Eindexamentraining Engels - 2025

Reading strategies

Tips & Tricks

1 / 42
next
Slide 1: Slide
EngelsMiddelbare schoolvmbo k, g, t, mavo, havo, vwoLeerjaar 4-6

This lesson contains 42 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 120 min

Items in this lesson

Reading strategies

Tips & Tricks

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Signaalwoorden
Zorg dat je:
A) signaalwoorden herkent
B) weet welk verband ze aangeven
C) hoe je ze in een zin gebruikt
D) LEER JE SIGNAALWOORDEN!!!!!






Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Het recept
- GROTE LIJN (begrijp je de tekst? Hoofdzaken?)
- Signaalwoorden (ZIE die woorden en SNAP de functie)
- Wat vindt de expert?
- Voorbeelden (kun je die benoemen?)
- Scannen (snel opzoeken van informatie)
- Details (voor de leerlingen die alles gesnapt hebben)

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Which signal word belongs to which context? Drag the correct answers together.
As well as
In short
To praise
To criticize
For instance
Uitbreiding/Opsomming
Gevolg/Conclusie
Ondersteunen (positief)
Tegenstelling
Voorbeelden

Slide 4 - Drag question

This item has no instructions

He should not be doing this job, ... he was not trained for it.
A
despite
B
however
C
since
D
such as

Slide 5 - Quiz

- despite = ondanks
- however = echter
- since = aangezien
- such as = zoals 
Which signal word in the text indicates a contradiction?

Slide 6 - Open question

This item has no instructions

Stappenplan
1. Scannen: Titel, plaatjes, intro -> Waar gaat de tekst over?
    LEES NIET DE HELE TEKST DOOR!!!
2. Lees de vraag: In welke alinea's moet je kijken? -> aanstrepen
3. Wat voor soort vraag is het? ABCD/gaten/open/bewering?

4. Volg de stappen die nu nog gaan komen.


Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Vraagsoorten
- Meerkeuzevraag
- Open vraag
- Gatenvraag
- Beweringenvraag

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

Meerkeuzevraag: Stappenplan
Lees de vraag, niet de antwoorden! Staat er nuttige informatie in de vraag?



In het voorbeeld hiernaast zie je dat je moet kijken in alinea's 1 en 2.

Verder staat er het woord relate in de vraag.  We moeten dus op zoek naar een signaalwoord en uitzoeken om welk tekstverband het gaat.

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Multiple choice question
1. Lees de relevante tekst, en niets meer!
    --> 1 of meer alinea’s, antwoord staat in het hele stuk tekst
    --> 1 zinnetje,  wordt gevraagd naar “waarom” (antwoord staat in de rest van de alinea) of “wat” (antwoord staat vlak boven of vlak onder het zinnetje)
2: Lees de antwoorden en streep alle signaal- en functiewoorden in de antwoorden. 
4. Haal de duidelijk foute antwoorden er tussenuit.
5. Past het antwoord in het onderwerp van de tekst? (Je hebt vooraf gescand).
6 Kies je antwoord

Slide 10 - Slide

Extra uitleg:
1: Wat is de GROTE LIJN? (Voorkennis activeren kan gevaarlijk zijn omdat dan de eigen mening mee gaat wegen). Denk er dus aan dat je focust op wat de schrijver zegt, wat er in de tekst staat.
2: Ga strepen in de tekst:
Gaat het om 1 of meer alinea’s, dan staat het antwoord in het hele stuk tekst
Gaat het om 1 zinnetje kijk dan of er gevraagd wordt “waarom” (dan staat het antwoord in de rest van de alinea) of “wat” (dan staat het antwoord vlak boven of vlak onder het zinnetje)
3: Lees de antwoorden en probeer de PINDAKAAS-antwoorden elimineren. Cito maakt de antwoorden altijd op de volgende manier:
Er is altijd 1 juist antwoord
Er is altijd 1 antwoord dat LIJKT op het juiste, maar dat is versterkt
Er zijn altijd 2 PINDAKAAS-antwoorden (die zijn dus helemaal fout!)
Als je de antwoorden gaat zoeken in de tekst, kijk dan altijd rond de leestekens en de signaalwoorden. Als je twijfelt of een antwoord goed of fout is, hou de antwoorden die daar staan dan wel goed in de gaten, die zijn meestal goed.
4: Als je het juiste antwoord denkt te hebben ga je de checklist bekijken:
Hoe vaak komt het antwoord voor? (als het ongeveer 3x in de alinea voorkomt is dat de kern)
Kloppen ALLE elementen van het antwoord???
Past het in de GROTE LIJN van de tekst? Als het antwoord niet in de zin staat met signaalwoorden dan is het fout.
Bij het controleren van de elementen moet je goed opletten. Bij juist/onjuist antwoorden waar KRACHTIGE woorden staan (only, more, most, hardly, always, never) kun je er meestal van uit gaan dat deze ONJUIST zijn.

