Muziek 4 Mavo - Periode 3

Periode 3
Deze periode hebben we voornamelijk examenvragen geoefend en begrippen herhaald.
Hierbij nog de belangrijkste begrippen op een rijtje.
1 / 12
next
Slide 1: Slide
Middelbare school

This lesson contains 12 slides, with text slides.

Items in this lesson

Periode 3
Deze periode hebben we voornamelijk examenvragen geoefend en begrippen herhaald.
Hierbij nog de belangrijkste begrippen op een rijtje.

Slide 1 - Slide

Dynamiek
Bij dynamiek hebben we het over het volume van de muziek. Hoe hard of hoe zacht wordt de muziek gespeeld, en hoe wordt dit opgebouwd? 

Jullie kennen al de begrippen cresendo en decrescendo, waarbij er geleidelijk aan harder of zachter wordt gespeeld. In het totale stuk wordt er dan dus verschillende klanksterktes gemaakt en zijn de overgangen hiertussen niet plotseling maar geleidelijk. 
Dit noem je dan overgangsdynamiek.









Slide 2 - Slide

Dynamiek
Terrassendynamiek

Bij terrassendynamiek vindt er een plotselinge verandering plaats tussen hard en zacht. Dit kan ook ontstaan door eerst een grotere groep instrumenten te laten spelen, en dan ineens een kleine groep. In het volgende geluidsfragment is dit duidelijk te horen.








Slide 3 - Slide

Slide 4 - Slide

Tempo

Voor tempo hebben we verschillende benamingen. In klassieke muziek gebruiken we de volgende:
- Adagio (langzaam)
- Andante (gemiddeld)
- Allegro (snel)


Willen we het tempo gedurende het stuk versnellen of vertragen dan gebruiken we de volgende termen:

- Accelerando (versnellen)
- Ritenuto (vertragen)

Slide 5 - Slide

Instrumentengroepen
Weten we alle instrumentengroepen nog? Luister zelf nog eens naar de instrumenten die je lastig vindt om te herkennen op gehoor.
- Strijkers (viool, altviool, cello en contrabas)
- Houtblazers (fluit, klarinet, hobo en fagot)
- Koperblazers (trompet, trombone, hoorn en tuba)
- Slagwerk (pauken, snare, en klein slagwerk zoals triangel)

Slide 6 - Slide

Klarinet

Het verschil tussen de klarinet en de hobo is soms lastig te horen. De klarinet klinkt warmer en 'houteriger' en heeft een plat mondstuk.
Hobo

De hobo heeft een scherper geluid en heeft een dun riet als mondstuk wat uitsteekt.

Slide 7 - Slide

Meerstemmigheid
Bij meerstemmigheid spelen of zingen er meerdere stemmen tegelijkertijd.
Deze stemmen kunnen op verschillende manieren ten opzichte van elkaar bewegen.

Paralelle of gelijke beweging: de melodie gaat in dezelfde richting. 

Tegenbeweging: de stemmen bewegen zich tegen elkaar in.

Slide 8 - Slide

Sequens
Een sequens is een melodisch motief dat een aantal keren op een andere toonhoogte wordt herhaald, telkens één toon hoger of lager.

Op de volgende slide vind je een link naar een youtube filmpje waar je een paar voorbeelden kunt horen.

Slide 9 - Slide

Slide 10 - Slide

Meerstemmigheid
Polyfonie
Homofonie
Unisono

Slide 11 - Slide

Westerse en niet-westerse muziek
Niet-westerse muziek wordt ook wel 'wereldmuziek' genoemd. Dit gaat om muziek dat niet uit het westen komt. Bijvoorbeeld: latin muziek, arabische muziek, hongaarse muziek, hindoestaanse muziek, en ga zo maar door.
De klank is anders en ook kun je vaak aan de dans, de kleding en de taal aflezen dat het vanuit een ander werelddeel en cultuur komt.


Slide 12 - Slide