Les 7: Oost en west

Les 7: Oost en West
1 / 34
next
Slide 1: Slide
KunstMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

This lesson contains 34 slides, with interactive quizzes, text slides and 5 videos.

time-iconLesson duration is: 40 min

Items in this lesson

Les 7: Oost en West

Slide 1 - Slide

Leerdoelen

  • Je kent het doel van een pelgrimsreis en kan deze beschrijven.​
  • Je kent het doel van een kruistocht en kan deze beschrijven. ​
  • Je kent het doel van een zijderoute en kan deze beschrijven.​
  • Je kan de invloed van zijderoutes (en handel) op het ontstaan van Byzantijnse kunst benoemen.​
  • Je kan de belangrijkste voorstellings- & vormgevingskenmerken van Byzantijnse kunst aanwijzen en benoemen. 

Slide 2 - Slide

Pelgrimsreizen
  • Tochten naar heilige oorden (naar belangrijke relieken) volgens vaste route.​
  • Goed voor religie, cultuur en economie in de steden langs de route.​
  • Reden: boetedoening, vergeving zonden.
  • ​Belangrijk voor in het in stand houden en verspreiden van het christendom (net als kruistochten later)
  • Santiago de Compostela = reisdoel voor pelgrims (nog steeds!): reliek van apostel Jacobus 

Slide 3 - Slide

Herhaling: relieken
  • Pelgrimstochten: pelgrims bezoeken plaatsen waar resten zijn van heiligen (= relieken)
  • Een reliek geeft kracht, genezing en/of vergeving van schuld. 
  • Relieken worden vaak bewaard en getoond in luxe kistjes: reliekschrijnen.
  • Primaire relieken: stoffelijk overschot van de heilige.​
  • Secundaire relieken: voorwerpen die de heilige heeft aangeraakt. ​


In de heilige oorden van een pelgrimsreis te vinden.


Slide 4 - Slide

Moorse cultuur 
  • Arabieren (Moren) veroveren in 8ste eeuw het Midden-Oosten, groot deel van Spanje & Portugal en delen van Noord-Afrika. In Spanje worden moskeeën gebouwd.
  • Gevolg: uitwisseling tussen lokale (Spaanse) en Arabische cultuur​ (o.a. papier en het decimale getallenstelsel hebben we te danken aan de Arabieren!)
  • Reconquista: rond 1000 begint de ‘herovering’ van Spanje en Portugal door christenen --> moskee Córdoba wordt kerk
Mezquita (moskee), Córdoba, Zuid-Spanje 

Slide 5 - Slide

De zuilen van de moskee komen uit oude Romeinse gebouwen. 
De moskee telt 544 zuilen --> doolhof! 
Dubbele boog boven de zuilen (want die waren wat kort).

Slide 6 - Slide

Bekijk de video maak daarna de vragen
Córdoba = stad in Zuid-Spanje
Iberian peninsula = Iberisch schiereiland (= Spanje & Portugal)
horseshoe-arch: boog in de vorm van hoefijzer
column = zuil

Slide 7 - Slide

Slide 8 - Video

Beantwoord de volgende vragen. Bekijk de video eventueel meerdere keren.

1. Welke elementen van het gebouw (Mezquita) doen Arabisch aan?
2. Welke elementen doen plaatselijk (West-Europees) aan?
3. Welke bouwstijlen zijn terug te vinden in de Mezquita (noem er minimal 3)?
4. Geef van minstens 2 van de genoemde stijlen bij vraag 3 aan waaraan je dat ziet.

Slide 9 - Open question

Slide 10 - Slide

Onderste boog heeft hoefijzervorm (= Moors kenmerk). 
Ander kenmerk: geometrische decoraties. (geen mensen, dieren enz. afgebeeld)

Slide 11 - Slide

Slide 12 - Video

Kruistochten (1096 tot 1291)
  • Doel: het heilig land (Palestina) veroveren op de Islam.
  • Ook: verspreiding christelijk geloof, uitbreiding land en macht.​
  • Tochten hadden een militair karakter.​
  • Motivatie: zie pelgrimstochten. Deelname = de ultieme aflaat.
  • Economisch belang: handel tussen Oosten en West-Europa. 
  • Leverden de kerk veel geld / land / bezit op: veel kruisvaarders waren rijk. Velen overleefden de tocht niet en hadden de kerk als erfgenaam.
  • Zorgde voor verspreiding nieuwe producten in Europa: bv. rijst, parels, rietsuiker, papier, zijde.​
  • Verspreiding nieuwe kennis in Europa: algebra, geneeskrachtige kruiden, geografie, sterrenkunde en over de andere culturen en volken. (De Arabische beschaving stond op een veel hoge niveau dan de West-Europese in de ME.)