Which of the following is in line with the main idea of paragraph 4?
A
A country’s economy is dependent on its culture.
B
Cultural diversity should preferably be preserved.
C
Local cultures are readily sacrificed in the quest for profit.
D
The significance of cultural differences is underestimated.

Slide 11 - Quiz

This item has no instructions

Uitleg
De vraag is wat de kern van deze paragraaf is.
- Signaalwoorden zijn yet (r. 1) en but (r.3) Die markeer je.
- Bij antwoord A stond iets over a country's economy. Dit staat niet echt in de alinea.
- Bij C staat iets over dat Profits belangrijker zijn dan CUltures. Dat staat ook niet in de tekst.
- Blijven B en D over.

- B is positief, D is negatief. De zin achter het signaalwoord
Yet is negatief, en de zin na But is dat ook. D is dus het juiste antwoord.



Slide 12 - Slide

This item has no instructions

What is the point made in paragraphs 1 and 2?
A
In the past the male Y chromosome used to be more substantial.
B
Men are hardly able to cope with challenges of their male pride.
C
Procreation may one day be realised without male participation.
D
The male physique is deteriorating at an alarming pace.

Slide 13 - Quiz

This item has no instructions

Uitleg
De vraag is wat de hoofdgedachte van deze alinea's is.
- Signaalwoorden zijn but (1e regel), But (4e regel), So...that (6e regel).

- Antwoord C noemt voortplanting, maar dit wordt niet genoemd in de tekst.
- Antwoord D spreekt over het mannelijk lichaam, wat ook niet in de tekst wordt genoemd.

- In de 1e regel geeft het signaalwoord But aan dat het Y-chromosoom verdwenen is. In regel 4 geeft het signaalwoord But aan dat het niet meer is zoals het ooit was.
Er is dus een tijdsverschil, zoals ook staat in Antwoord A. 




Slide 14 - Slide

This item has no instructions

Beweringenvragen
1. Lees de stellingen en probeer een beeld te vormen van de tekst
Wie zijn de personen?
Wat doen ze mogelijk?
Waar speelt het zich mogelijk af?
Hoe zijn de personen mogelijk? (uiterlijk, gevoelens)
2. Onderstreep nu in de stellingen
Visuele kenmerken
De kernbegrippen
Woorden die een antwoord heel sterk maken: always, never, everything…
3. Bekijk de kernwoorden van stelling 1 en 2 en ga lezen of je die tegenkomt. Dan stelling 2 en 3, dan stelling 3 en 4 etc.



Slide 15 - Slide

Herkennen van de vraag: de antwoorden zijn genummerd 1, 2, 3, ….

Lees eerst de antwoorden en streep je zoekterm aan.

Belangrijk om te weten:
Staan de antwoorden op alfabetische volgorde, dan staan ze niet in de juiste volgorde van de tekst (stelling 1 zou dan dus in alinea 5 kunnen staan, stelling 2 in alinea 8 etc.)
Staan de antwoorden NIET op alfabetische volgorde, dan staan ze in chronologische volgorde in de tekst.

Stappenplan
Allereerst markeren we het stuk tekst waar we moeten zoeken.

Dan strepen we de zoektermen aan waar we mee gaan werken. Denk hierbij aan:
- Namen, plaatsen
- Alles wat je in een cijfer kunt uitdrukken (de meerderheid), en tijdsaanduidingen (vandaag de dag)
- Internationale woorden (discriminatie, autoriteit)

Bij stelling 1 zouden we bijvoorbeeld 'te warm' (meetbare temperatuur) en 'tegenwoordig' (tijdsaanduiding) kunnen markeren.
Zoek naar signaalwoorden. Daar staat het antwoord in de buurt!






Slide 16 - Slide

This item has no instructions

The African coastal region is now too warm for penguins.

FYI: The text is about penguins in Africa
A
True
B
False

Slide 17 - Quiz

This item has no instructions

Uitleg
De stelling was: De Afrikaanse kuststreek is tegenwoordig te warm voor pinguïns.

