Strafrecht week 5 schulduitsluitingsgronden, rechtsbeginselen

periode 3 Strafrecht
1 / 18
next
Slide 1: Slide
PrivaatrechtMBOStudiejaar 1

This lesson contains 18 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 2 min

Items in this lesson

periode 3 Strafrecht

Slide 1 - Slide

Deze week
  • les 1: 
  • kort herhalen stof 5.3 en 5.4 :wederrechtelijkheid en verwijtbaarheid 
  • vragen 5.3 en 5.4?
  • nieuwe stopf: H 6.1

  • les 2:
  • nieuwe stof vervolg
  • maken huiswerk

Slide 2 - Slide

Wat is er blijven hangen, 5.3 en 5.4

  • opdracht: 
  • pak een papier en pen
  • Noteer zoveel mogelijk strafuitsluitingsgronden.
  • Verdeel ze in twee groepen.
  • kijk bij medeleerling, overleg en vul aan.
  • Zet er kort achter wat de strafuitsluitingsgrond inhoudt + wetsartikel

Slide 3 - Slide

De uitspraak van de Rechter is ?
  • bewezen gedrag strafbaar feit?
  • zie delictsomschrijving > bestanddelen bewijzen
  • niet allemaal bewezen > vrijspraak
  • wel bewezen  >  elementen aanwezig?  wederrechtelijkheid en schuld
  • ontbreken element = strafuitsluitingsgrond > OVAR
  • bestanddelen en elementen bewezen > Veroordeling

Slide 4 - Slide

Rechtvaardigingsgronden

  1. Noodweer (zelfverdediging) art.41 lid 1 Sr
  2. overmacht noodtoestand art.40 Sr
  3. Bevoegd ambtelijk bevel art.43 lid 1 Sr
  4. wettelijk voorschrift art 42 Sr
  5. ontbreken materiele wederrechtelijkheid (Vee-arts arrest)

Het gedrag in dit specifieke geval kan worden gerechtvaardigd.

Slide 5 - Slide

schulduitsluitingsgronden

  1. ontoerekeningsvatbaarheid art. 39 Sr gebrekkige ontwikkeling of ziekelijke stoornis
  2. Noodweerexces art.41 lid 2 Sr paniek over grens proportionaliteit.
  3.  onbevoegd bevoegd ambtelijk bevel art.43 lid 2 Sr
  4. psychische overmacht art.40 Sr druk van buitenaf, redelijkerwijs geen weerstand kunnen bieden
  5. Afwezigheid van Alle Schuld (AVAS)  Melk en Water arrest

Het gedrag blijft strafbaar, maar het is dader niet te verwijten.

Slide 6 - Slide

H6: materieel strafrecht

poging, deelnemingsvormen en straffen

Slide 7 - Slide

Inleiding
  •  Wanneer geldt de Nederlandse strafwet?

  • Nederlander steelt in Frankrijk een auto.
  • Amerikaan mishandelt een Spanjaard in Groningen.
  • Een Rus pleegt in India een aanslag op Koningin Maxima.

  • kijken adhv 4 beginselen

Slide 8 - Slide

6.1 Waar geldt WvSr?
  • "Geen feit is strafbaar dan uit kracht van een geldende strafbepaling"
  • legaliteitsbeginsel art. 1 Sr

  • Moet in wet staan, geldt ook voor toegekende staf.
  • geen terugwerkende kracht
  • UITZ! gunstigste bepaling geldt voor verdachte!

Slide 9 - Slide

Nederlander steelt in Frankrijk een auto.
Kan hij in NL worden vervolgd?
Nee, het feit vond plaats in FRa. Dus str.recht Fra
Ja, want hij is een Nederlander
Ja, diefstal is diefstal, dat mag nooit
Nee, Hij was op dat moment niet in NL

Slide 10 - Poll

6.1 Waar geldt WvSr?
  • Nationaliteits/personaliteitsbeginsel art. 7 Sr.

  • Geldt voor iedereen met Nederlandse Nationaliteit

Slide 11 - Slide

Amerikaan mishandelt een Spanjaard in Groningen. Kan hij in Nederland worden vervolgd?
Nee, geen Nederlander
Ja, het gebeurt in Nederland
Nee, Amerika geen EU
Ja, mishandeling mag nergens

Slide 12 - Poll

6.1 Waar geldt WvSr?
  • territorialiteitsbeginsel art 2 Sr.

  • Geldt voor iedereen die op Nederlands grondgebied (territorium) strafbaar feit pleegt.

  • art.3 Sr : geldt ook aan boord Nederland schip of vliegtuig

Slide 13 - Slide

Een Rus pleegt in India een aanslag op Koningin Maxima. Kan hij worden vervolgd in Nederland?
Nee, niet in NL, geen Nederlanders
Ja, gericht tegen NL,kan worden vervolgd
Nee, gewoon niet logisch

Slide 14 - Poll

6.1 Waar geldt WvSr?
  • universaliteitsbeginsel art 4 Sr.

  • Ernstige misdrijven geldt Nederlandse strafwet ALTIJD
  • volkerenmoord, terrorisme, misdaden tegen de menselijkheid (slavernij, uitroeiing, moord, deportatie/overbrengen van bevolking onder dwang)

Slide 15 - Slide

samenvattend:
4 beginselen:
  • legaliteitsbeginsel
  • personaliteitsbeginsel/nationaliteitsbeginsel
  • territorialiteitsbeginsel
  • universaliteitsbeginsel

Slide 16 - Slide

6.1 Tot slot
  • Elk land eigen stafwetten.
  • Strafbaar feit valt soms onder meerdere rechtsstelsels
  • uitleververdragen
  • vragen?

Slide 17 - Slide

Strafbaar feit
definitie
  • menselijke gedraging
  • die valt binnen de wettelijke delictsomschrijving
  • en!
  • die wederrechtelijk en
  • verwijtbaar is

Slide 18 - Slide