Slide 13 - Slide

Slide 14 - Video

Handelsroutes waarin handel plaatsvindt in zijde en alles wat exotisch is: specerijen, dure kleurstoffen, papier, olifanten. Van invloed op het ontstaan van Byzantijnse kunst.​
Zijde-routes

Slide 15 - Slide

Byzantijnse rijk
500 - 1453 
  • Na het uiteenvallen van het West-Romeinse rijk, blijft het Oost-Romeinse bestaan (= Byzantijnse rijk)

  • 330: Byzantium = hoofdstad Romeinse Rijk.   Keizer Constantijn hernoemt de stad: Constantinopel (nu: Istanbul)
  • 1453 verovering door Turken.
  • Niveau vakkennis en wetenschap blijft op peil --> klassieke geschriften bleven in het Byz. rijk (i.t.t. West-Europa) wel bewaard!
  • Ravenna (Italië) = ook belangrijke Byz. stad.

Slide 16 - Slide

Venetië
  • Belangrijke stad die West-Europa over zee en land middels zijderoute verbindt met Constantinopel, Egypte, India en China.​

  • San Marco-kathedraal laat de band tussen Venetië en oosterse steden zien.​
  • Gebouwd naar voorbeeld van Byzantijnse kerken in Constantinopel. ​
  • Plattegrond: Byzantijns kruis. ​
  • Combinatie van kleurrijke marmersoorten,​ bladgoud en mozaïeken.
San Marco Kathedraal, Venetië

Slide 17 - Slide

Slide 18 - Slide

Slide 19 - Video

Marco Polo
  • Van 1271 tot 1295 maakt deze Venetiaanse handelaar / ontdekkingsreiziger een lange reis langs de zijderoute.​
  • Beschreven in 'Il Milione' (De wonderen van de Oriënt).
  • Boek zorgde voor verspreiding kennis van oosterse culturen.

Slide 20 - Slide

Slide 21 - Slide

Benoem van de San Marco-kathedraal één aspect dat afkomstig is uit de plaatselijke (Europese) cultuur en één aspect dat afkomstig is uit de Byzantijnse cultuur.


Slide 22 - Open question

Byzantijnse kunst
Kenmerken​:

  • Veel goud
  • Mozaïeken
  • Verhalende beeldtaal die we herkennen van de ME in Europa.​
  • Oudgriekse en Romeinse invloeden i.c.m. met Arabische en ​Oosterse.​
  • Symmetrisch
  • Iconen: afbeeldingen van Christus, Maria, heilige. 

Slide 23 - Slide

Afbeelding bij vraag 1

Slide 24 - Slide

Vraag 1.1

In de Hagia Sophia kun je dit mozaïek bewonderen (zie vorige slide): een voorstelling van Christus op zijn troon, met keizer Constantijn IX en keizerin Zoë naast hem.

Noem twee aspecten waaruit je kunt afleiden dat de figuur van Christus op dit mozaïek het belangrijkst is.

Slide 25 - Open question

Vraag 1.2

De keizer en keizerin ontlenen hun keizerlijke macht en status aan de tronende Christus.

A. Noem twee aspecten van het mozaïek waaruit je dat afleidt.
B. Noem twee manieren waarop in het mozaïek dieptewerking tot stand is gebracht.

Slide 26 - Open question

Vraag 1.3

De voorstelling is aangebracht op een gouden achtergrond. In welk opzicht verhoogt de gouden achtergrond de religieuze zeggingskracht?

Slide 27 - Open question

Afbeelding bij vraag 2

Slide 28 - Slide

Vraag 3.1

Dit is de mozaïek van Keizerin Theodora in de San Vitale. De keizerin is de figuur in het lange bruine gewaad. Zij trekt de meeste aandacht in de groep.

Noem vier redenen waarom zij de meeste aandacht trekt.

Slide 29 - Open question

Vraag 3.2

De kleding van de figuren heeft plooien, waardoor de figuren enigszins plastisch lijken. Dat ruimtelijke effect in de kleding wordt echter weer tenietgedaan. De kleding lijkt toch tamelijk plat.

Waardoor lijkt de kleding tamelijk plat?

Slide 30 - Open question

Vraag 3.3

De voorstelling suggereert dat het om een bijzonder of plechtig moment gaat.

Waaruit leid je dat af? Noem twee redenen.

Slide 31 - Open question

Klaar? 
- Begin vast aan je huiswerk:
LZ en samenvatten TB blz. 28, 29 
M WB opd. 12, 14 (blz. 16, 17) 

- Maak je presentatie af (en lever in!): iedereen die nog niet geweest is, is volgende week!

- Kijk je huiswerk van deze week na met het antwoordmodel

- Verdiep je vast in de toetsstof (zie periodeplanner)

Slide 32 - Slide

Opdrachten
Maak in tweetallen de opdrachten 'Byzantijnse kunst’.​ 
Volgende week nabespreken!

Lees eerst de info op de volgende slide
timer
10:00

Slide 33 - Slide

Slide 34 - Video