Een van de zoektermen was warm. In dit hele stuk tekst wordt op geen enkele manier gesproken over temperatuur, dus de stelling is onjuist.

Slide 18 - Slide

This item has no instructions

Mr Moody’s looks and manner invite people to share their private
thoughts with him.
A
True
B
False

Slide 19 - Quiz

roguish = gluiperig (negatief), guitig (positief)

unsullied: onbedorven, smetteloos

Vigour: kracht, energie

gullibility: goedgelovigheid
guile: bedrog

voluble: spraakzaam

to broker: bemiddelen
Uitleg 
De stelling is: "Mr Moody's looks and manner invite people to share their private thoughts with him."


Je kunt als zoekterm privé kiezen.  In de tekst vind je de volgende signaalwoorden: as a consequence (4th line), or (5th line), in short (6th line), and (7th line).

In de regels 4 en 5 vind je het woord confidence, wat in deze context gelijk staat aan "private thoughts". We zien dat die zin inderdaad overeenkomt met de stelling. 

De laatste zin, die in short het afsluitende signaalwoord bevat, bevestigt de stelling nogmaals. De stelling klopt.


Slide 20 - Slide

This item has no instructions

Open vragen
Bij een open vraag is het belangrijk dat je de tijd neemt om de vraag goed te lezen. De vraag zegt namelijk vaak al waar je moet zoeken en waar je op moet letten.

Daarnaast staat er ook hoe je het antwoord moet opschrijven, bijvoorbeeld door te citeren met een of twee woorden, of in het Nederlands beantwoorden. 





Slide 21 - Slide

This item has no instructions

Stappenplan




- Lees de vraag en markeer als dat kan het stuk tekst waar je het antwoord moet zoeken. Als er een citaat in de vraag staat markeer je dat. Het antwoord staat daar namelijk vrijwel altijd dichtbij.

- Daarna kijk je in de vraag wat ze precies willen weten. Vragen ze om een voorbeeld, een tegenstelling of toch een opsomming?

- Met het antwoord op de vorige vraag ga je zoeken naar signaalwoorden. Die dat tekstverband weergeven.

- Vlakbij het juiste signaal- of functiewoord zul je het antwoord vinden.
- Schrijf daarna het antwoord op volgens de instructies in het examen, waarbij de taaltekenregels niet vergeten moeten worden. 




Voorbeeld
Wat is volgens alinea 1 de belangrijkste oorzaak voor het krimpen van de
aantallen rode eekhoorns?

Geef antwoord in het Nederlands.
--> Je markeert alinea 1.
--> Ze zoeken een belangrijke oorzaak/reden
--> er is een vermindering in het aantal rode eekhoorns
--> Je moet in eigen woorden in het Nederlands antwoorden



Slide 22 - Slide

This item has no instructions

According to paragraph 1, what is the main cause for the shrinkage of the
numbers of red squirrels? Answer in Dutch.

Slide 23 - Open question

This item has no instructions

Uitleg
De vraag was: Wat is volgens alinea 1 de belangrijkste oorzaak voor het krimpen van de aantallen rode eekhoorns?

Geef antwoord in het Nederlands.
- Signaalwoorden in de tekst: yet (r.2)
- Als we de zin die begint met yet gaan lezen zien we het woord predominantly, wat 'belangrijkste' betekent.

- De zin in zijn geheel laat zien dat er een virulent virus is dat zorgt voor het verdrijven van rode eekhoorns.

- Alle elementen van de vraag komen in deze zin terug. De oorzaak is dus een virus/besmettelijke ziekte.




Slide 24 - Slide

This item has no instructions

“Can an economist dig a hole without another filling it?” (title)
What is questioned in the title?
Explain in Dutch, in your own words.

Slide 25 - Open question

This item has no instructions

Uitleg 
De vraag was: “Can an economist dig a hole without another filling it?” (title). 

Wat wordt er in de titel in twijfel getrokken?
Leg het uit in je eigen woorden.
- Er is een citaat, dus dat is het uitgangspunt.
- Er wordt iets in twijfel getrokken.
- Als je de tekst leest, zie je in de zinsgedeelte "leads me to wonder"  regel 4 aanleiding geeft tot twijfel. 
Dit duidt op twijfel. We kunnen ervan uitgaan dat de reden achter die zin in dezelfde zin zal worden uitgelegd.
- Als we dat in onze eigen woorden zeggen, krijg je een antwoord dat te maken heeft met het nut/waarde/bestaansrecht van de economen.




