Miffy auf dem Fahrrad

Miffy auf dem Fahrrad
Lesen 
und 
Verstehen
BK 1 
1 / 38
next
Slide 1: Slide
DuitsMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 1

This lesson contains 38 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 40 min

Items in this lesson

Miffy auf dem Fahrrad
Lesen 
und 
Verstehen
BK 1 

Slide 1 - Slide

Lesen und Verstehen
Als je een boekje gaat lezen in een vreemde taal ken je natuurlijk nog niet alle woorden. 
Je hebt dit schooljaar al veel woorden geleerd, die woorden zul je herkennen. 
Voor de woorden die je niet kent kun je strategiën toepassen, dat zijn manieren om er achter te komen wat het woord betekent. 

Slide 2 - Slide

Strategiën bij Lesen 1
1. Soms staat er een afbeelding bij, gebruik die om te begrijpen waar de tekst over gaat. 
- Im Winter gehe ich gerne eislaufen
- Ich trage eine Mütze und 
Handschuhe
- Die Kanele sind zugefroren. 

Slide 3 - Slide

Strategiën bij Lesen 2
2. Lijkt het woord dat je niet kent op een woord in een andere taal? B.v. Garten (duits) --> Garden (engels)
dit woord betekent tuin

Freund - Friend - vriend 



Slide 4 - Slide

Strategiën bij Lesen 3
3. Kun je met behulp van de zin het woord raden? 

Mein Vogel wohnt in einem Käfig im Haus. Een logische plek voor je vogel om te wonen is een kooi

Heute essen wir Tomatensuppe, ich nehme einen Löffel und keine Gabel. Je eet soep met een lepel, niet met een vork. 

Slide 5 - Slide

Strategiën bij Lesen 4
4. En soms heb je het woord(je) ook niet nodig om het verhaal te begrijpen en kun je gewoon verder lezen. 

Ich gehe mal mit meiner Schwester Fußball spielen. 


Slide 6 - Slide

Strategiën bij Lesen 
1. Soms staat er een afbeelding bij, gebruik die om te begrijpen waar de tekst over gaat. 
2. Lijkt het woord dat je niet kent op een woord in een andere taal? B.v. Garten (duits) --> Garden (engels)
3. Kun je met behulp van de zin het woord raden? 
Mein Vogel wohnt in einem Käfig im Haus. Een logische plek voor je vogel om te wonen is een kooi
4. En soms heb je het woord(je) ook niet nodig om het verhaal te begrijpen en kun je gewoon verder lezen

Slide 7 - Slide

Welke strategie gebruik je al om woorden die je niet kent te vertalen?
Naar de afbeelding kijken?
Lijkt het op een andere taal die ik ken?
Naar de context kijken?
Ik sla het woord gewoon over.

Slide 8 - Poll

Wo arbeitest du?
- Ich bin Koch in einem Restaurant.
Wat betekent Koch?
A
kok
B
ober
C
afwasser
D
tafel

Slide 9 - Quiz

Wieso? (waarom?)
Je gebruikt de context. Iemand werkt in een restaurant, hij is dan vermoedelijk kok. 

Kok lijkt ook op het woord Koch. 

Slide 10 - Slide

Was ist dein Hobby?
- Wir gehen gern reiten.
Wat betekent reiten?
A
hockeyen
B
zwemmen
C
fietsen
D
paardrijden

Slide 11 - Quiz

Wat betekent dit? 
Je hebt misschien zelf
vroeger deze boekjes
gehad. 
Gebruik deze
kennis. 

Slide 12 - Slide

Dit boek is van:  
gehören 
hoort bij 

Slide 13 - Slide

wanneer speelt het verhaal zich af?

Slide 14 - Slide

Wanneer speelt het verhaal zich af?
A
nu. Nijntje maakt het vandaag mee.
B
vroeger. Nijntje heeft dit gister gedaan.
C
in de toekomst. Nijntje wil dit graag doen als ze groot is.

Slide 15 - Quiz

Slide 16 - Slide

Wat betekent 'Wiesen'?

Slide 17 - Open question

Slide 18 - Slide

Kennis + afb
Veel woorden kun je 
uit de afbeelding halen. 
Sommige woorden 
(her)ken je. 

Maar wat is Teich? (invullen op volgende dia)

Slide 19 - Slide

Wat betekent Teich?

Slide 20 - Open question

Slide 21 - Slide

Wat betekent Bäume?

Slide 22 - Open question

hinauf 

Slide 23 - Slide

wat betekent hinauf?
A
omhoog
B
naar achter
C
naar beneden
D
opzij

Slide 24 - Quiz

Slide 25 - Slide

Slide 26 - Slide

heim

Slide 27 - Slide

ongeluk? 

Slide 28 - Slide

Valt Nijntje echt?
A
ja, ze valt
B
ja, ze doet haar knie pijn
C
nee, ze valt vandaag niet

Slide 29 - Quiz

Slide 30 - Slide

Slide 31 - Slide

Wat doet Nijntje?

Slide 32 - Slide

Wat doet Nijntje nu, waarom?

Slide 33 - Open question

Radeln

Slide 34 - Slide

Wat betekent Radeln?

Slide 35 - Open question

Buch gelesen
We hebben nu samen een boekje gelezen. 
Met behulp van de strategiën heb je hopelijk veel van de tekst kunnen begrijpen. 
Hoe vond je het om een verhaaltje te kunnen lezen? 

Slide 36 - Slide

Hoe vond je het om een duits boekje te lezen?
Leuk! Ik begreep al heel veel.
Makkelijk, daarom een beetje saai.
Moeilijk, ik (her)kende niet veel woorden.
Het ging goed vanwege de strategiën.
Stom, ik doe liever grammatica oefeningen.

Slide 37 - Poll

Tschüss 
Bis nächste Stunde - tot de volgende les

Slide 38 - Slide