 13
next
Slide 1: Slide

This lesson contains 13 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

Geldzaken en investeringen

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Leerdoelen
- Kunnen noemen en herkennen van de drie spaarmotieven
- Enkelvoudige rente kunnen berekenen
- Samengestelde rente kunnen berekenen
- Begrijpen wat het gevolg van inflatie is voor je spaargeld
- De kenmerken van beleggen kunnen noemen

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Wat weet je al over spaarmotieven, rente, inflatie en beleggen?

Slide 3 - Mind map

This item has no instructions

Spaarmotieven
1. Voorzorg: sparen voor onverwachte uitgaven
2. Vervanging: sparen voor het kopen van nieuwe dingen
3. Speculatie: sparen om geld te verdienen met beleggen

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Enkelvoudige rente
Eenvoudige formule: rente = (hoofdsom) x (rentepercentage) x (tijd in jaren)

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Samengestelde rente
Formule: A = P(1 + r/n)^(nt)
A = eindbedrag
P = startbedrag
r = rentepercentage
n = aantal keer rente per jaar
t = aantal jaar

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Inflatie en spaargeld
Inflatie is de stijging van prijzen waardoor geld minder waard wordt. Spaargeld kan daardoor in waarde verminderen.

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Kenmerken van beleggen
- Hoger rendement dan sparen
- Meer risico
- Mogelijkheid om geld te verliezen
- Verschillende beleggingsproducten: aandelen, obligaties, etc.

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

Oefening: Enkelvoudige rente
Bereken de enkelvoudige rente van een startbedrag van €1000 met een rentepercentage van 4% over een periode van 5 jaar.

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Oefening: Samengestelde rente
Bereken het eindbedrag van een startbedrag van €2000 met een rentepercentage van 3% per jaar, samengesteld per kwartaal, over een periode van 3 jaar.

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

Schrijf 3 dingen op die je deze les hebt geleerd.

Slide 11 - Open question

De leerlingen voeren hier drie dingen in die ze in deze les hebben geleerd. Hiermee geven ze aan wat hun eigen leerrendement van deze les is.
Schrijf 2 dingen op waarover je meer wilt weten.

Slide 12 - Open question

De leerlingen voeren hier twee dingen in waarover ze meer zouden willen weten. Hiermee vergroot je niet alleen betrokkenheid, maar geef je hen ook meer eigenaarschap.
Stel 1 vraag over iets dat je nog niet zo goed hebt begrepen.

Slide 13 - Open question

De leerlingen geven hier (in vraagvorm) aan met welk onderdeel van de stof ze nog moeite. Voor de docent biedt dit niet alleen inzicht in de mate waarin de stof de leerlingen begrijpen/beheersen, maar ook een goed startpunt voor een volgende les.