Slide 26 - Slide

This item has no instructions

Gatenvragen
De vrees van menig leerling, maar stiekem niet zo moeilijk, als je de (signaal)woorden (her)kent.

Er zijn 2 soorten:
1: gatenvragen met signaal-/functiewoorden (kan een gatenvraag zijn, maar ook bijvoorbeeld 'hoe verhoudt deze alinea zich tot de vorige'.)
2: echte gatenvragen (stukjes tekst/delen van zinnen zijn weggelaten)



Slide 27 - Slide

This item has no instructions

Stappenplan: Signaal-/functiewoorden
Deze stappen loop je door van boven naar beneden
1. Titel, plaatje, intro bekijken voor de GROTE LIJN
2. Lees tot het gat + 1 zin
3. Zoek naar signaalwoorden en leestekens
4. Antwoorden verdelen in negatief/positief
5. Tegenstellingen zoeken in de antwoorden
6. GOKKEN op de GROTE LIJN














Slide 28 - Slide

Extra uitleg:
Weet wat de GROTE LIJN van de tekst is, zodat je het woord in die lijn kunt zoeken
Lees tot het gat + 1 zin want daar staat het antwoord. Let op de volgende complicaties:
Staan er WEL signaalwoorden in het antwoord, dan bekijk je de zin erVOOR en de zin met het gat. Daar vind je dan het antwoord.
Staan er geen signaalwoorden in de zin, dan staat de aanwijzing in de zin NA het gat.
Staat het gat in de laatste zin van de alinea dan moet je kijken of de 1e zin van de volgende alinea nuttig is. Hij is nuttig als hij begint met een SIGNAALWOORD of met THIS / THAT. Als dat NIET zo is gaat de volgende alinea over een ander onderwerp en moet je het antwoord dus ergens in de alinea ervoor vinden.
Signaalwoorden en leestekens hebben een functie. Kijk goed naar de voorbeelden zodat je weet waar het antwoord te vinden is:
dus…(gat)…. De reden wordt gegeven voor het gat
maar…(gat)… De tegenstelling van het gat wordt gegeven
…(gat): Na dubbele punt staat de inhoud van het gat
Als je na stap 1 t/m 3 het antwoord nog niet hebt gevonden, ga je door met stap 4. Verdeel de antwoorden in positieve en negatieve antwoorden en elimineer de onjuiste antwoorden.
Tegenstellingen in antwoorden vinden: let wel op de ontkenningen!
groot b) leuk c) klein d) koud
 Een van de twee tegenstellingen is het antwoord
6. Als je het na deze 5 stappen nog niet weet, kun je gokken op dat wat het meest past bij de grote lijn.

Voorbeeld
Antwoorden: A But then

                            B Instead
                            C Similarly
                            D Therefore
Voor het gat staat een voorbeeld van hoe beroemd Mr. Bean is. Hij wordt herkend in Frankrijk. Na het gat staat dat Mr. Bean herkend wordt door Chinezen. Het lijkt dus op een uitbreiding/opsomming.
Omdat ik mijn signaalwoorden heb geleerd weet ik nu dat het antwoord C moet zijn.


Slide 29 - Slide

This item has no instructions

Which of the following fits the gap in paragraph 4?
A
Consequently,
B
Moreover,
C
Similarly,
D
Yet,

Slide 30 - Quiz

to concoct = verzinnen
Uitleg
Answers:    A Consequently,
                       B Moreover,
                       C Similarly,
                       D Yet 

In de zin voor de gap staat dat we kritisch moeten zijn (raise concerns) over programma's waar autoriteiten en journalisten samenwerken.
In de zin na de gap staat dat de witch hunt (hier verwijzend naar de bovengenoemde samenwerking) juist genegeerd werd.
Dat wijst op een tegenstelling.
Omdat ik mijn signaalwoorden heb geleerd weet ik dat het antwoord D moet zijn. 


Slide 31 - Slide

This item has no instructions

Which of the following fits the gap in paragraph 2?
A
Obviously
B
In other words
C
Consequently
D
Yet

Slide 32 - Quiz

This item has no instructions

Uitleg
Answers:        A Obviously
                           B In other words
                           C Consequently
                           D Yet

- De zin vóór het gat wordt besproken door iemand die vindt dat mannen meer moeten blijven verdienen.
- De zin na het gat  bespreekt dat het einde van de mannelijke heerschappij nabij is.
- Er is hier sprake van een tegenstrijdigheid, dus antwoord D is juist.

Slide 33 - Slide

This item has no instructions

Echte gatenvragen
- Lees de zin voor de gap (eventueel iets meer dan 1 zin). Lees ook de zin na de gap.
- Kijk of in die zinnen signaalwoorden staan, liefst in de buurt van de gap.
- Nog niet genoeg? Kijk of je een tegenstelling van een positieve zin en een negatieve zin kunt vinden.
- Nog niet genoeg? Kijk of er een tegenstelling in de antwoorden te vinden is, bv. tussen A en B.
- Nog niet genoeg? Kies het antwoord dat het dichtst bij het onderwerp van de tekst ligt.

Slide 34 - Slide

This item has no instructions

Voorbeeld
Answers:   A annoying
                      B British
                      C funny
                      D international 
- In de zin voor de gap zie ik eerst een dubbele punt. Dat geeft hier een voorbeeld aan. Dan volgt een opsomming met het woordje and vlak voor de gap. We zoeken dus een woord dat in dat rijtje past.
- Achter de gap staat weer een dubbele punt. Na een opsomming levert dit meestal een conclusie op. Die conclusie is dat Mr. Bean steeds meer een symbool van Groot-Britannië wordt. Met die kennis blijkt de opsomming misschien wel een verzameling karaktertrekken van de Britten. Dat Britse moet echter wel nog echt benoemd worden. Dus is het antwoord B
 

Slide 35 - Slide

This item has no instructions

Which of the following fits the gap in the text?
A
has become unpopular
B
is no longer justifiable
C
is understandable
D
may finally catch on

Slide 36 - Quiz

This item has no instructions

Uitleg
Which of the following fits the gap in the text?
A has become unpopular
B is no longer justifiable
C is understandable
D may finally catch on
- We lezen voor de gap dat we geen nieuwe centrales hoeven te bouwen als we gewoon minder stroom gaan gebruiken.
- De zin erna, beschrijft de instelling dat men vindt dat je meer mag verspillen als je het kunt betalen. We zien hier een tegenstelling, dus antwoorden C en D passen al niet.
- A en B lijken te passen, en de stappen die in stappenplan staan helpen verder niet. Scannen we de tekst snel, dan zien we dat de auteur vindt dat de oude verspilling er niet meer bij hoort. (Is wasting energy a good eample to set?)
Het antwoord is dus B


Slide 37 - Slide

This item has no instructions

Which of the following fits the gap in paragraph 1?
A
numerous significant discoveries
B
our closer analysis of metadata
C
radical changes in the field
D
the ever-shrinking size of our focus

Slide 38 - Quiz

This item has no instructions

Uitleg 
Antwoorden: A numerous significant discoveries
                             B our closer analysis of metadata
                             C radical changes in the field
                             D the ever-shrinking size of our focus 

- In de zin vóór het gat zien we geen signaalwoorden. De daaropvolgende zin geeft er twee: Long ago, but now . Er is sprake van een tijdsverloop en van tegenstrijdigheid.
- Als we naar de inhoud kijken, zien we dat deze tekst betrekking heeft op de dimensies van wat wordt bestudeerd. Het wordt steeds kleiner.
Het juiste antwoord is dus D.



Slide 39 - Slide

This item has no instructions

Brieven
Ingezonden brieven hebben vaak een vaste vorm, die erg helpt.

Aanhef,
Aanleiding voor brief (in uw katern van 1/3 stond een artikel over)

Schrijver heeft er verstand van want…(Ik ben verpleegster en ik weet….)

Argumenten –> dat kan al zinvol zijn

Conclusie -> die is het belangrijkst

Dus: de focus op de tweede helft van de brief, hoe lager hoe beter!







Slide 40 - Slide

This item has no instructions

Ironie herkennen 
  • Positieve opmerkingen in een negatieve context:
            “Je hebt alleen maar onvoldoendes? Fijn gedaan, daar ben ik echt blij mee.”
  • Onderwerp lomp en onbenullig gebracht
  • Laatste zin van een tekst of (in mindere mate) van een alinea: De lollige uitsmijter.


Slide 41 - Slide

This item has no instructions

Ter conlusie
Om een voldoende te halen moet je woorden leren en strategieën kennen.





Weet wat CITO van je vraagt en je kunt genoeg vragen goed beantwoorden.

Oefening baart kunst.

Weet hoe je je woordenboek kunt gebruiken en neem het mee!!!

Signaalwoorden, signaalwoorden, signaalwoorden ;)
Heel veel succes!




Slide 42 - Slide

This item has no instructions